Alle wetboeken › Sw. 2024

Boek II De gemeenrechtelijke misdrijven en hun straffen › Titel 4 Misdrijven tegen de openbare veiligheid

Hoofdstuk 6 Schending van havengebieden of binnendringen van een voertuig

419–422

Art. 419

Binnendringing in een havengebied

Binnendringing in een havengebied is het opzettelijk zonder daartoe gemachtigd of toegelaten te zijn, binnenkomen of binnendringen in een havenfaciliteit, bedoeld in artikel 2.5.2.3, 5°, van het Belgisch Scheepvaartwetboek, of in een onroerend dan wel roerend goed binnen de grenzen van een haven in de zin van dezelfde wet.

Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 1.

Art. 420

Verzwaarde binnendringing in een havengebied

Binnendringing in een havengebied wordt bestraft met een straf van niveau 2 indien:

1°van de betrokken activiteit een gewoonte wordt gemaakt;

2°het misdrijf gepleegd werd bij nacht;

3°het misdrijf gepleegd werd door twee of meer personen;

4°het misdrijf gepleegd werd met bedrieglijk opzet of het oogmerk te schaden;

5°het misdrijf gepleegd werd door middel van geweld of bedreiging;

6°een kritieke entiteit, in de zin van de wet van 19 december 2025 betreffende de weerbaarheid van kritieke entiteiten, werd binnengegaan of binnengedrongen.

Art. 421

Binnendringen in een voertuig

In de context van de misdrijven voorzien in de artikelen 258 tot 260 bestaat het binnendringen in een voertuig in het opzettelijk binnengaan van een voertuig, een vaartuig, een wagon, een container, een oplegger of een vliegtuig, zonder daartoe gemachtigd of toegelaten te zijn.

Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 1.

Art. 422

Strafuitsluitende verschoningsgrond

Behoudens toepassing van artikel 264 dat reeds een strafuitsluitende verschoningsgrond voor slachtoffers van mensenhandel bevat, worden slachtoffers van mensensmokkel die als rechtstreeks gevolg van de op hen uitgeoefende dwang deelnemen aan de misdrijven bedoeld in dit hoofdstuk, niet gestraft voor die misdrijven.