Alle wetboeken › WER

BOEK XX - Insolventie van de ondernemingen

TITEL V/II - Overdracht onder gerechtelijk gezag

XX.84–XX.97

Art. XX.84

§ 1.De overdracht onder gerechtelijk gezag van het geheel of een gedeelte van de activiteiten van een onderneming kan door de rechtbank bevolen worden teneinde een efficiënte vereffening van de rechtspersoon of van het patrimonium van de onderneming bedoeld in artikel I.1.1°, a), te verzekeren. De schuldenaar kan deze overdracht vragen, ofwel in het initieel verzoekschrift, ofwel later op elk ogenblik in de loop van de procedure.

Als de schuldenaar in de loop van de procedure... een overdracht onder gerechtelijk gezag vraagt, worden de vertegenwoordigers van het personeel in de ondernemingsraad of, indien er geen is, in het comité voor preventie en bescherming op het werk, of, indien er geen is, de vakbondsafvaardiging, of, indien er geen is, een werknemersafvaardiging gehoord.

§ 2.Dezelfde overdracht kan op dagvaarding van de procureur des Konings, van een schuldeiser of van eenieder die een belang heeft om het geheel of een gedeelte van de onderneming te verwerven, bevolen worden:

1°wanneer de schuldenaar zich in staat van faillissement bevindt zonder een procedure van gerechtelijke reorganisatie te hebben aangevraagd;

2°wanneer de rechtbank de vordering tot het openen van de procedure met toepassing van artikel XX.46 verwerpt, er de vroegtijdige beëindiging van beveelt met toepassing van artikel XX.62 of het reorganisatieplan intrekt met toepassing van artikelen XX.83, XX.83/21 of XX.83/41;

3°wanneer de schuldeisers het reorganisatieplan niet goedkeuren met toepassing van artikelen XX.78, XX.83/12 of XX.83/34;

4°wanneer de rechtbank de homologatie van het reorganisatieplan weigert met toepassing van artikelen XX.79, XX.83/15 of XX.83/35.

De vordering tot overdracht kan ingesteld worden in de dagvaarding die strekt tot de voortijdige beëindiging van de procedure tot reorganisatie of de intrekking van het reorganisatieplan, of in een afzonderlijk exploot gericht tegen de schuldenaar.

§ 3.Wanneer zij de overdracht beveelt in hetzelfde vonnis als dit waarin zij het verzoek tot opening van de procedure van gerechtelijke reorganisatie verwerpt, de voortijdige beëindiging ervan beveelt, het reorganisatieplan intrekt of de homologatie weigert, oordeelt de rechtbank op verslag van de gedelegeerd rechter en gelast zij hem verslag uit te brengen over de uitvoering van de overdracht.

Wanneer hij de overdracht beveelt in een ander vonnis dan dit waarbij de opschorting wordt beëindigd, wijst de rechtbank een rechter in de rechtbank, de voorzitter uitgezonderd, of een rechter in ondernemingszaken aan om verslag uit te brengen over de uitvoering van de overdracht.

§ 4....

Art. XX.85

Het vonnis dat de overdracht beveelt, wijst een vereffeningsdeskundige aan die wordt gelast met het organiseren en realiseren van de overdracht in naam en voor rekening van de schuldenaar. Het bepaalt of de overdracht betrekking heeft op het geheel van de activa en activiteiten van de schuldenaar dan wel op een deel ervan. In dit laatste geval, preciseert het vonnis het voorwerp van de overdracht of laat die bepaling over aan het oordeel van de vereffeningsdeskundige.

Indien de overdracht betrekking heeft op een onderneming bedoeld in artikel I.1.14°, wijst de rechtbank ten minste één vereffeningsdeskundige aan die lid is van de Orde of Instituut, op basis van de lijst bedoeld in artikel XX.20, waartoe de beroepsbeoefenaar bij de overdracht betrokken behoort.

