Alle wetboeken › WER

Boek XIX - Schulden van de consument › TITEL 3 - De minnelijke schuldbemiddeling

HOOFDSTUK 3 - De procedure en de verplichtingen van de minnelijke schuldbemiddelaar

XIX.25–XIX.38

Art. XIX.25

§ 1.De minnelijke schuldbemiddeling mag niet aanvangen voordat de minnelijke schuldbemiddelaar en de schuldenaar een overeenkomst hebben ondertekend waarin onder meer zijn vastgesteld:

1°de bekendmaking van elk belangenconflict dat bestaat op het ogenblik van de ondertekening van de overeenkomst ten aanzien van de schuldenaar zoals bedoeld in artikel XIX.22, eerste lid, alsook de verklaring bedoeld in artikel XIX.22, tweede lid.

2°de omvang van het mandaat van de minnelijke schuldbemiddelaar;

3°het doel en de grenzen van de minnelijke schuldbemiddeling;

4°de rechten en plichten van de minnelijke schuldbemiddelaar en de schuldenaar bepaald in deze titel;

5°de beschikbare procedures voor klachtenafhandeling van de schuldenaar tegen de minnelijke schuldbemiddelaar, de bevoegde instanties die er kennis van nemen alsook de te respecteren formaliteiten en termijnen;

6°de beginselen en regels die van toepassing zijn op de verwerking en overdracht van persoonsgegevens overeenkomstig artikel XIX.30;

7°indien van toepassing, de kosten in verband met zijn tussenkomst en/of de minnelijke schuldbemiddeling; en

8°de informatieplicht met betrekking tot het vereiste van voorafgaande toestemming van de schuldenaar met bepaalde stappen die de schuldbemiddelaar in het kader van zijn opdracht onderneemt.

§ 2.Paragraaf 1, 8°, doelt met name op de voorafgaande toestemming van de schuldenaar bepaald in de artikelen XIX.23, derde lid, XIX.24 en XIX.29, § 2, eerste lid.

Indien het niet mogelijk is de voorafgaande toestemming van de schuldenaar te bekomen telkens wanneer dit nodig zou zijn in de artikelen bedoeld in het eerste lid, wordt de schuldenaar verondersteld zijn voorafgaande toestemming te geven aan de minnelijke schuldbemiddelaar door de overeenkomst te ondertekenen.

In alle andere gevallen waarin de toestemming van de schuldenaar vereist is krachtens de bepalingen van deze titel, rust de bewijslast van de toestemming van de schuldenaar op de minnelijke schuldbemiddelaar.

§ 3.De Koning kan een modelovereenkomst bepalen en vastleggen welke bepalingen ervan van dwingend dan wel van aanvullend recht zijn.

Art. XIX.26

Tijdens de eerste gesprekken met de schuldenaar zorgt de minnelijke schuldbemiddelaar ervoor dat de schuldenaar goed geïnformeerd wordt over het kader en de beperkingen van de minnelijke schuldbemiddeling en over de rechten en plichten van elke partij.

Tijdens de eerste gesprekken met de schuldenaar, en na te hebben beoordeeld of een minnelijke schuldbemiddeling relevant is, informeert de minnelijke schuldbemiddelaar de schuldenaar over het bestaan van alternatieve oplossingen. Hij legt de voorwaarden uit voor de uitvoering ervan en hun praktische gevolgen voor zijn rechten en verplichtingen.

Art. XIX.27

De minnelijke schuldbemiddelaar begeleidt de schuldenaar tijdens de volledige duur van zijn opdracht.

Daartoe voorziet de minnelijke schuldbemiddelaar in zoveel gesprekken met de schuldenaar als nodig is.

Tijdens de volledige duur van zijn opdracht presenteert de minnelijke schuldbemiddelaar alle mogelijkheden en alternatieven die de schuldenaar ter beschikking staan en hun gevolgen, zodat de schuldenaar weloverwogen beslissingen kan nemen.

Art. XIX.28

De minnelijke schuldbemiddelaar neemt kennis van de familiale, financiële, juridische en sociale situatie van de schuldenaar.

