Alle wetboeken › WER

BOEK XX - Insolventie van de ondernemingen › Titel V - Algemene bepalingen voor Titel V/I en V/II › HOOFDSTUK 2 - Gemeenschappelijke bepalingen betreffende de procedures van openbare gerechtelijke reorganisatie en overdracht van onderneming onder gerechtelijk gezag

Afdeling 3 - Vonnis over het verzoek tot openbare gerechtelijke reorganisatie of overdracht onder gerechtelijk gezag en de gevolgen ervan

XX.46–XX.49

Art. XX.46

§ 1.De rechtbank behandelt het verzoek tot gerechtelijke reorganisatie of overdracht onder gerechtelijk gezag binnen een termijn van vijftien dagen na de neerlegging van het verzoekschrift in het register.

Behoudens verzaking aan deze oproeping wordt de schuldenaar uiterlijk drie vrije dagen voor de zitting opgeroepen door de griffier.

De schuldenaar wordt in raadkamer gehoord, tenzij hij uitdrukkelijk de wil heeft geuit om in openbare terechtzitting te worden gehoord.

Nadat zij het verslag van de gedelegeerd rechter heeft gehoord, doet de rechtbank uitspraak bij vonnis binnen een termijn van acht dagen na de behandeling van het verzoek. Indien een verzuim of onregelmatigheid bij de neerlegging van de stukken niet van die aard is dat de rechtbank daardoor wordt verhinderd te onderzoeken of de in artikel XX.45 bepaalde voorwaarden vervuld zijn en indien dat verzuim of die onregelmatigheid door de schuldenaar kan worden hersteld, kan de rechtbank, nadat de schuldenaar gehoord is, de zaak voor verdere behandeling uitstellen.

§ 2.Indien de voorwaarden vermeld in artikel XX.45 vervuld lijken, verklaart de rechtbank de procedure van gerechtelijke reorganisatie geopend en bepaalt zij de duur van de... opschorting, die niet langer mag zijn dan vier maanden.

§ 3.Indien de procedure van gerechtelijke reorganisatie tot doel heeft het akkoord van de schuldeisers te verkrijgen over een reorganisatieplan, vermeldt de rechtbank, in het vonnis waarin zij deze procedure open verklaart of in een later vonnis, de plaats, dag en uur waarop, behoudens verlenging van de opschorting, de terechtzitting zal plaatsvinden waarop zal overgegaan worden tot de stemming over dit plan en geoordeeld zal worden over de homologatie.

§ 4.In het vonnis waarbij de procedure van gerechtelijke reorganisatie of overdracht onder gerechtelijk gezag wordt geopend of in elke latere beslissing, kan de rechtbank aan de schuldenaar bijkomende informatieverplichtingen opleggen om de opvolging van de procedure te vergemakkelijken.

De rechtbank kan inzonderheid aan de schuldenaar opleggen op bepaalde tijdstippen de volgens een model bepaald door de rechtbank opgestelde lijst van schuldeisers neer te leggen in het dossier van de gerechtelijke reorganisatie en van de overdracht. De Koning kan bepalen op welke wijze de lijst moet worden neergelegd.

Indien de schuldenaar deze verplichtingen niet naleeft kan de rechtbank handelen zoals bepaald in artikel XX.62, of desgevallend de aanvraag tot verlenging, zoals bepaald in artikel XX.59, weigeren.

§ 5....

§ 6....

Art. XX.47

Tegen het vonnis dat beslist over de vordering tot het openen van een procedure van gerechtelijke reorganisatie of van overdracht onder gerechtelijk gezag staat geen verzet open.

Het hoger beroep ertegen wordt ingesteld bij verzoekschrift, neergelegd op de griffie van het hof van beroep binnen acht dagen na de kennisgeving van het vonnis. De griffier van het hof van beroep geeft bij gerechtsbrief kennis van het verzoekschrift aan de eventuele geïntimeerde en in voorkomend geval bij gewone brief aan zijn advocaat, uiterlijk op de eerste werkdag die volgt op de neerlegging.

Als het vonnis de vordering verwerpt, schort het hoger beroep de uitspraak op.

De zaak wordt behandeld, bij hoogdringendheid, op de inleidingszitting of op een nabijgelegen zitting. De gedelegeerd rechter wordt gehoord in zijn verslag. Het verslag kan evenwel ook neergelegd worden in het register....

Art. XX.48

§ 1.Het vonnis dat de procedure van gerechtelijke reorganisatie of van overdracht onder gerechtelijk gezag open verklaart, wordt door toedoen van de griffier binnen een termijn van vijf dagen bij uittreksel bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.

