Alle wetboeken › Sw. 2024

Boek II De gemeenrechtelijke misdrijven en hun straffen › Titel 3 Misdrijven tegen de persoon › Hoofdstuk 7 Schendingen van de persoonlijke waardigheid en misbruik van de kwetsbare positie van het slachtoffer

Afdeling 5 Handel in menselijke organen

276–287

Art. 276

Illegaal wegnemen van een menselijk orgaan

Illegaal wegnemen van een menselijk orgaan is het opzettelijk wegnemen van een orgaan bij een persoon in de volgende gevallen:

1°wanneer het wegnemen bij een levende gebeurt zonder zijn vrije, geïnformeerde en specifieke toestemming, of wanneer het wegnemen bij een overledene gebeurt in strijd met de in de wet bepaalde voorwaarden inzake toestemming of verzet;

2°wanneer, in ruil voor het wegnemen van het orgaan, die persoon of een derde, rechtstreeks of onrechtstreeks, een profijt of een vergelijkbaar voordeel werd voorgesteld, aangeboden, beloofd of hij dit heeft verkregen, voor zichzelf of een ander, zelfs indien de persoon heeft toegestemd in het wegnemen;

3°wanneer het wegnemen gebeurt door een persoon die daartoe niet is gemachtigd door de wet, of buiten een door de wet gemachtigde verzorgingsinrichting.

Vormen geen "profijt of vergelijkbaar voordeel" in de zin van het eerste lid, 2°:

1°de vergoeding van de rechtstreekse en onrechtstreekse kosten, bedoeld in artikel 4, § 2, van de wet van 13 juni 1986 betreffende het wegnemen en transplanteren van organen, en in artikel 6, § 2, van de wet van 19 december 2008 inzake het verkrijgen en het gebruik van menselijk lichaamsmateriaal met het oog op de geneeskundige toepassing op de mens of het wetenschappelijk onderzoek;

2°de vergoeding van de inkomstenderving die met de orgaandonatie verband houdt.

Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 4.

Art. 277

Illegaal transplanteren of gebruiken van een menselijk orgaan

Illegaal transplanteren van een menselijk orgaan is:

1°het opzettelijk transplanteren bij een persoon van een menselijk orgaan dat is weggenomen in strijd met artikel 276 of dat is weggenomen in een andere Staat onder de in voornoemd artikel bedoelde voorwaarden;

2°het, transplanteren bij een persoon van een menselijk orgaan zonder daartoe te zijn gemachtigd door de wet of buiten een door de wet gemachtigde verzorgingsinrichting.

Het illegaal gebruik van een menselijk orgaan is het opzettelijk gebruiken van een onder een van de drie omstandigheden omschreven in artikel 276 of in een andere Staat onder een van diezelfde omstandigheden illegaal weggenomen menselijk orgaan voor andere doeleinden dan transplantatie.

Deze misdrijven worden bestraft met een straf van niveau 4.

Art. 278

Illegaal beheren van menselijke organen

Illegaal beheren van menselijke organen is het opzettelijk:

1°voorbereiden, bewaren, opslaan, vervoeren, overbrengen, ontvangen of exporteren van een orgaan dat is weggenomen in strijd met artikel 276 of dat is weggenomen in een andere Staat onder de in voornoemd artikel bedoelde voorwaarden;

2°invoeren of laten doorvoeren van een orgaan dat illegaal is weggenomen in een andere Staat onder de omstandigheden omschreven in artikel 276.

Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 4.

Art. 279

Ongeoorloofd ronselen van een donor of ontvanger van menselijke organen

Ongeoorloofd ronselen van een donor of ontvanger van menselijke organen is het vragen of werven van een kandidaat-orgaandonor of -ontvanger met het oogmerk, rechtstreeks of onrechtstreeks, een profijt of een vergelijkbaar voordeel voor zichzelf of voor een derde te verkrijgen.

Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 4.