De rechtbank kan, in hetzelfde vonnis, een bijkomende opschorting bevelen voor niet meer dan vier maanden te rekenen van haar beslissing, met de gevolgen bepaald in de artikelen XX.50 tot XX.58.

Het vonnis wordt bij uittreksel bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad door toedoen van de aangewezen vereffeningsdeskundige.

Art. XX.86

§ 1.Onverminderd de bepalingen van dit boek verduidelijkt een collectieve arbeidsovereenkomst die gesloten is in de Nationale Arbeidsraad en algemeen verbindend verklaard is door de Koning de nadere regels voor de overdracht van de rechten en verplichtingen van de werknemers die betrokken zijn bij een overdracht van onderneming onder gerechtelijk gezag.

§ 2.De in paragraaf 1 bedoelde collectieve arbeidsovereenkomst regelt:

1°de informatieverstrekking aan de bij de overdracht onder gerechtelijk gezag betrokken werknemers, indien er in de onderneming noch een ondernemingsraad noch een vakbondsafvaardiging is;

2°de informatie die de vereffeningsdeskundige moet overmaken aan de verkrijger en de betrokken werknemers op basis van de gegevens die de schuldenaar moet verstrekken;

3°het behoud van de rechten en verplichtingen van de bij een overdracht onder gerechtelijk gezag betrokken werknemers, met inbegrip van de afwijkingsmogelijkheden hierop;

4°de keuze van de werknemers die zullen worden overgenomen;

5°de nadere regels voor het sluiten van een overeenkomst van voorgenomen overdracht tussen de schuldenaar of de vereffeningsdeskundige en de verkrijger, alsook de inhoud van deze overeenkomst aangaande de rechten en de verplichtingen van de overgenomen werknemers;

6°het lot van de schulden jegens de overgenomen werknemers.

§ 3.De keuze van de werknemers die zullen worden overgenomen, behoort aan de verkrijger.

De keuze van de verkrijger moet worden bepaald door technische, economische en organisatorische redenen en moet gebeuren zonder verboden differentiatie.

Bij het verlenen van de machtiging bedoeld in artikel XX.89 controleert de rechtbank de motivering van de keuze van de verkrijger met betrekking tot de verschillende categorieën werknemers. Indien de motivering niet behoorlijk is, kan de rechtbank de overdracht weigeren.

Inzonderheid de werknemersvertegenwoordigers in de overgedragen onderneming of het overgedragen gedeelte van de onderneming mogen niet anders worden behandeld, alleen vanwege de activiteit uitgeoefend als werknemersvertegenwoordiger in de overgedragen onderneming of het overgedragen gedeelte van de onderneming.

Behoudens bewijs van het tegendeel wordt de afwezigheid van verboden differentiatie geacht bewezen te zijn indien de voor de overdracht onder gerechtelijk gezag bestaande verhouding tussen de werknemers van de overgedragen onderneming of het overgedragen gedeelte van de onderneming en hun vertegenwoordigers in de organen van die onderneming of dat gedeelte van de onderneming na de overdracht behouden blijft.

§ 4.De in paragraaf 1 bedoelde collectieve arbeidsovereenkomst kan de verkrijger en de overgenomen werknemer toestaan om de individuele arbeidsovereenkomst op het ogenblik van de overdracht onder gerechtelijk gezag te wijzigen, voor zover de aangebrachte wijzigingen hoofdzakelijk verband houden met technische, economische of organisatorische redenen.

§ 4/1.Als de offerte uitgaat van een persoon bedoeld in artikel XX.87, § 2, moet de verkrijger dit feit in de offerte vermelden.

§ 5.De verkrijger, de schuldenaar of de vereffeningsdeskundige kan, bij verzoekschrift dat wordt gericht aan de arbeidsrechtbank van de... zetel of de hoofdinrichting van de schuldenaar, de homologatie vragen van de in paragraaf 2, 5°, bedoelde overeenkomst van voorgenomen overdracht.

De arbeidsrechtbank gaat na of de ondertekenende partijen de wettelijke voorwaarden vervuld hebben en of de openbare orde werd nageleefd.

