Alle wetboeken › Bankwet

BOEK II - KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT › TITEL VIII - Afwikkeling van kredietinstellingen › HOOFDSTUK V - Afwikkelingsinstrumenten

Afdeling I - Beginselen

255

Art. 255

§ 1.De afwikkelingsinstrumenten zijn:

1°het instrument van verkoop van de onderneming;

2°het instrument van de overbruggingsinstelling;

3°het instrument van afsplitsing van activa;

4°het instrument van interne versterking (bail-in).

§ 2.Bij een in Ministerraad overlegd besluit, genomen op advies van de afwikkelingsautoriteit, kan de Koning alle nodige maatregelen nemen om uitvoering te geven aan de dwingende bepalingen van internationale verdragen, of internationale akten genomen krachtens dergelijke verdragen, voor de aanvulling van de afwikkelingsinstrumenten met een instrument van interne versterking (bail-in) dat de afwikkelingsautoriteit toelaat om alle of een deel van de bail-inbare schulden van een kredietinstelling af te schrijven of om te zetten in aandelen of andere eigendomsinstrumenten.

Te dien einde kan dit besluit de kredietinstellingen verplichten om te allen tijde een minimumniveau aan eigen vermogen en in aanmerking komende schulden te handhaven om een geordende afwikkeling mogelijk te maken.

De in de eerste lid aan de Koning verleende machten verstrijken op 31 december 2015.

Het besluit genomen krachtens deze paragraaf kan de van kracht zijnde wettelijke bepalingen wijzigen, aanvullen, vervangen of opheffen.

Dit besluit mag niet in werking treden vóór 1 januari 2016. Het wordt van rechtswege opgeheven indien het niet bij wet wordt bekrachtigd binnen twaalf maanden volgend op de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.

De afschrijving of omzetting van schulden van een kredietinstelling verricht met toepassing van het instrument van interne versterking, komt de medeschuldenaars en de derden die een persoonlijke of zakelijke zekerheid hebben gesteld, niet ten goede.

§ 3.De afwikkelingsautoriteit mag de afwikkelingsinstrumenten zowel afzonderlijk als in combinatie toepassen.

Zij mag evenwel het instrument van afsplitsing van activa uitsluitend samen met een ander afwikkelingsinstrument toepassen.

§ 4.Indien de in paragraaf 1, 1° of 2° bedoelde afwikkelingsinstrumenten worden gebruikt om slechts een deel van de activa, rechten of verbintenissen van de kredietinstelling over te dragen, wordt de kredietinstelling vereffend volgens een liquidatieprocedure.

De vereffening geschiedt binnen een redelijke termijn waarbij ermee rekening wordt gehouden dat het eventueel noodzakelijk kan zijn dat de kredietinstelling diensten verleent uit hoofde van artikel 279 om de ontvanger in staat te stellen de overgedragen activiteiten of diensten te verrichten, en met andere redenen die het voortbestaan van de kredietinstelling nodig maken om de afwikkelingsdoelstellingen te verwezenlijken of aan de beginselen bepaald in artikel 245 te voldoen.

§ 5.Bij een in Ministerraad overlegd besluit, genomen op advies van de afwikkelingsautoriteit, of uit eigen beweging na advies van de afwikkelingsautoriteit, kan de Koning buitengewone openbare financiële steun verlenen door middel van instrumenten voor financiële stabilisatie om in de afwikkeling van een kredietinstelling te participeren, waaronder door rechtstreeks in te grijpen om de vereffening van deze instelling te voorkomen, teneinde de in artikel 243, § 1 bedoelde afwikkelings-doelstellingen te verwezenlijken.

De overheidsinstrumenten voor financiële stabilisatie zijn de volgende:

1°het instrument voor publieke kapitaalsteun, waarmee een kredietinstelling als bedoeld in het eerste lid geherkapitaliseerd wordt in ruil voor tier 1-kernkapitaalinstrumenten of aanvullende tier 1- of tier 2-instrumenten;

2°het instrument voor tijdelijke overheidseigendom, waarmee de aandelen van een kredietinstelling als bedoeld in het eerste lid worden overgedragen naar een onderneming die volledig in eigendom van de Staat is of naar een gevolmachtigde van de Koning.

§ 6.De overheidsinstrumenten voor financiële stabilisatie worden als laatste redmiddel gebruikt, teneinde de financiële stabiliteit te vrijwaren, en enkel nadat de afwikkelingsinstrumenten als bedoeld in paragraaf 1 en paragraaf 2 zijn beoordeeld en zoveel mogelijk zijn benut. Deze beoordeling wordt door de Koning verricht na raadpleging van de afwikkelingsautoriteit. De overheidsinstrumenten voor financiële stabilisatie kunnen slechts gebruikt worden indien voldaan is aan de volgende voorwaarden:

1°de afwikkelingsautoriteit heeft vastgesteld dat de in artikel 244, § 1 bedoelde voorwaarden voor het initiëren van een afwikkelingsprocedure vervuld zijn in hoofde van de betrokken kredietinstelling;

2°na raadpleging van de Bank, in haar hoedanigheid van centrale bank, en van de toezichthouder, stellen de Koning en de afwikkelingsautoriteit vast

-dat de toepassing van de afwikkelingsinstrumenten niet volstaat om aanzienlijke negatieve gevolgen voor de financiële stabiliteit te voorkomen; of

-dat de toepassing van de afwikkelingsinstrumenten niet volstaat om het algemeen belang te beschermen; of

-enkel voor wat betreft het instrument voor tijdelijke overheidseigendom, dat de toepassing van de afwikkelingsinstrumenten niet volstaat om het algemeen belang te beschermen, indien de instelling eerder al kapitaalsteun heeft gekregen via het instrument voor kapitaalsteun;

3°de waarde van de instrumenten die met toepassing van het instrument van interne versterking of het instrument van afschrijving of omzetting van kapitaalinstrumenten en in aanmerking komende schulden worden omgezet of afgeschreven, bedraagt meer dan 8 % van de totale passiva, met inbegrip van het eigen vermogen, van de instelling in afwikkeling, gemeten aan de hand van de waardering die met toepassing van de artikelen 246 tot 249 werd verricht; en

4°de regels van de Europese Unie inzake staatssteun worden nageleefd.

§ 7.De Bank, in haar hoedanigheid van afwikkelingsautoriteit, oefent op verzoek van de Koning alle haar verleende afwikkelingsbevoegdheden uit indien de uitoefening van die bevoegdheden noodzakelijk is voor de tenuitvoerlegging van de overheidsinstrumenten voor financiële stabilisatie.

De Koning ziet erop toe dat de ondernemingen die de Staat rechtstreeks of onrechtstreeks bezit met toepassing van een overheidsinstrument voor financiële stabilisatie, op commerciële en professionele wijze worden beheerd.

Zodra de commerciële en financiële omstandigheden dat toelaten, worden de deelnemingen die met toepassing van een overheidsinstrument voor financiële stabilisatie rechtstreeks of onrechtstreeks worden aangehouden door de Staat, overgedragen aan de privésector.