Art. 280

Verzwaard illegaal wegnemen, transplanteren, gebruiken of beheren en ongeoorloofd ronselen van een donor of ontvanger van menselijke organen

§ 1.Het illegaal wegnemen, illegaal transplanteren of gebruiken, illegaal beheren en het ongeoorloofd ronselen van een donor of ontvanger van menselijke organen wordt bestraft met een straf van niveau 5 wanneer:

1°het misdrijf is gepleegd op een minderjarige of een persoon in een kwetsbare toestand;

2°het misdrijf is gepleegd door een persoon die misbruik heeft gemaakt van het gezag of de faciliteiten die zijn functies hem verlenen;

3°het leven van het slachtoffer opzettelijk of door grove nalatigheid in gevaar is gebracht;

4°het misdrijf de lichamelijke of geestelijke gezondheid van het slachtoffer ernstig heeft aangetast;

5°van de betrokken activiteit een gewoonte wordt gemaakt;

6°het een daad van deelneming aan de hoofd- of bijkomende bedrijvigheid van een vereniging betreft, ongeacht of de schuldige de hoedanigheid van leidend persoon heeft of niet;

7°de dader reeds werd veroordeeld voor een in deze afdeling bedoeld misdrijf, onder voorbehoud van de toepassing van artikel 60;

8°het misdrijf werd gepleegd vanuit een discriminerende drijfveer.

Voor de toepassing van het eerste lid, 7°, kan rekening worden gehouden met de veroordeling uitgesproken door een strafgerecht van een andere Staat die Partij is bij het Verdrag van de Raad van Europa tegen de handel in menselijke organen, voor een van de feiten die strafbaar zijn gesteld overeenkomstig dat Verdrag, voor zover de dader niet op minder gunstige wijze wordt behandeld dan indien de vroegere veroordeling was uitgesproken door een Belgisch gerecht.

§ 2.Deze misdrijven worden bestraft met een straf van niveau 6 wanneer:

1°het misdrijf de dood van het slachtoffer heeft veroorzaakt zonder dat het misdrijf werd gepleegd met het oogmerk te doden;

2°het een daad van deelneming aan de hoofd- of bijkomende bedrijvigheid van een criminele organisatie betreft, ongeacht of de schuldige de hoedanigheid van leidend persoon heeft of niet.

Art. 281

Faciliteren of verspreiden van illegale praktijken van handel in menselijke organen

Het faciliteren of verspreiden van illegale praktijken van handel in menselijke organen is het, op enerlei wijze:

1°opzettelijk faciliteren of bevorderen van de praktijken bedoeld in de artikelen 276 tot 278, of aanzetten tot dergelijke praktijken;

2°opzettelijk, direct of indirect reclame maken, uitgeven, verdelen of verspreiden voor die praktijken;

3°de behoefte aan of de beschikbaarheid van organen rechtstreeks of onrechtstreeks onder de aandacht brengen met het oogmerk, rechtstreeks of onrechtstreeks, een profijt of een vergelijkbaar voordeel voor zichzelf of voor een derde aan te bieden of te behalen.

Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 3.

Art. 282

Aanvaarden van een illegale transplantatie van een menselijk orgaan

Aanvaarden van een illegale transplantatie van een menselijk orgaan is het opzettelijk voor zichzelf aanvaarden van de transplantatie van een menselijk orgaan dat is weggenomen in strijd met artikel 276 of weggenomen in een andere Staat in de omstandigheden uit voormeld artikel.

Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 3.

Poging tot het in dit artikel bedoelde misdrijf is niet strafbaar.

Art. 283

Aanbieden of aanvaarden van een voordeel in het kader van de handel in menselijke organen

Aanbieden of aanvaarden van een voordeel in het kader van de handel in menselijke organen is het opzettelijk:

1°rechtstreeks of via tussenpersonen beloven, aanbieden of overhandigen aan een persoon van een voordeel van welke aard dan ook, voor zichzelf of voor een derde, opdat hij een orgaan wegneemt, transplanteert of gebruikt in strijd met de artikelen 276 tot 278, of het faciliteren van een dergelijke handeling;

2°rechtstreeks of via tussenpersonen vragen, aanvaarden of ontvangen van een voordeel van welke aard dan ook, voor zichzelf of voor een derde, teneinde een orgaan weg te nemen, te transplanteren of te gebruiken in strijd met de artikelen 276 tot 278, of het faciliteren van een dergelijke handeling.

Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 3.

...