De rechtbank spreekt zich bij hoogdringendheid uit, na de vertegenwoordigers van de werknemers en de verzoeker te hebben gehoord.

§ 6.Als de homologatie wordt verleend, kan de verkrijger tot geen andere schulden en verplichtingen worden gehouden dan die welke voorkomen in de overeenkomst waarvan de homologatie is aangevraagd. Het implementeren van de wijzigingen in de arbeidsvoorwaarden die collectief zijn overeengekomen of worden toegepast, is onderworpen aan de opschortende voorwaarde van het sluiten van een collectieve arbeidsovereenkomst die de bewoordingen ervan overneemt.

Art. XX.87

§ 1.De aangewezen vereffeningsdeskundige organiseert en verricht de door de rechtbank bevolen overdracht.

Hij zoekt en wint offertes in en waakt bij voorrang over het behoud van het geheel of een gedeelte van de activiteit van de onderneming, rekening houdend met de rechten van de schuldeisers.

Hij kiest voor de verkoop of de overdracht, openbaar of uit de hand, in welk geval hij in zijn offerteaanvraag de door de bieders te volgen procedure vaststelt. Hij bepaalt inzonderheid de uiterste termijn waarbinnen de offertes hem moeten worden bezorgd en waarna geen enkele nieuwe offerte in aanmerking kan worden genomen. Indien hij voornemens is een offerte mee te delen aan andere bieders teneinde ervoor te zorgen dat één keer of verschillende keren hoger wordt geboden, maakt hij daarvan melding en verduidelijkt hij de wijze waarop dat opbod zal worden georganiseerd. Hij geeft aan, in voorkomend geval, welke waarborgen inzake werkgelegenheid en betaling van de verkoopprijs, alsook welke financiële ondernemingsplannen en projecten moeten medegedeeld worden. Opdat een offerte in aanmerking zou kunnen worden genomen, moet de geboden prijs voor alle verkochte of overgedragen activa gelijk zijn aan of hoger zijn dan de vermoedelijke waarde van gedwongen tegeldemaking in geval van faillissement of vereffening.

§ 2.Ingeval een offerte uitgaat van personen die controle op de onderneming uitoefenen of hebben uitgeoefend gedurende zes maanden voorafgaand aan de opening van de procedure, en die rechtstreeks of onrechtstreeks de controle hebben over rechten die noodzakelijk zijn voor de voortzetting van haar activiteiten, kan die offerte slechts in aanmerking worden genomen op voorwaarde dat die rechten onder dezelfde voorwaarden toegankelijk zijn voor de andere bieders.

§ 3.De kandidaat-bieder kan één of meer lopende overeenkomsten aanwijzen die niet intuitu personae zijn gesloten tussen de schuldenaar en één of meer medecontractanten die hij integraal wenst over te nemen met inbegrip van uitstaande schulden, indien zijn offerte wordt aanvaard. In dat geval zal, indien de verkoop doorgaat overeenkomstig artikel XX.90, de betrokken bieder van rechtswege in de plaats worden gesteld van de schuldenaar in de door hem aangewezen overeenkomsten, zonder dat de medecontractant zijn toestemming dient te verlenen. Uitstaande schulden voortvloeiend uit de aldus aangewezen overeenkomsten, die de koper ten laste neemt, worden niet beschouwd als onderdeel van de prijs bedoeld in paragraaf 1, derde lid.

§ 4.De aangewezen vereffeningsdeskundige stelt een of meer ontwerpen van gelijktijdige of opeenvolgende verkopen op, met vermelding van de stappen die hij heeft ondernomen, de voorwaarden van de voorgenomen verkoop en de rechtvaardiging van zijn ontwerpen, en voegt hij voor elke verkoop een ontwerp van akte bij.

Hij legt de ontwerpen in het register neer en deelt daarenboven zijn ontwerpen mee aan de gedelegeerd rechter en aan de schuldenaar en, bij verzoekschrift op tegenspraak, waarvan minstens acht dagen voor de zitting kennis wordt gegeven aan de schuldenaar, vraagt hij aan de rechtbank de machtiging om te kunnen overgaan tot de uitvoering van de verkoop.

