BOEK 5 Verbintenissen › Titel 3 Algemeen regime van de verbintenis
Ondertitel 7 Maatregelen ter bescherming van de rechten van de schuldeiser
5.242–5.243
Art. 5.242
Zijdelingse vordering
Bij stilzitten van de schuldenaar kan de schuldeiser die over een zekere en opeisbare schuldvordering beschikt alle rechten en vorderingen van de schuldenaar, in diens naam en voor diens rekening, uitoefenen, met uitzondering van die welke uitsluitend aan de persoon verbonden zijn.
Art. 5.243
Pauliaanse vordering
De schuldeiser kan in eigen naam opkomen tegen de rechtshandelingen van de schuldenaar gesteld met bedrieglijke miskenning van zijn verhaalsrechten op voorwaarde dat de schuldvordering vóór de aangevochten rechtshandeling is ontstaan.
Werd de rechtshandeling gesteld onder bezwarende titel dan dient de schuldeiser het bewijs te leveren dat de derde wist of behoorde te weten dat deze handeling de schuldeisers van deze schuldenaar zou benadelen.
Deze vordering leidt tot de niet-tegenwerpelijkheid van de rechtshandeling aan de schuldeiser, onverminderd herstel van de schade indien daartoe grond bestaat.
Deze vordering kan geen afbreuk doen aan de bescherming van de derde-verkrijger overeenkomstig boek 3.