Alle wetboeken › BW

BOEK 2 Personen, familie en relatievermogensrecht › Titel 3 Relatievermogensrecht

Ondertitel 2 Centraal register voor huwelijksovereenkomsten

2.3.82–2.3.89

Art. 2.3.82

Doeleinden

Het centraal register voor huwelijksovereenkomsten is een geïnformatiseerde gegevensbank met als doeleinde:

1°de huwelijksovereenkomsten tegenwerpelijk te maken aan derden en, binnen de perken van de bepalingen van deze ondertitel, de raadpleging en de mededeling aan derden van informatie over de huwelijksovereenkomsten van gehuwde personen, daarin begrepen de verklaringen van anticipatieve inbreng, evenals over de vermogensrechtelijke overeenkomsten van wettelijk samenwonenden, op elektronische wijze of, in voorkomend geval, per post, mogelijk te maken;

2°binnen de perken bepaald door Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG, de verwerking van de in het centraal register geregistreerde gegevens mogelijk te maken met het oog op het algemeen belang en in het bijzonder statistische en wetenschappelijke doeleinden, of teneinde de kwaliteit van het register te verbeteren.

Art. 2.3.83

Op te nemen akten

§ 1.In het centraal register voor huwelijksovereenkomsten worden opgenomen:

1°de huwelijksovereenkomsten, ongeacht of ze voor of tijdens het huwelijk worden gesloten;

2°de verklaringen van anticipatieve inbreng opgenomen in een akte van eigendomsverkrijging van een onroerend goed overeenkomstig artikel 2.3.53, § 2;

3°de in artikel 1478 van het oud Burgerlijk Wetboek bedoelde overeenkomsten;

4°de vorderingen tot scheiding van goederen, alsook de vonnissen en arresten waarbij de gerechtelijke scheiding van goederen als bedoeld in artikel 2.3.78 wordt uitgesproken;

5°de vonnissen en arresten waarbij aan een gehuwd persoon de bestuursbevoegdheid wordt ontnomen of een dergelijke ontneming wordt herroepen, in de zin van artikel 2.3.40, § 2;

6°de vonnissen en arresten waarin uitspraak wordt gedaan over de geldigheid, de toepassing of de interpretatie van een huwelijksovereenkomst.

§ 2.De notaris schrijft de akten bedoeld in paragraaf 1, 1° tot 3° in.

§ 3.De griffier van het rechtscollege waarbij ze werden neergelegd, stelt het centraal register voor huwelijksovereenkomsten in kennis van de vorderingen tot scheiding van goederen bedoeld in paragraaf 1, 4°, zodra ze op de rol zijn gebracht.

De griffier van het rechtscollege dat ze heeft uitgesproken, stelt het centraal register voor huwelijksovereenkomsten in kennis van de in paragraaf 1, 4°, 5° en 6°, bedoelde vonnissen of arresten.

De griffier van het rechtscollege dat het in paragraaf 1, 4°, bedoelde vonnis of arrest heeft uitgesproken, stelt het centraal register voor huwelijksovereenkomsten in kennis van elk verzet, elk hoger beroep of elke voorziening tegen dit vonnis of arrest.

De griffier van het rechtscollege dat ze heeft uitgesproken stelt het centraal register voor huwelijksovereenkomsten in kennis van de rechterlijke beslissingen waarbij een in paragraaf 1, 4°, 5° en 6°, bedoeld vonnis of arrest wordt vernietigd of hervormd.

Art. 2.3.84

In te schrijven gegevens

§ 1.Het centraal register voor huwelijksovereenkomsten bevat de volgende gegevens geldend op het ogenblik van de inschrijving:

1°voor elk van de echtgenoten die partij zijn bij een akte, verklaring of rechterlijke beslissing als bedoeld in artikel 2.3.83, § 1, 1°, 2°, 4°, 5° of 6°, en voor elk van de wettelijk samenwonenden die partij zijn bij de in artikel 2.3.83, § 1, 3°, bedoelde overeenkomst:

a)de naam en voorna(a)m(en);

b)identificatienummer van het Rijksregister of het identificatienummer bij de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid;

c)de geboortedatum en -plaats;

d)de woonplaats of de gewone verblijfplaats;

2°in de gevallen bedoeld in artikel 2.3.83, § 1, 1°, 2° en 3°, de aard en de datum van de akte;

