Alle wetboeken › WER

BOEK IV - Bescherming van de mededinging › TITEL 3 - Handhaving van het mededingingsrecht › HOOFDSTUK 1 - Procedures en beslissingen

Afdeling 1 - Onderzoeksprocedure

IV.39–IV.40/6

Art. IV.39

De auditeur-generaal beslist tot het openen van een onderzoek:

1°op verzoek van de aanmeldende partijen in het geval van een aangemelde concentratie;

2°ambtshalve of na een klacht van een natuurlijke persoon of rechtspersoon die aantoont daarbij een rechtmatig belang te hebben, in het geval van een inbreuk op artikel IV.1, § 1, op artikel IV.1, § 4, op artikel IV.2, op artikel IV.2/1, op artikel IV.10, § 1, op artikel IV.10, § 4, of in geval van niet-naleving van een beslissing genomen krachtens de artikelen IV.10, § 6, IV.44, § 1, 2°, IV.45, eerste lid, 2°, IV.46 § 2, 1°, IV.52, IV.66, IV.69, IV.71 of IV.73;

3°op verzoek of op injunctie van de minister;

4°op verzoek van de minister van Middenstand, van een geëigende openbare instelling of ander overheidslichaam, belast met het toezicht of de controle op een economische sector in het geval van een inbreuk op artikel IV.1, § 1, op artikel IV.2, op artikel IV.2/1 of op artikel IV.10, § 1;

5°ambtshalve of op verzoek van de minister met het oog op het nemen van een koninklijk besluit tot groepsgewijze ontheffing van overeenkomsten, besluiten en onderling afgestemde feitelijke gedragingen op grond van artikel IV.5.

Om te beoordelen of het wenselijk is een onderzoek te openen, kan de auditeur-generaal een auditeur aanwijzen om door middel van de in de artikelen IV.40 en IV.40/1 bedoelde maatregelen alle nuttige inlichtingen te verzamelen. De auditeur vermeldt de rechtsgrond en het doel van de genomen maatregelen. Indien de auditeur-generaal van oordeel is dat de opening van een onderzoek niet gerechtvaardigd is, sluit hij het dossier en doet hij alle ter zake dienende mededelingen.

Art. IV.40

§ 1.Ter vervulling van zijn opdrachten, kan de auditeur alle noodzakelijke inlichtingen inwinnen bij de ondernemingen, de ondernemingsverenigingen en de natuurlijke personen, inbegrepen voorafgaandelijk aan de opening van een onderzoek bedoeld in artikel IV.39. Hij bepaalt de termijn binnen welke deze inlichtingen hem worden medegedeeld. De auditeur kan het inwinnen van inlichtingen opdragen aan leden van het onderzoeksteam.

De verplichting om alle noodzakelijke inlichtingen te verstrekken omvat de inlichtingen die de onderneming, de ondernemingsvereniging of de natuurlijke persoon in haar bezit heeft en deze waartoe zij toegang heeft, ongeacht de vorm of drager ervan, met inbegrip van e-mails en berichten van berichtensystemen, ongeacht waar die is opgeslagen, inclusief in de cloud en op servers, mits die informatie toegankelijk is voor de onderneming, ondernemingsvereniging of natuurlijke persoon die de adressaat is van het verzoek om informatie.

Het verzoek om inlichtingen vermeldt de rechtsgrond en het doel van het verzoek.

Het verzoek om inlichtingen staat in verhouding tot het doel en dwingt de onderneming, de ondernemingsvereniging of de natuurlijke persoon van wie de inlichtingen worden gevraagd niet een inbreuk op het mededingingsrecht toe te geven.

§ 1/1.Onverminderd paragraaf 1, met het oog op de vervulling door de Belgische Mededingingsautoriteit van haar opdrachten om inbreuken op de artikelen 101 en 102 VWEU en op de artikelen IV.1, IV.2 en IV.2/1, te vervolgen en het concentratietoezicht uit te oefenen, die strekken tot het vrijwaren van een belangrijk economisch belang van de Europese Unie of van België, kan de auditeur de verkeersgegevens, de locatiegegevens, de identificatiegegevens en documenten en de IP-adressen bedoeld in artikel 127/1, §§ 2 en 3, van de wet van 13 juni 2005 betreffende de elektronische communicatie vragen, aan de operator bedoeld in artikel 2, 11°, van de wet van 13 juni 2005 betreffende de elektronische communicatie. Deze verschillende gegevens hebben betrekking op een onderneming, een ondernemingsvereniging of een natuurlijke persoon tegen wie een onderzoek krachtens artikel IV.39 loopt, of op een natuurlijke persoon die is opgetreden in het kader van de activiteiten van een onderneming of ondernemingsvereniging tegen wie een dergelijk onderzoek loopt.

De toegang tot deze gegevens kan slechts worden verkregen op een met redenen omkleed verzoek en met voorafgaande machtiging van een onderzoeksrechter in de Nederlandstalige rechtbank van eerste aanleg te Brussel of een onderzoeksrechter in de Franstalige rechtbank van eerste aanleg te Brussel, die voor de toepassing van dit lid ook bevoegd is buiten zijn arrondissement.

