Volgende persoonsgegevens worden in het Strafregister opgenomen:
1°veroordelingen tot een straf;
2°beslissingen tot opschorting van de uitspraak van de veroordeling, alsook beslissingen die de herroeping van de opschorting vaststellen;
2°bis....
3°beslissingen tot herroeping van het, gewone of probatie-uitstel...;
4°beslissingen tot internering, tot toekenning of herroeping van de invrijheidstelling op proef of vervroegde invrijheidstelling met het oog op verwijdering van het grondgebied of met het oog op overlevering en tot definitieve invrijheidstelling die genomen zijn overeenkomstig de wet van 5 mei 2014 betreffende de internering. evenals beslissingen tot een beveiligingsmaatregel ter bescherming van de maatschappij, de beslissingen tot vrijheidsbeneming die overeenkomstig artikel 13 van de wet van 29 februari 2024 tot invoering van een beveiligingsmaatregel van de maatschappij zijn genomen en de beslissingen tot toekenning of herroeping van de invrijheidstelling op proef of vervroegde invrijheidstelling met het oog op verwijdering van het grondgebied of met het oog op overlevering en tot definitieve invrijheidstelling die overeenkomstig deze wet zijn genomen;
5°beslissingen tot terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank en tot vrijheidsbeneming die overeenkomstig... artikel 95/7 van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten zijn genomen.
6°beslissingen tot internering van de veroordeelden bedoeld in artikel 21 van dezelfde wet, alsook beslissingen op grond waarvan hun terugkeer naar de strafinrichting wordt gelast;
7°de ontzettingen uit de ouderlijke macht en herstel ervan, de maatregelen uitgesproken ten aanzien van minderjarigen opgesomd in artikel 63 van de wet van 8 april 1965 betreffende de jeugdbescherming, het ten laste nemen van minderjarigen die een als misdrijf omschreven feit hebben gepleegd en het herstel van de door dit feit veroorzaakte schade, alsook opheffingen of wijzigingen van die maatregelen die met toepassing van artikel 60 van dezelfde wet door de jeugdrechtbank worden uitgesproken;
8°vernietigingsarresten uitgesproken op grond van de artikelen 416 tot 442 of van de artikelen 443 tot 447bis van dit wetboek;
9°intrekkingsbeslissingen genomen op grond van de artikelen 10 tot 14 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof;
10°beslissingen tot uitlegging of verbetering;
11°arresten van herstel in eer en rechten uitgesproken op grond van de artikelen 621 tot 634 van dit wetboek;
12°besluiten tot herstel in eer en rechten uitgevaardigd overeenkomstig de besluitwet van 9 december 1943 op het herstel in eer en rechten van zeelieden en op het verdwijnen van strafvervolgingen en straffen voor bepaalde maritieme inbreuken;
13°besluiten tot herstel in eer en rechten uitgevaardigd overeenkomstig de besluitwet van 22 april 1918 op het militair eerherstel;
14°genadebesluiten;
15°beslissingen tot toekenning of herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling;
16°beslissingen in strafzaken genomen door buitenlandse rechtscolleges ten aanzien van Belgen of rechtspersonen die hun maatschappelijke zetel of een exploitatiezetel in België hebben, die krachtens internationale overeenkomsten of een regel van afgeleid recht van de Europese Unie waardoor België is gebonden, ter kennis van de Belgische regering worden gebracht, alsook maatregelen tot amnestie, uitwissing van de veroordeling of herstel in eer en rechten, genomen door een buitenlandse overheid, welke een invloed kunnen hebben op die beslissingen en aan de Belgische Regering zijn medegedeeld.
17°...
18°het in artikel 35, § 1, tweede lid, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis bedoelde verbod...;
19°het verval van de strafvordering overeenkomstig de artikelen 216bis, § 2 en 216ter, § 6;
20°de havenverboden zoals bedoeld in artikel 4, § 3bis, van de wet van 24 februari 1921 betreffende het verhandelen van giftstoffen, slaapmiddelen en verdovende middelen, psychotrope stoffen, ontsmettingsstoffen en antiseptica en van de stoffen die kunnen gebruikt worden voor de illegale vervaardiging van verdovende middelen en psychotrope stoffen en in artikel 4.1.2.48, § 4, van het Belgisch Scheepvaartwetboek.
In het Strafregister worden ook bijkomende straffen, vervangende straffen en veiligheidsmaatregelen geregistreerd, alsook het gewone of het probatie-uitstel verbonden aan veroordelingen.
Reeds geregistreerde veroordelingen vernietigd ingevolge een verzet aangetekend tijdens de buitengewone verzetstermijn of een verwijzing na nietigverklaring, worden uit het Strafregister gewist.
Naast de in het eerste lid bedoelde persoonsgegevens worden door het Strafregister de unieke dactyloscopische referenties zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 11 maart 2019 betreffende de nadere regels voor de rechtstreekse bevraging van de Algemene Nationale Gegevensbank bedoeld in artikel 44/7 van de wet op het politieambt ten behoeve van de Federale Overheidsdienst Justitie met het oogmerk bij te dragen tot de unieke identificatie van gedetineerden, indien deze gegevens beschikbaar zijn, geregistreerd en verwerkt ten behoeve van de overheden en personen bedoeld in artikel 589, tweede lid, 4°, en artikel 593 van dit Wetboek.
De administratieve overheden bedoeld in artikel 594 van hetzelfde Wetboek kunnen kennis nemen van deze unieke dactyloscopische referenties indien deze informatie noodzakelijk is voor de uitoefening van hun wettelijke bevoegdheden en indien de mededeling van de unieke dactyloscopische referenties aan deze autoriteiten uitdrukkelijk is toegestaan door de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit.
Betreffende de onderdanen van een derde land in de zin van artikel 3 van de Verordening (EU) 2019/816 van het Europees parlement en de Raad tot invoering van een gecentraliseerd systeem voor de vaststelling welke lidstaten over informatie beschikken inzake veroordelingen van onderdanen van derde landen en staatlozen (Ecris-TCN) ter aanvulling van het Europees Strafregisterinformatiesysteem en tot wijziging van de Verordening (EU) 2018/1726 worden de biometrische gegevens zoals bedoeld in artikel 44/1, § 2, 1°, van de wet op het politieambt door het Strafregister bij de bevoegde dienst van de directie van de technische en wetenschappelijke politie, bedoeld in artikel 102, 4°, van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, opgevraagd aan de hand van de unieke dactyloscopische referentie en onverwijld uit het Strafregister verwijderd nadat deze gegevens werden overgezonden overeenkomstig artikel 5 van de Verordening.
De technische en functionele modaliteiten van deze transactie worden bepaald in een protocol tussen de Federale Overheidsdienst Justitie en de Federale Politie. Dit protocol omvat minstens de veiligheidsmaatregelen met betrekking tot deze communicatie en de bewaartermijn van de gegevens en informatie.