3°in de gevallen bedoeld in artikel 2.3.83, § 1, 1°, het toepasselijke huwelijksvermogensstelsel;

4°in de gevallen bedoeld in artikel 2.3.83, § 1, 4°, 5° en 6°, het voorwerp en de datum van het vonnis of arrest;

5°in de gevallen bedoeld in artikel 2.3.83, § 1, 4°, 5° en 6°, de aanduiding van elk verzet, elk hoger beroep of elke voorziening tegen een vonnis of arrest;

6°de identificatie van de notaris, of de met openbaar gezag beklede autoriteit of persoon die de akte heeft verleden of in bewaring heeft genomen, of het rechtscollege dat het vonnis of arrest heeft uitgesproken;

7°in voorkomend geval, de NABAN-referentie van de akte, zoals bedoeld in artikel 18 van de wet van 16 maart 1803 tot regeling van het notarisambt, en, bij gebrek, het repertoriumnummer;

8°in voorkomend geval, de referentie van het vonnis of arrest volgens de ECLI-standaard (European Case Law Identifier), of, bij gebrek, het algemeen rolnummer van het vonnis of arrest;

9°in voorkomend geval, de plaats en datum van overlijden van een van deze partijen.

§ 2.Het centraal register voor huwelijksovereenkomsten geldt als authentieke bron voor alle gegevens die erin zijn opgenomen.

Art. 2.3.85

Inschrijvingskosten

De Koning bepaalt het tarief van de kosten van de inschrijving in het register.

Art. 2.3.86

Verwerkingsverantwoordelijke

§ 1.De Koninklijke Federatie van het Belgisch Notariaat, hierna "de beheerder" genoemd, is belast met het beheer en de organisatie van het centraal register voor huwelijksovereenkomsten.

De beheerder wordt, met betrekking tot het centraal register voor huwelijksovereenkomsten, beschouwd als de verwerkingsverantwoordelijke in de zin van artikel 4, 7), van de Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG.

§ 2.De beheerder stelt een functionaris voor de gegevensbescherming aan. Deze is meer bepaald belast met:

1°het verstrekken van deskundige adviezen inzake de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en de beveiliging van persoonsgegevens en informatie en inzake hun verwerking;

2°het informeren en adviseren van de beheerder die de persoonsgegevens verwerkt over zijn verplichtingen binnen het kader van deze wet en binnen het algemeen kader van de gegevensbescherming en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer;

3°het opstellen, het toepassen, het bijwerken en het controleren van een beleid inzake de beveiliging en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer;

4°het vormen van het contactpunt voor de Gegevensbeschermingsautoriteit;

5°de uitvoering van de andere opdrachten inzake de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en de beveiliging die door de Koning worden bepaald, na advies van de Gegevensbeschermingsautoriteit.

Bij het uitoefenen van zijn opdrachten handelt de functionaris voor de gegevensbescherming volledig onafhankelijk en brengt hij rechtstreeks verslag uit aan de beheerder.

De Koning kan, na advies van de Gegevensbeschermingsautoriteit, de nadere regels bepalen volgens dewelke de functionaris voor de gegevensbescherming zijn opdrachten uitvoert.

Art. 2.3.87

Bewaartermijn

De Koninklijke Federatie van het Belgisch Notariaat bewaart de gegevens van de inschrijving, met vermelding van de datum van inschrijving, tot dertig jaar na het overlijden van de persoon wiens gegevens bewaard werden, of, indien de datum van overlijden niet gekend is, tot op het ogenblik dat hij de leeftijd van 145 jaar zou hebben bereikt.

De Koninklijke Federatie van het Belgisch Notariaat bewaart de gegevens met betrekking tot de raadplegingen van het register, met name de identificatiegegevens van de persoon die het register heeft geraadpleegd, de identificatiegegevens van de persoon over wie een raadpleging werd gedaan, het ogenblik van de raadpleging en de reden van de raadpleging. De gegevens worden tot tien jaar na de raadpleging bewaard. In geval van betwisting wordt deze termijn geschorst tot alle beroepsmogelijkheden zijn uitgeput.

Art. 2.3.89

De Koning kan de nadere regels inzake het beheer alsook de vorm en modaliteiten van de inschrijving in, en kennisgeving aan, het centraal register voor huwelijksovereenkomsten bepalen.