Overeenkomstig artikel IV.16, § 8, bewaart de Belgische Mededingingsautoriteit deze gegevens voor de duur die vereist is voor haar onderzoeken en procedures of is opgelegd door de algemene archiveringsregels van de Staat.

De Belgische Mededingingsautoriteit maakt, in haar jaarlijks activiteitenverslag bedoeld in artikel IV.25, 5°, het aantal toegangen tot gegevens dat haar werd verleend, het aantal metagegevens waartoe zij toegang heeft gehad, het aantal personen waarop deze toegangen betrekking hadden, en de impact van deze toegangen op de uitvoering van haar opdrachten, bekend.

§ 2.Ingeval de gevraagde inlichtingen niet binnen de gestelde termijn worden verstrekt of indien de verstrekte inlichtingen onvolledig, onjuist of verdraaid zijn, kan de auditeur de inlichtingen bij een gemotiveerde beslissing eisen.

Deze beslissing omschrijft de gevraagde inlichtingen, de rechtsgrond en het doel van het verzoek en bepaalt binnen welke termijn ze moeten worden verstrekt.

De beslissing tot eisen van inlichtingen is evenredig en dwingt de onderneming, de ondernemingsvereniging of de natuurlijke persoon van wie de inlichtingen worden geëist niet een inbreuk op het mededingingsrecht toe te geven.

Ingeval de beslissing tot eisen van inlichtingen gericht is tot een van de bij de concentratie betrokken partijen, schorst zij de in de artikelen IV.64, § 2, IV.66, § 3, IV.67, § 2, IV.69, § 2, en IV.70, § 6, bedoelde termijnen tot de dag waarop de inlichtingen worden verstrekt.

De beslissing wordt door de auditeur ter kennis gebracht van de onderneming, de ondernemingsvereniging of de natuurlijke persoon van wie de inlichtingen worden geëist. Deze beslissing is niet vatbaar voor afzonderlijk beroep.

Art. IV.40/1

Onverminderd de bevoegdheden van de politieambtenaren van de lokale en federale politie zijn de auditeur en de door de minister gemachtigde personeelsleden van de Belgische Mededingingsautoriteit bevoegd om inbreuken op dit boek op te sporen en om deze inbreuken vast te stellen bij processen-verbaal waarvan die feitelijke vaststellingen gelden als bewijs tot het tegendeel is bewezen.

Zij zijn eveneens bevoegd om alle nuttige inlichtingen op te sporen en om alle noodzakelijke vaststellingen te doen met het oog op de toepassing van de artikelen IV.6, IV.7, IV.9, IV.10 en IV.11.

Inbegrepen voorafgaandelijk aan de opening van een onderzoek bedoeld in artikel IV.39, verzamelen zij alle inlichtingen, ontbieden zij iedere vertegenwoordiger van een onderneming of een ondernemingsvereniging en iedere natuurlijke persoon, wanneer deze vertegenwoordiger of persoon mogelijk in het bezit is van relevante informatie om te verschijnen voor een verhoor, nemen zij alle geschreven of mondelinge verklaringen of getuigenissen af, doen zij zich, met naleving van artikel IV.40, alle documenten, gegevens, of inlichtingen meedelen, wat ook de vorm, drager en wie ook de houder ervan is, die zij nodig achten ter vervulling van hun opdracht en waarvan zij kopie mogen nemen, en doen zij ter plaatse de nodige vaststellingen.

Art. IV.40/2

§ 1.De auditeur en de door de minister gemachtigde personeelsleden van de Belgische Mededingingsautoriteit mogen tussen acht en achttien uur, met voorafgaande machtiging van een onderzoeksrechter in de Nederlandstalige rechtbank van eerste aanleg te Brussel of een onderzoeksrechter in de Franstalige rechtbank van eerste aanleg te Brussel, die voor de toepassing van deze paragraaf ook bevoegd is buiten zijn arrondissement, een huiszoeking verrichten in:

1°de lokalen, vervoermiddelen en andere plaatsen van de ondernemingen of ondernemingsverenigingen;

2°andere lokalen, vervoermiddelen en plaatsen, waaronder in de woning van de ondernemingshoofden, bestuurders, zaakvoerders, directeurs en andere personeelsleden, alsook in de woning en in de lokalen die gebruikt worden voor professionele doeleinden van natuurlijke personen en rechtspersonen, intern of extern, belast met het commercieel, boekhoudkundig, administratief, fiscaal en financieel beheer, waar zij redelijkerwijze vermoeden documenten of gegevens te kunnen vinden, die zij voor het vervullen van hun opdracht nodig achten.

§ 2.Indien de voorafgaande machtiging tot huiszoeking bedoeld in paragraaf 1 of indien de machtiging bedoeld in artikel IV.40, § 1/1, tweede lid, wordt geweigerd, kan de auditeur beroep instellen bij de kamer van inbeschuldigingstelling bij een met redenen omkleed verzoekschrift dat wordt neergelegd bij de griffie van de Nederlandstalige of Franstalige rechtbank van eerste aanleg te Brussel, binnen een termijn van vier werkdagen na de kennisgeving van de weigeringsbeslissing.

