Alle wetboeken › WER

BOEK IV - Bescherming van de mededinging › TITEL 3 - Handhaving van het mededingingsrecht › HOOFDSTUK 1 - Procedures en beslissingen

Afdeling 7 - Beslissing inzake concentraties

IV.65–IV.69

Art. IV.65

§ 1.De aanmeldende partijen dienen hun eventuele schriftelijke opmerkingen en stukken in uiterlijk de dag vóór de zitting van het Mededingingscollege en zij bezorgen daarvan op dezelfde dag per e-mail een kopie aan de auditeur.

Ingeval de aanmeldende partijen een stuk indienen dat zich niet in het onderzoeksdossier bevindt, stelt de voorzitter van het Mededingingscollege een termijn vast waarbinnen de auditeur schriftelijke opmerkingen kan indienen betreffende dat stuk alsmede een termijn waarbinnen de aanmeldende partijen kunnen antwoorden op deze opmerkingen. De auditeur kan toepassing maken van artikel IV.40 bij de voorbereiding van zijn schriftelijke opmerkingen. De aanmeldende partijen en de auditeur doen mekaar per e-mail mededeling van hun schriftelijke opmerkingen en stukken, op de dag van de indiening ervan op het secretariaat. De beslissingstermijn bedoeld in artikel IV.66, § 3, wordt geschorst vanaf de dag van de beslissing van de voorzitter van het Mededingingscollege tot vaststellen van de in de tweede zin van dit lid bedoelde termijnen tot de dag waarop de termijn verstrijkt waarbinnen de aanmeldende partijen hun antwoord kunnen indienen.

§ 2.De derden die het Mededingingscollege zal horen kunnen uiterlijk drie werkdagen voor de zitting schriftelijke opmerkingen en stukken meedelen aan het Mededingingscollege, met kopie op dezelfde dag per e-mail aan de aanmeldende partijen en aan de auditeur.

Ingeval de derden vertrouwelijke informatie aan het Mededingingscollege wensen mee te delen, wijst de voorzitter van het Mededingingscollege, zonder kennis te nemen van de betrokken documenten of gegevens, een assessor aan die geen deel uitmaakt van het Mededingingscollege en die zich uitspreekt over de vertrouwelijkheid bij overeenkomstige toepassing van de procedure bedoeld in artikel IV.41, §§ 1 tot 4. Ingeval de kennisneming door het Mededingingscollege of bepaalde betrokken partijen de rechten van verdediging van een andere betrokken partij in het gedrang zou brengen, beslist de assessor dat het betrokken document of gegeven niet wordt opgenomen in het proceduredossier en wordt vervangen door de niet-vertrouwelijke versie of samenvatting. De beslissing van de assessor is niet vatbaar voor afzonderlijk beroep.

De derden die het Mededingingscollege zal horen hebben geen recht van toegang tot het onderzoeksdossier en het proceduredossier, tenzij de voorzitter van het Mededingingscollege hiertoe een andersluidende beslissing neemt voor de stukken van het proceduredossier die hij aanduidt.

§ 3.Het Mededingingscollege behandelt elke zaak ter zitting. De zitting vindt plaats ten minste tien werkdagen na de mededeling van het voorstel van beslissing aan de aanmeldende partijen.

De voorzitter van het Mededingingscollege kan beslissen meer dan één zitting in een zaak te organiseren. Ingeval een bijkomende zitting alsnog overbodig blijkt, kan het Mededingingscollege in zijn beslissing het sluiten van de debatten vaststellen.

§ 4.Het Mededingingscollege hoort de auditeur-generaal, de auditeur, de aanmeldende partijen en, zo zij hier om verzoeken of op verzoek van het Mededingingscollege, de andere partijen bij de concentratie.

Ingeval het Mededingingscollege het nodig acht, hoort het elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die het oproept.

Het hoort tevens de derden die een voldoende belang doen blijken en vragen om gehoord te worden. Voor de economische sectoren, die onder de controle of het toezicht van een geëigende openbare instelling of een ander overheidslichaam zijn geplaatst, worden deze instellingen of overheidslichamen geacht een voldoende belang te hebben. De minister wordt geacht een voldoende belang te hebben.

De leden van de bestuursorganen of van de directieorganen van de partijen bij de concentratie, alsook de vertegenwoordigers van de meest representatieve werknemersorganisaties van deze ondernemingen, of de personen die zij aanwijzen, worden geacht een voldoende belang te hebben.

De directeur economische zaken en de directeur juridische zaken worden op hun verzoek gehoord.

Het niet-verschijnen van de opgeroepen partijen of personen, of van hun mandataris, doet geen afbreuk aan de geldigheid van de procedure.

§ 5.De aanmeldende partijen kunnen nieuwe verbintenissen voorstellen, binnen de termijn bepaald door de voorzitter van het Mededingingscollege.