De minnelijke schuldbemiddelaar stelt samen met de schuldenaar het budget vast dat nodig is om hem en zijn echtgenoot en/of elke persoon die met hem samenwoont een menswaardig bestaan te garanderen. Het budget stemt overeen met de werkelijke behoeften van de schuldenaar en zijn echtgenoot en/of elke persoon die met hem samenwoont. Het principe van de menselijke waardigheid van de schuldenaar en zijn echtgenoot en/of elke persoon die met hem samenwoont dient als referentie voor de minnelijke schuldbemiddelaar bij het opstellen van het budget.

De minnelijke schuldbemiddelaar zorgt ervoor dat de schuldenaar op de hoogte is van de sociale rechten waarvoor hij in aanmerking komt. Hij informeert en adviseert de schuldenaar over de stappen die hij in voorkomend geval moet ondernemen om van deze rechten te kunnen genieten.

Art. XIX.29

§ 1.De minnelijke schuldbemiddelaar maakt een inventaris op van de schulden van de schuldenaar.

§ 2.In voorkomend geval, en met voorafgaande toestemming van de schuldenaar, kan de minnelijke schuldbemiddelaar de schuldeisers om een bijgewerkte staat van hun schuldvorderingen vragen, vergezeld van bewijsstukken.

Wanneer hij contact opneemt met de schuldeisers, zorgt de minnelijke schuldbemiddelaar ervoor dat de rechten van de schuldenaar gevrijwaard blijven.

De minnelijke schuldbemiddelaar controleert de wettigheid van de gevorderde bedragen op basis van de door de schuldeisers verstrekte documenten en staten.

§ 3.Indien er gronden tot betwisting zijn, informeert de minnelijke schuldbemiddelaar de schuldenaar daarover.

De schuldenaar neemt contact op met de schuldeisers om de redenen van de betwisting uit te leggen.

Hij kan de bijstand van de minnelijke schuldbemiddelaar inroepen.

Wanneer de artikelen XIX.3, XIX.7, § 2, en XIX.9, § 4, van toepassing zijn, informeert de minnelijke schuldbemiddelaar de schuldenaar over alle verplichtingen die hieruit voortvloeien.

§ 4.Als de schuldeiser de betwisting niet aanvaardt, informeert de minnelijke schuldbemiddelaar de schuldenaar over de minnelijke en/of gerechtelijke stappen die nog kunnen worden ondernomen.

§ 5.In geen geval vertegenwoordigt de minnelijke schuldbemiddelaar de schuldenaar in de rechtbank.

Art. XIX.30

§ 1.In het kader van de minnelijke schuldbemiddeling verwerkt de minnelijke schuldbemiddelaar de persoonsgegevens over de volgende categorieën van betrokken personen:

1°de schuldenaar;

2°de werknemers en vertegenwoordigers van de schuldeisers;

3°de echtgenoot van de schuldenaar en/of elke persoon die samenwoont met de schuldenaar.

§ 2.In het kader van de doelstellingen van minnelijke schuldbemiddeling bepaald in de artikelen XIX.16 en XIX.17, verwerkt de minnelijke schuldbemiddelaar de volgende categorieën van persoonsgegevens van de betrokken personen bedoeld in paragraaf 1:

1°de naam, de voornamen, het rijksregisternummer en de woonplaats van de schuldenaar;

2°de naam, de voornamen, de woonplaats en het rijksregisternummer van de echtgenoot van de schuldenaar of van elke persoon die samenwoont met de schuldenaar, de gezinssamenstelling en, in voorkomend geval, hun huwelijksvermogensstelsel.