§ 5.De rechtbank neemt geen enkele offerte of offertewijziging na dat verzoekschrift in aanmerking.

Art. XX.88

§ 1.Wanneer de verkoop betrekking heeft op onroerende goederen en het ontwerp voorziet in de openbare verkoop ervan, vindt deze plaats overeenkomstig artikel 1193 van het Gerechtelijk Wetboek, door het ambt van de notaris aangesteld door de rechtbank.

§ 2.Wanneer de verkoop betrekking heeft op onroerende goederen en de vereffeningsdeskundige voor een verkoop uit de hand kiest, legt hij de rechtbank een ontwerp van verkoopakte voor, opgesteld door een door hem aangestelde notaris, onder opgave van de redenen waarom de verkoop uit de hand geboden is. Hij voegt hierbij een schattingsverslag, opgemaakt door de deskundige aangewezen door de notaris die de ontwerpakte heeft opgesteld, evenals een getuigschrift van de Algemene Administratie van de patrimoniumdocumentatie dat dateert van na de opening van de reorganisatieprocedure en dat melding maakt van de bestaande inschrijvingen en van elke overschrijving van bevelen of beslagen op de genoemde onroerende goederen. Het ontwerp en zijn bijlagen worden in het register neergelegd.

De ingeschreven hypothecaire schuldeisers, de ingeschreven bevoorrechte schuldeisers, desgevallend de in het Pandregister geregistreerde schuldeisers, de schuldeisers die een bevel of een beslagexploot hebben doen overschrijven en zij die een vordering ingesteld krachtens artikel 5.243 van het Burgerlijk Wetboek hebben laten kantmelden, moeten ten minste acht dagen voor de zitting bij gerechtsbrief worden opgeroepen. Zij kunnen van de rechtbank vorderen dat de machtiging om uit de hand te verkopen afhankelijk wordt gesteld van bepaalde voorwaarden zoals een minimumverkoopprijs.

In alle gevallen, vindt de verkoop plaats overeenkomstig het ontwerp goedgekeurd door de rechtbank en door het ambt van de notaris die het ontwerp heeft opgesteld.

§ 3.Wanneer onroerende goederen in mede-eigendom toebehoren aan de schuldenaar en aan andere personen, kan de rechtbank op verzoek van de vereffeningsdeskundige, de verkoop van de onverdeelde onroerende goederen bevelen. De ingeschreven hypothecaire schuldeisers, de ingeschreven bevoorrechte schuldeisers, desgevallend de in het Pandregister geregistreerde schuldeisers, de schuldeisers die een bevel of een beslagexploot hebben doen overschrijven en zij die een vordering ingesteld krachtens artikel 5.243 van het Burgerlijk Wetboek hebben laten kantmelden, alsook de schuldenaar en de andere mede-eigenaars dienen ten minste acht dagen voor de zitting bij gerechtsbrief tot de machtigingsprocedure te worden opgeroepen. De verkoop vindt in dat geval plaats op verzoek van de vereffeningsdeskundige alleen.

In geval van akkoord van alle mede-eigenaars aangaande de verkoop van het onverdeeld onroerend goed, kan de rechtbank de verkoop machtigen, op gezamenlijk verzoek van de vereffeningsdeskundige en de andere mede-eigenaars, nadat de ingeschreven hypothecaire schuldeisers, de ingeschreven bevoorrechte schuldeisers, desgevallend de in het Pandregister geregistreerde schuldeisers, de schuldeisers die een bevel of een beslagexploot hebben doen overschrijven en zij die een vordering ingesteld krachtens artikel 5.243 van het Burgerlijk Wetboek hebben laten kantmelden, evenals de schuldenaar ten minste acht dagen voor de zitting bij gerechtsbrief werden opgeroepen.