§ 6.De ondernemingen die partij zijn bij de concentratie kunnen de concentratie wijzigen tot op het ogenblik van de sluiting van de debatten door het Mededingingscollege. In dat geval slaat de beslissing van het Mededingingscollege op de aldus gewijzigde concentratie.

Art. IV.66

§ 1.Het Mededingingscollege stelt bij gemotiveerde beslissing naar gelang het geval vast, dat:

1°de concentratie niet binnen het toepassingsgebied valt van titel 1, hoofdstuk 2, van dit boek;

2°de concentratie binnen het toepassingsgebied valt titel 1, hoofdstuk 2, van dit boek.

§ 2.Ingeval de concentratie binnen het toepassingsgebied valt van titel 1, hoofdstuk 2, van dit boek, neemt het Mededingingscollege één van de volgende gemotiveerde beslissingen:

1°het beslist dat de concentratie toelaatbaar is. Aan die beslissing kan het voorwaarden en verplichtingen verbinden, die moeten waarborgen dat de betrokken ondernemingen de verbintenissen nakomen die zij hebben aangeboden, teneinde de concentratie toelaatbaar te horen verklaren. Ingeval het Mededingingscollege voorwaarden en verplichtingen in overweging wenst te nemen die niet in het voorstel van beslissing opgenomen zijn, worden de aanmeldende partijen en de auditeur hierover gehoord en beschikken zij over ten minste twee werkdagen, vanaf de mededeling door het Mededingingscollege, om zich hierover schriftelijk uit te spreken;

2°het verklaart de concentratie toelaatbaar ingeval de bij de concentratie betrokken ondernemingen samen niet meer dan 25 % controleren van een voor de transactie relevante markt, ongeacht of het gaat om horizontale dan wel verticale relaties;

3°het stelt vast dat er ernstige twijfels bestaan omtrent de toelaatbaarheid van de concentratie en beslist de procedure van bijkomend onderzoek en beslissing bedoeld in de artikelen IV.67 tot IV.69 in te zetten; deze beslissing is niet vatbaar voor beroep.

De motivering van de beslissing van het Mededingingscollege is uitdrukkelijk en afdoende.

§ 3.De beslissingen van het Mededingingscollege bedoeld in paragrafen 1 en 2 worden genomen binnen een termijn van veertig werkdagen te rekenen vanaf de dag volgend op de dag van ontvangst van de aanmelding. Ingeval de inlichtingen die bij de aanmelding werden verstrekt niet volledig waren, loopt deze termijn vanaf de dag volgend op de dag waarop de volledige inlichtingen werden ontvangen. In voorkomend geval wordt de termijn geschorst met toepassing van de artikelen IV.40, § 2, vierde lid, en IV.65, § 1, tweede lid.

De in het eerste lid bedoelde termijn wordt verlengd:

1°met vijftien werkdagen ingeval de aanmeldende partijen... verbintenissen aanbieden of wijzigen of de concentratie wijzigen;

2°bij beslissing van het Mededingingscollege, op uitdrukkelijk verzoek van de aanmeldende partijen, ten hoogste voor de duur die zij voorstellen; het Mededingingscollege staat in ieder geval een verlenging toe van vijftien werkdagen alsmede een nieuwe zitting, ingeval de aanmeldende partijen daarom verzoeken.

§ 4.De concentratie wordt geacht het voorwerp te zijn van een beslissing tot toelaatbaarheid, wanneer het Mededingingscollege geen beslissing heeft genomen binnen de in paragraaf 3 bedoelde termijn.

§ 5.De beslissing van het Mededingingscollege over de grond van de zaak kan niet steunen op documenten en gegevens die als vertrouwelijk ten aanzien van een aanmeldende partij werden erkend, tenzij het stukken betreft van de verkoper, van een andere aanmeldende partij of van de doelonderneming en de aanmeldende partij kennis heeft kunnen nemen van een niet-vertrouwelijke versie of samenvatting van deze documenten en gegevens.

Art. IV.67

§ 1.Ingeval het Mededingingscollege beslist de procedure van bijkomend onderzoek en beslissing in te zetten, voert de auditeur een bijkomend onderzoek.

Uiterlijk twintig werkdagen na de beslissing om de procedure van bijkomend onderzoek in te zetten, kunnen de aanmeldende partijen aan de auditeur verbintenissen aanbieden met het oog op het verkrijgen van een beslissing tot toelaatbaarheid. De auditeur kan de termijn van twintig werkdagen verlengen.

§ 2.De auditeur dient, na advies van de auditeur-adviseur, een gemotiveerd voorstel van beslissing in bij de voorzitter van het Mededingingscollege binnen een termijn van dertig werkdagen na de beslissing om de procedure van bijkomend onderzoek in te stellen. Deze termijn wordt verlengd met dezelfde duur als die welke de aanmeldende partijen gebruikt hebben om verbintenissen aan te bieden overeenkomstig paragraaf 1, tweede lid. In voorkomend geval wordt de termijn geschorst met toepassing van artikel IV.40, § 2, vierde lid.