De kamer van inbeschuldigingstelling doet uitspraak binnen tien dagen na de neerlegging van het verzoekschrift.

De griffier stelt de auditeur bij gewone brief of langs elektronische weg, uiterlijk achtenveertig uur vooraf in kennis van plaats, dag en uur van de zitting.

De onderzoeksrechter kan zijn schriftelijke opmerkingen richten aan de kamer van inbeschuldigingstelling. De kamer van inbeschul-digingstelling kan, afzonderlijk en buiten de aanwezigheid van de auditeur, de opmerkingen van de onderzoeksrechter horen. Zij kan, in aanwezigheid van de onderzoeksrechter, de auditeur of een door de Belgische Mededingingsautoriteit aangestelde advocaat horen.

§ 3.De auditeur en de door de minister gemachtigde personeelsleden van de Belgische Mededingingsautoriteit kunnen bij het verrichten van een huiszoeking alle documenten en gegevens controleren, ongeacht de drager hiervan, die de onderneming, ondernemingsvereniging of natuurlijke persoon die het voorwerp van de huiszoeking uitmaakt in haar bezit heeft en deze waartoe zij toegang heeft. Zij kunnen in welke vorm ook kopieën van deze documenten of gegevens maken of ontvangen en, wanneer zij dat passend achten, hun onderzoek verderzetten en verder kopieën selecteren in de lokalen van de Belgische Mededingingsautoriteit of elke andere aangewezen ruimte.

§ 4.Zij kunnen voor zover nodig verzegelen voor de duur van hun opdracht maar niet langer dan tweeënzeventig uur in de lokalen bedoeld in paragraaf 1, 2°.

§ 5.Zij kunnen elke vertegenwoordiger of elk personeelslid van de onderneming of de ondernemingsvereniging ondervragen over feiten of documenten die verband houden met het voorwerp en het doel van het opdrachtbevel, alsook met de interne organisatie van de onderneming, de werkmethoden, en de verdeling van de verantwoordelijkheden, met het oog op het vergemakkelijken van het opzoeken van documenten. De antwoorden kunnen schriftelijk of elektronisch worden opgenomen. Wanneer de antwoorden elektronisch worden opgenomen, wordt ofwel de inhoud van de opname in een proces-verbaal neergeschreven waarvan een kopie wordt overhandigd aan de ondervraagde, ofwel wordt hem een kopie van de opname verstrekt.

§ 6.De met toepassing van paragrafen 1, 3, 4 en 5 genomen maatregelen worden vastgesteld in een proces-verbaal. Een kopie van dit proces-verbaal wordt bezorgd aan de onderneming, ondernemingsvereniging of persoon ten aanzien van wie deze maatregelen zijn getroffen.

§ 7.Bij het verrichten van een huiszoeking kunnen de auditeur en de door de minister gemachtigde personeelsleden van de Belgische Mededingingsautoriteit een beroep doen op de openbare macht.

§ 8.Om over te gaan tot een huiszoeking, een beslaglegging of een verzegeling, zijn zij houder van een bijzonder opdrachtbevel afgegeven door de auditeur, of, in het geval bedoeld in artikel IV.26, § 3, 6°, de auditeur-generaal. Dit bevel vermeldt het voorwerp en het doel van hun opdracht.

Art. IV.40/3

Ongeacht de bijzondere wetten, die de geheimhouding van de mededelingen waarborgen, staan de openbare overheden en besturen de auditeurs bij in de uitvoering van hun opdracht, met name door het beantwoorden van verzoeken om inlichtingen van deze laatsten.

Art. IV.40/4

De auditeur-generaal kan deskundigen, van wie hij de opdracht bepaalt, aanstellen om bijstand te verlenen aan de au-diteur en de door de minister gemachtigde personeelsleden van de Belgische Mededingingsautoriteit.

Art. IV.40/5

De auditeur kan bij gemotiveerde beslissing de documenten en gegevens verkregen overeenkomstig de bepalingen IV.40 tot IV.40/4 en die geen verband houden met het voorwerp van de zaak teruggeven aan de persoon van wie of bij wie zij waren verkregen of gekopieerd en deze documenten en gegevens verwijderen uit het onderzoeksdossier.

De beslissing wordt opgenomen in het onderzoeksdossier. Zij is niet vatbaar voor afzonderlijk beroep.

Art. IV.40/6

Het bewijsmateriaal dat bij de Belgische Mededingingsautoriteit toelaatbaar is, omvat documenten, mondelinge verklaringen, elektronische berichten, opnames en enige andere informatie bevattende voorwerpen, ongeacht de vorm ervan en het medium waarop informatie is opgeslagen.

Tot de niet-toelaatbaarheid van een onregelmatig verkregen bewijselement wordt enkel besloten indien:

1°de naleving van de betrokken vormvoorwaarden wordt voorgeschreven op straffe van nietigheid, of;

2°de begane onregelmatigheid de betrouwbaarheid van het bewijs heeft aangetast, of;

3°het gebruik van het bewijs in strijd is met het recht op een eerlijk proces.