Het uittreksel vermeldt:

1°in het geval van een natuurlijke persoon, de naam, de voornamen, de plaats en datum van geboorte, de aard van de voornaamste activiteit alsmede de handelsnaam waaronder die activiteit wordt uitgeoefend, het adres alsmede de plaats van zijn hoofdvestiging en het ondernemingsnummer; in het geval van een rechtspersoon, de naam van de rechtspersoon, de rechtsvorm, de handelsnaam waaronder de activiteit wordt uitgeoefend, de... zetel en het ondernemingsnummer; in het geval van een onderneming als bedoeld in artikel I.1, eerste lid, 1°, c), de handelsnaam waaronder de activiteit wordt uitgeoefend, in voorkomend geval het ondernemingsnummer en de zetel van de activiteit en de identificatiegegevens van de gemachtigde, in voorkomend geval;

2°de datum van het vonnis dat de procedure van gerechtelijke reorganisatie of van overdracht onder gerechtelijk gezag opent en de rechtbank die het heeft gewezen;

3°de naam en de voornaam van de gedelegeerd rechter en, in voorkomend geval, van de krachtens het artikel XX.30 aangestelde herstructureringsdeskundigen, met het elektronisch adres waarop de elektronische mededelingen aan de gedelegeerd rechter moeten worden gericht en met het elektronisch adres van de herstructureringsdeskundige;

4°het doel... van de procedure, de einddatum van de opschorting en, in voorkomend geval, de plaats, dag en uur bepaald om uitspraak te doen over een verlenging ervan;

5°in voorkomend geval, en indien de rechtbank ze reeds kan vaststellen, de voor de stemming en de beslissing over het reorganisatieplan vastgestelde plaats, dag en uur;

6°de beslissing of al dan niet op afstand zal kunnen worden gestemd.

§ 2.Indien het vonnis dat de procedure van gerechtelijke reorganisatie of van overdracht onder gerechtelijk gezag opent, betrekking heeft op een onderneming bedoeld in artikel I.1.14°, geeft de griffier hiervan kennis aan de Orde of Instituut waartoe de... schuldenaar behoort.

Art. XX.49

§ 1.Indien de procedure... strekt tot een collectief akkoord of een overdracht onder gerechtelijk gezag, stelt de schuldenaar de schuldeisers individueel in kennis van de gegevens vermeld in artikel XX.48 binnen een termijn van acht dagen te rekenen vanaf de dag waarop het vonnis is uitgesproken.

Bovendien voegt hij bij die mededeling de in artikel XX.41, § 2, eerste lid 7°, bedoelde lijst van schuldeisers alsook het bedrag van hun schuldvordering, de bijzondere vermelding van de hoedanigheid van buitengewone schuldeiser in de opschorting en van de bezwaarde goederen.

De in deze paragraaf bedoelde mededeling wordt elektronisch gedaan, tenzij de schuldeiser geen elektronisch bericht kan ontvangen. De elektronische mededeling bevat de mogelijkheid gegeven aan de bestemmeling om de juistheid te bevestigen. In geval de schuldeiser geen elektronisch bericht kan ontvangen, stelt de schuldenaar de schuldeiser daarvan in kennis met een aangetekende brief met ontvangstbewijs en voegt hij het bewijs van de verzending bij het dossier van de gerechtelijke reorganisatie of overdracht. Het bericht aan de schuldeiser vermeldt dat de schuldeiser zowel elektronisch als op materiële drager de juistheid kan bevestigen van het bericht.

De schuldenaar plaatst een kopie van zijn mededelingen in het register, of levert, in voorkomend geval, aan de griffier een kopie op een materiële drager om ze op te nemen in het in artikel XX.41 bedoelde dossier.

De Koning kan bepalen welke gegevens in de mededeling moeten opgenomen worden.

§ 2.Elke schuldeiser in de opschorting die het bedrag of de hoedanigheid van een opgenomen schuldvordering op de lijst bedoeld in artikel XX.41, § 2, eerste lid 7°, betwist, kan, in geval van voortdurende onenigheid met de schuldenaar, met een tegensprekelijk verzoekschrift de betwisting voor de rechtbank brengen die de procedure... heeft geopend.

Elke schuldvordering in de opschorting gebracht op de lijst bedoeld in artikel XX.41, § 2, eerste lid 7°, in voorkomend geval gewijzigd met toepassing van artikel XX.68, kan op dezelfde wijze door elke belanghebbende worden betwist. De vordering wordt gericht tegen de schuldenaar en de schuldeiser in de opschorting van wie de vordering betwist wordt.

De rechtbank oordeelt op verslag van de gedelegeerd rechter, na de derde belanghebbende, de betwiste schuldeiser in de opschorting en de schuldenaar te hebben gehoord.

De schuldeiser legt zijn verzoekschrift neer in het register. De griffier geeft hiervan kennis aan de schuldenaar en in voorkomend geval aan de betrokken schuldeisers of aan de tussenkomende partij via het register.

De schuldenaar legt de aldus gewijzigde schuldeiserslijst in het register neer.

Van het vonnis wordt bij gerechtsbrief kennis gegeven aan de verzoeker, aan de schuldenaar en aan eventuele tussenkomende partijen.