Art. 284

Verzwaard faciliteren of verspreiden van illegale praktijken en aanbieden of aanvaarden van een onterecht voordeel in het kader van de handel in menselijke organen

§ 1.Het faciliteren of verspreiden van illegale praktijken en het aanbieden of aanvaarden van een onterecht voordeel in het kader van de handel in menselijke organen worden bestraft met een straf van niveau 4 wanneer:

1°het misdrijf is gepleegd op een minderjarige of persoon in een kwetsbare toestand;

2°het misdrijf is gepleegd door een persoon die misbruik heeft gemaakt van het gezag of de faciliteiten die zijn functies hem verlenen;

3°het leven van het slachtoffer opzettelijk of door grove nalatigheid in gevaar is gebracht;

4°het misdrijf de lichamelijke of geestelijke gezondheid van het slachtoffer ernstig heeft aangetast;

5°van de betrokken activiteit een gewoonte wordt gemaakt;

6°het een daad van deelneming aan de hoofd- of bijkomende bedrijvigheid van een vereniging betreft, ongeacht of de schuldige de hoedanigheid van leidend persoon heeft of niet;

7°de dader reeds werd veroordeeld voor een in deze afdeling bedoeld misdrijf, onder voorbehoud van de toepassing van artikel 60;

8°het misdrijf werd gepleegd vanuit een discriminerende drijfveer.

Voor de toepassing van het eerste lid, 7°, kan rekening worden gehouden met de veroordeling uitgesproken door een strafgerecht van een andere Staat die Partij is bij het Verdrag van de Raad van Europa tegen de handel in menselijke organen, voor een van de feiten die strafbaar zijn gesteld overeenkomstig dat Verdrag, voor zover de dader niet op minder gunstige wijze wordt behandeld dan indien de vroegere veroordeling was uitgesproken door een Belgisch gerecht.

§ 2.Deze misdrijven worden bestraft met een straf van niveau 5 wanneer:

1°het misdrijf de dood van het slachtoffer heeft veroorzaakt zonder dat het misdrijf werd gepleegd met het oogmerk te doden;

2°het een daad van deelneming aan de hoofd- of bijkomende bedrijvigheid van een criminele organisatie betreft, ongeacht of de schuldige de hoedanigheid van leidend persoon heeft of niet.

Art. 285

Vermoeden omtrent de wettige oorsprong van de menselijke organen die weggenomen zijn binnen de Europese Unie

Voor de toepassing van de bepalingen van deze afdeling worden de organen die zijn weggenomen in België of in een andere lidstaat van de Europese Unie vermoed, tot bewijs van het tegendeel, niet illegaal te zijn weggenomen onder een van de drie omstandigheden bedoeld in artikel 276 of te zijn weggenomen in een andere Staat onder een van diezelfde omstandigheden indien zij werden toegewezen door een openbare of private non-profitorganisatie die zich bezighoudt met nationale en grensoverschrijdende orgaanuitwisselingen.

Art. 286

Verbeurdverklaring van het instrument van het misdrijf

In afwijking van artikel 53, § 2, 2°, worden de zaken die gediend hebben of bestemd waren tot het plegen van een van de in deze afdeling bedoelde misdrijven verbeurd verklaard, ook al zijn zij geen eigendom van de veroordeelde, onverminderd de rechten die derden kunnen laten gelden op die zaken.

De verbeurdverklaring wordt eveneens toegepast, onder dezelfde voorwaarden, op de onroerende goederen of gedeelten ervan die gediend hebben of bestemd waren tot het plegen van het misdrijf.

Indien deze roerende of onroerende goederen worden vervreemd tussen het plegen van het misdrijf en de definitieve rechterlijke beslissing, kan de rechter hun geldwaarde bepalen en de verbeurdverklaring uitspreken van een geldsom die hiermee overeenstemt overeenkomstig artikel 53, § 2, tweede lid.

Art. 287

Specifiek verbod en ontzettingen in geval van veroordeling voor handel in menselijke organen

Onverminderd andere wettelijke bepalingen, kan de rechter de personen die veroordeeld zijn voor feiten bedoeld in deze afdeling, voor een termijn van een jaar tot twintig jaar, verbieden een beroepsactiviteit of sociale activiteit uit te oefenen die verband houdt met het plegen van een van de in deze afdeling strafbaar gestelde feiten.

Artikel 48, derde en vierde lid, is van toepassing op dit verbod.

In geval van veroordeling wegens handel in menselijke organen worden de schuldigen veroordeeld tot de ontzetting uit de rechten bedoeld in artikel 47, eerste lid.