§ 4.Wanneer de verkoop betrekking heeft op roerende goederen, met inbegrip van een handelszaak, en de vereffeningsdeskundige ervoor kiest om uit de hand te verkopen, dienen de schuldeisers die hun zekerheden hebben laten inschrijven of registreren ten minste acht dagen voor de zitting bij gerechtsbrief bij de machtigingsprocedure te worden opgeroepen. Zij kunnen van de rechtbank vorderen dat de machtiging om uit de hand te verkopen afhankelijk wordt gesteld van bepaalde voorwaarden zoals een minimumverkoopprijs.

§ 5.Het vonnis vermeldt steeds de identiteit van de schuldeisers en mede-eigenaars die bij de procedure werden opgeroepen.

Art. XX.89

§ 1.Op verslag van de gedelegeerd rechter machtigt de rechtbank, waarbij de zaak overeenkomstig artikel XX.87 aanhangig werd gemaakt, de voorgenomen verkoop als zij voldoet aan de in paragraaf 1 van dat artikel vastgestelde voorwaarden. Indien er verscheidene vergelijkbare offertes van potentiële kopers zijn, geeft de rechtbank de voorkeur aan de offerte die het behoud van de werkgelegenheid garandeert door een sociaal akkoord.

De rechtbank hoort de vertegenwoordigers van het personeel in de ondernemingsraad, of, indien er geen is, in het comité voor preventie en bescherming op het werk, of, indien er geen is, de vakbondsafvaardiging, of, indien er geen is, een werknemersafvaardiging.

§ 2.Een ontwerp van verkoop kan verschillende voorstellen in aanmerking nemen van verschillende kandidaat-kopers.

Art. XX.90

Het vonnis dat de verkoop toestaat, wordt bij uittreksel bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad en medegedeeld aan de schuldeisers door toedoen van de met de overdracht gelaste vereffeningsdeskundige, met vermelding van de naam van de aangestelde notaris of van de door de rechtbank aangewezen gerechtsdeurwaarder.

De zaak in hoger beroep wordt behandeld, bij hoogdringendheid, op de inleidingszitting of op een nabijgelegen zitting, de gedelegeerd rechter wordt gehoord in zijn verslag....

Indien de koper de overdracht wenst uit te voeren niettegenstaande hoger beroep verleent de vereffeningsdeskundige daaraan zijn volledige medewerking zonder dat deze de aansprakelijkheid draagt bedoeld in artikel 1398 van het Gerechtelijk Wetboek.

Art. XX.91

De verkoop gebeurt overeenkomstig het ontwerp dat door de rechtbank is aanvaard.

Wanneer de verkoop betrekking heeft op roerende goederen en het ontwerp in de openbare verkoop ervan voorziet, wijst het vonnis de gerechtsdeurwaarder aan die belast wordt met de verkoop en de prijs ervan in ontvangst zal nemen. Deze prijs wordt geïnd door de door de rechtbank aangewezen vereffeningsdeskundige en vervolgens verdeeld met inachtneming van de wettige redenen van voorrang.

De vereffeningsdeskundige nodigt alle op de in artikel XX.41, § 2, eerste lid, 7°, bedoelde lijst vermelde schuldeisers uit aangifte te doen in het register, met uitzondering van de schuldeisers waarvan hij vaststelt dat zij niet in aanmerking zullen komen voor enige uitkering.

De vereffeningsdeskundige provisioneert het bedrag vereist voor de afwikkeling van de gerechtelijke vereffening of van het faillissement.

Art. XX.92

Door de verkoop van de roerende of onroerende goederen gaan de rechten van de schuldeisers over op de prijs. De verkoop is zuiverend.

Art. XX.93

Wanneer de aangewezen vereffeningsdeskundige van oordeel is dat alle voor overdracht vatbare activiteiten overgedragen zijn, en in elk geval voor het einde van de opschorting, vraagt hij aan de rechtbank bij tegensprekelijk verzoekschrift gericht aan de schuldenaar en in voorkomend geval aan de eiser tot overdracht onder gerechtelijk gezag, dat zij de procedure afsluit en dat zij hem ontlast van zijn opdracht.