§ 3.Op dezelfde dag als de indiening van het voorstel van beslissing, deelt de auditeur een kopie van het voorstel van beslissing mee aan de aanmeldende partijen. Hij nodigt hen uit om de in het voorstel opgenomen vertrouwelijke passages aan te stippen. De auditeur stelt vervolgens de niet-vertrouwelijke versie vast. Zijn beslissing betreffende de vertrouwelijkheid is niet vatbaar voor afzonderlijk beroep.

De auditeur deelt een kopie van de niet-vertrouwelijke versie van het voorstel van beslissing mee aan de vertegenwoordigers van de meest representatieve organisaties van werknemers van de partijen bij de concentratie of aan de personen die zij aanwijzen.

Hij deelt de aanmeldende partijen mee dat zij op het secretariaat inzage kunnen nemen van het onderzoeksdossier en het proceduredossier, met uitzondering van de documenten en gegevens die ten aanzien van hen vertrouwelijk zijn, en dat zij tegen betaling een elektronische kopie ervan kunnen krijgen.

§ 4.Ingeval de auditeur van oordeel is dat de concentratie toelaatbaar is, vermeldt het voorstel van beslissing de redenen waarom de concentratie niet tot gevolg heeft dat een daadwerkelijke mededinging op de Belgische markt of een wezenlijk deel daarvan op significante wijze wordt belemmerd, onder andere door de verwezenlijking of de versterking van een machtspositie.

Ingeval de auditeur van oordeel is dat de concentratie ontoelaatbaar moet worden verklaard of onderworpen moet worden aan voorwaarden en verplichtingen, vermeldt het voorstel van beslissing de redenen waarom de concentratie moet worden verboden en neemt het standpunt in over de aangeboden verbintenissen.

Art. IV.68

§ 1.De aanmeldende partijen en de derden die het Mededingingscollege zal horen dienen hun eventuele schriftelijke opmerkingen en stukken in bij het secretariaat binnen een termijn van tien werkdagen na de indiening van het voorstel van beslissing, met kopie per e-mail op dezelfde dag aan de auditeur en de aanmeldende partijen.

Ingeval de aanmeldende partijen een stuk indienen dat zich niet in het onderzoeksdossier bevindt, stelt de voorzitter van het Mededingingscollege een termijn vast waarbinnen de auditeur schriftelijke opmerkingen kan indienen betreffende dat stuk alsmede een termijn waarbinnen de aanmeldende partijen kunnen antwoorden op deze schriftelijke opmerkingen. De auditeur kan toepassing maken van artikel IV.40 bij de voorbereiding van zijn schriftelijke opmerkingen. De aanmeldende partijen en de auditeur doen mekaar per e-mail mededeling van hun schriftelijke opmerkingen en stukken, op dezelfde dag als de indiening ervan op het secretariaat. De beslissingstermijn bedoeld in artikel IV.69, § 2, wordt geschorst vanaf de eerste werkdag volgend op de dag van indiening door de aanmeldende partijen van de schriftelijke opmerkingen bedoeld in het eerste lid tot de dag waarop de termijn verstrijkt waar-binnen de aanmeldende partijen hun antwoord kunnen indienen.

In geval van vertrouwelijke informatie van derden is artikel IV.65, § 2, tweede lid, van toepassing.

De derden die het Mededingingscollege zal horen hebben geen recht van toegang tot het onderzoeksdossier en het proceduredossier, tenzij de voorzitter van het Mededingingscollege hiertoe een andersluidende beslissing neemt voor de stukken van het proceduredossier die hij aanduidt.

§ 2.Ingeval schriftelijke opmerkingen of stukken worden ingediend, kan de auditeur een nieuw gemotiveerd voorstel van beslissing indienen bij de voorzitter van het Mededingingscollege binnen een termijn van vijf werkdagen na het verstrijken van de termijn bepaald in paragraaf 1, eerste lid. In voorkomend geval vangt de termijn van vijf werkdagen aan op de dag volgend op de dag waarop de termijn verstrijkt waarbinnen de aanmeldende partijen hun antwoord bedoeld in de laatste zin van paragraaf 1, tweede lid, kunnen indienen.

Het nieuwe voorstel van beslissing wordt medegedeeld overeenkomstig artikel IV.67, § 3.

§ 3.De aanmeldende partijen dienen hun eventuele schriftelijke opmerkingen bij het nieuwe voorstel van beslissing of bij de schriftelijke opmerkingen van derden in bij het secretariaat uiterlijk op de dag voor de zitting, met kopie per e-mail op de dag van de indiening aan de auditeur. Zij mogen geen bijkomende stukken toevoegen die niet werden ingediend tijdens het voorgaande onderzoek of bij toepassing van de artikelen IV.65, § 1, en IV.68, § 1, behalve indien het een bewijs van een feit betreft.