3°alle financiële, sociaal-familiale en professionele gegevens die nodig zijn om een inventaris van de schulden van de schuldenaar op te maken;

4°alle financiële, sociaal-familiale en professionele gegevens die nodig zijn om voor de schuldenaar een budget op te stellen dat de schuldenaar, zijn echtgenoot en/of elke persoon die met hem samenwoont, een menswaardig bestaan garandeert;

5°alle informatie die de minnelijke schuldbemiddelaar in staat stelt om de familiale, financiële, juridische en sociale situatie van de schuldenaar, zijn echtgenoot en/of elke persoon die met hem samenwoont, zo goed mogelijk te beoordelen;

6°de lijst van de erkende of beweerde schuldeisers, met vermelding van hun naam, hun adres en, indien zij daarvan op de hoogte zijn, hun rijksregisternummer, of, indien het een rechtspersoon betreft, de benaming, het inschrijvingsnummer in de Kruispuntbank van Ondernemingen en de zetel, alsook de gegevens van de contactpersoon van de schuldeiser;

7°de attesten en bewijsstukken;

8°alle persoonsgegevens die de betrokken persoon uit eigen beweging wenst te delen.

§ 3.De Koning kan de lijst met categorieën van persoonsgegevens en persoonscategorieën bedoeld in de paragrafen 1 en 2 verduidelijken, mits die categorieën van persoonsgegevens en persoonscategorieën noodzakelijk en relevant zijn voor en in verhouding staan tot het volbrengen van de minnelijke schuldbemiddeling en de verplichtingen van de minnelijke schuldbemiddelaar tot het verwerken van persoonsgegevens.

De persoonsgegevens worden niet langer dan nodig bewaard voor de doeleinden waarvoor ze worden verwerkt.

Behoudens andersluidende wettelijke bepaling, mogen de persoonsgegevens niet langer bewaard worden dan gedurende een periode van tien jaar vanaf het einde van de minnelijke schuldbemiddeling.

Art. XIX.31

In zijn relaties met schuldeisers handelt de minnelijke schuldbemiddelaar altijd in overleg met en met instemming van de schuldenaar.

Art. XIX.32

De minnelijke schuldbemiddelaar ziet erop toe dat realistische voorstellen voor aflossing worden opgesteld na een zorgvuldig en nauwgezet onderzoek van de situatie van de schuldenaar en steeds met diens instemming.

Art. XIX.33

De schuldeisers zijn vrij om de aan hen voorgelegde aflossingsvoorstellen en overeenkomsten te aanvaarden of te weigeren. Ze kunnen ook tegenvoorstellen doen.

De schuldeisers zijn vrij om te weigeren deel te nemen aan een minnelijke schuldbemiddeling.

Art. XIX.34

Het is aan de schuldenaar om zelf de betalingen aan de schuldeisers te doen.

Op verzoek van de schuldenaar kan de minnelijke schuldbemiddelaar hem bijstaan bij het uitvoeren van de betalingen bepaald in de overeenkomsten.

Art. XIX.35

De minnelijke schuldbemiddelaar ontmoet de schuldenaar regelmatig om de ontwikkeling van zijn situatie en de uitvoering van de aangegane overeenkomsten op te volgen.

In geval van wijziging van de budgetsituatie van de schuldenaar stelt de minnelijke schuldbemiddelaar, in voorkomend geval, in overleg met de schuldenaar en met diens instemming, eventuele wijzigingen van de oorspronkelijk overeengekomen aflossingsvoorwaarden voor.

Art. XIX.36

De schuldenaar en de schuldeiser behouden elk voor zich het recht om eenzijdig, zonder opgave van redenen, de overeenkomst op te zeggen.

Art. XIX.37

Indien de minnelijke onderhandelingen mislukken of indien de minnelijke schuldbemiddelaar van oordeel is dat de minnelijke schuldbemiddeling waarschijnlijk niet of niet langer zal leiden tot het herstel van de financiële situatie van de schuldenaar in menswaardige levensomstandigheden, stelt hij de schuldenaar in kennis van de alternatieve oplossingen voor de minnelijke schuldbemiddeling en legt hij hem de voorwaarden voor de toepassing ervan en de concrete gevolgen ervan voor zijn rechten en verplichtingen uit.

Art. XIX.38

De minnelijke schuldbemiddelaar is niet onderworpen aan een resultaatsverbintenis wat betreft het welslagen van de minnelijke schuldbemiddeling.