Art. XX.93/1

§ 1.De partijen worden bij gerechtsbrief voor de rechtbank opgeroepen om te verschijnen binnen een termijn van acht dagen na de neerlegging in het register van het in artikel XX.93 bedoelde verzoekschrift. De gerechtsbrief vermeldt dat het verzoekschrift is neergelegd in het register, dat de schuldenaar gehoord zal worden tijdens een zitting waar de vereffeningsdeskundige ontlast zal worden van zijn opdracht en waar het faillissement of de gerechtelijke vereffening van de schuldenaar zal kunnen uitgesproken worden.

De rechtbank oordeelt op verslag van de gedelegeerd rechter, na de schuldenaar en de vereffeningsdeskundige te hebben gehoord. De belanghebbende die een vordering tot overdracht heeft ingesteld wordt eveneens gehoord.

De rechtbank die vaststelt dat de voorwaarden van het faillissement vervuld zijn, spreekt het faillissement uit van de schuldenaar overeenkomstig artikel XX.100. Hij wijst als rechter-commissaris de gedelegeerd rechter die opgetreden is in het kader van de overdracht aan en benoemt als curator de vereffeningsdeskundige die tijdens de overdracht is opgetreden, tenzij deze niet de hoedanigheid had van curator. In dit laatste geval benoemt de rechtbank een curator die nog niet als vereffeningsdeskundige is opgetreden in de overdracht.

De rechtbank kan eveneens, hetzij op verzoek van de schuldenaar hetzij als het algemeen belang dit vereist en een gerechtelijke vereffening niet kennelijk strijdt met het belang van de schuldeisers, de gerechtelijke vereffening bevelen van de schuldenaar rechtspersoon en de voor de opdracht aangewezen vereffeningsdeskundige als vereffenaar aanstellen.

§ 2.De vereffeningsdeskundige die niet aangesteld is als curator of vereffenaar, draagt de opbrengst van de overdrachten over aan de curator of de vereffenaar voor verdeling.

Art. XX.94

Als de schuldenaar failliet of in staat van gerechtelijke vereffening wordt verklaard vooraleer de vereffeningsdeskundige zijn opdracht volledig heeft vervuld, verzoekt de vereffeningsdeskundige de rechtbank hem van zijn opdracht te ontlasten. De rechtbank kan beslissen, op verslag van de gedelegeerd rechter, dat de vereffeningsdeskundige nog bepaalde opdrachten kan voltooien. De vereffeningsdeskundige draagt in elk geval de opbrengst van de overdrachten over aan de curator of de vereffenaar voor verdeling.

Het ereloon van de vereffeningsdeskundige wordt aangerekend op het deel van het ereloon van de curator of de vereffenaar dat betrekking heeft op de opbrengst van de overdracht bewerkstelligd door de vereffeningsdeskundige.

Art. XX.95

De beslissing tot sluiting van de procedure van overdracht onder gerechtelijk gezag en de daaropvolgende faillietverklaring of vereffening worden bij uittreksel in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt.

De beslissing tot sluiting van de procedure van overdracht onder gerechtelijk gezag bevrijdt de verkrijger van alle andere verplichtingen dan die welke in de akte van overdracht zijn vermeld.

Art. XX.96

<Opgeheven bij W 2023-06-07/07, art. 194, 122; Inwerkingtreding: 01-09-2023>

Art. XX.97

De... overdracht onder gerechtelijk gezag van het vermogen van een natuurlijke persoon of een rechtspersoon kan op zich alleen geen grond zijn voor een aansprakelijkheidsvordering gericht tegen een kredietgever of een investeerder die krediet geeft voor of investeert in een nieuwe activiteit gevoerd door de schuldenaar of door een bestuurder, zaakvoerder of leider van de schuldenaar, ongeacht de vorm waaronder deze nieuwe activiteit wordt uitgeoefend.