Eventuele bijkomende schriftelijke opmerkingen en stukken van derden die het Mededingingscollege zal horen bij het nieuwe voorstel van beslissing worden uit de debatten geweerd.

§ 4.Het Mededingingscollege behandelt elke zaak ter zitting. De zitting vindt plaats ten minste tien werkdagen na de mededeling van het voorstel van beslissing bedoeld in artikel IV.67, § 2, aan de aanmeldende partijen.

De voorzitter van het Mededingingscollege kan beslissen meer dan één zitting te organiseren. Ingeval een bijkomende zitting alsnog overbodig blijkt, kan het Mededingingscollege in zijn beslissing het sluiten van de debatten vaststellen.

Het Mededingingscollege hoort de personen bedoeld in artikel IV.65, § 4.

§ 5.De aanmeldende partijen kunnen nieuwe verbintenissen aanbieden binnen de termijn bepaald door de voorzitter van het Mededingingscollege.

§ 6.De ondernemingen die partij zijn bij de concentratie kunnen de concentratie wijzigen, tot op het ogenblik van de sluiting van de debatten door het Mededingingscollege. In dat geval slaat de beslissing van het Mededingingscollege op de aldus gewijzigde concentratie.

Art. IV.69

§ 1.Het Mededingingscollege oordeelt bij gemotiveerde beslissing over de toelaatbaarheid van de concentratie bij toepassing van de criteria bedoeld in artikel IV.9.

Ingeval het Mededingingscollege vaststelt dat de concentratie toelaatbaar is, kan het aan zijn beslissing voorwaarden en verplichtingen verbinden die moeten waarborgen dat de betrokken ondernemingen de verbintenissen nakomen die zij hebben aangeboden teneinde de concentratie toelaatbaar te horen verklaren.

Ingeval het Mededingingscollege voorwaarden en verplichtingen in overweging wenst te nemen die niet in het voorstel van beslissing opgenomen zijn, worden de aanmeldende partijen en de auditeur hierover gehoord en beschikken zij over ten minste vijf werkdagen, vanaf de mededeling door het Mededingingscollege, om zich hierover schriftelijk uit te spreken.

Ingeval het Mededingingscollege vaststelt dat de concentratie niet toelaatbaar is, beveelt het in voorkomend geval met het oog op het herstellen van een daadwerkelijke mededinging de splitsing van de gegroepeerde ondernemingen of activa, het stopzetten van de gemeenschappelijke controle of elke andere geëigende maatregel.

De motivering van de beslissing van het Mededingings-college is uitdrukkelijk en afdoende.

§ 2.De beslissing van het Mededingingscollege betreffende de toelaatbaarheid van de concentratie wordt genomen binnen zestig werkdagen na de beslissing om de procedure van bijkomend onderzoek in te zetten.

De in het eerste lid bedoelde termijn wordt verlengd:

1°met dezelfde duur als die welke de aanmeldende partijen gebruikt hebben om verbintenissen aan te bieden overeenkomstig artikel IV.67, paragraaf 1;

2°met vijftien werkdagen indien de ondernemingen die partij zijn bij de concentratie de concentratie wijzigen;

3°bij beslissing van het Mededingingscollege, op uitdrukkelijk verzoek van de aanmeldende partijen, ten hoogste voor de duur die de partijen voorstellen; het Mededingingscollege staat in ieder geval de gevraagde verlenging toe, met een maximum van twintig werkdagen, alsmede een nieuwe zitting, indien de aanmeldende partijen daarom verzoeken teneinde hen toe te laten nieuwe verbintenissen aan te bieden.

In voorkomend geval wordt de in het eerste lid bedoelde termijn geschorst met toepassing van de artikelen IV.40, § 2, vierde lid, en IV.68, § 1, tweede lid.

De Koning kan, na advies van de Belgische Mededingingsautoriteit, de termijn bedoeld in het eerste lid wijzigen.

§ 3.De concentratie wordt geacht het voorwerp te zijn van een beslissing tot toelaatbaarheid wanneer het Mededingingscollege geen beslissing heeft genomen binnen de in paragraaf 2 bedoelde termijn.

§ 4.De beslissing van het Mededingingscollege over de grond van de zaak kan niet steunen op documenten en gegevens die als vertrouwelijk ten aanzien van een aanmeldende partij werden erkend tenzij het stukken betreft van de verkoper, van een andere aanmeldende partij of van de doelonderneming en de aanmeldende partij kennis heeft kunnen nemen van een niet-vertrouwelijke versie of samenvatting van deze documenten en gegevens.