Alle wetboeken › KB ZIV

TITEL VI - Financiën en statistische bepalingen.

HOOFDSTUK I - Ontvangstenbescheiden.

331–334

Art. 331

De verzekeringsinstellingen zenden het Instituut de in artikel 276, § 1, 1 tot 6 bedoelde bijdragebescheiden in de door het Algemeen beheerscomité na advies van de Technische commissie van de Dienst voor administratieve controle voorgeschreven vormen en termijnen.

Art. 332

De verzekeringsinstellingen zijn ertoe gehouden jaarlijks de naamlijsten op te stellen van de bij hen per 30 juni, aangesloten of ingeschreven rechthebbenden, met onderscheid tussen de bijdrageplichtigen en de niet-bijdrageplichtigen. Voor elk kwartaal worden bijwerkingen opgesteld.

De in het eerste lid bedoelde lijsten stroken met de modellen die door het Algemeen beheerscomité na advies van de Technische commissie van de Dienst voor administratieve controle zijn vastgesteld en worden binnen drie maanden na het einde van de periode waarop zij betrekking hebben overgezonden aan het Instituut.

Art. 333

De verzekeringsinstellingen zijn ertoe gehouden driemaandelijks de naamlijsten van de gerechtigden en de ascendenten op te stellen die een persoonlijke bijdrage hebben betaald in toepassing van de artikelen 287, 130, 131 en 250.

De in het eerste lid bedoelde lijsten stroken met de modellen vastgesteld door het Algemeen beheerscomité na advies van de Technische commissie van de Dienst voor administratieve controle en worden overgezonden aan het Instituut binnen de drie maanden volgend op de periode waarop zij betrekking hebben.

Art. 334

De verzekeringsinstellingen zijn ertoe gehouden jaarlijks de bescheiden op te stellen waarin de ontvangsten uit de door de rechthebbenden gestorte bijdragen en de gerechtelijke interesten, zijn opgenomen.

Deze bescheiden stroken met de door het Algemeen comité opgemaakte modellen en worden aan het Instituut overgemaakt binnen de drie maanden volgend op het einde van het jaar waarop zij betrekking hebben.