Alle wetboeken › WER

Boek XV - Rechtshandhaving › TITEL 3 - De strafrechtelijke handhaving van dit Wetboek en zijn uitvoeringsbesluiten

Art.XV.125/5 Met een sanctie van niveau 2 worden bestraft zij die de bepalingen overtreden van de artikelen 1649bis tot 1649nonies of de artikelen 1701/1 tot 1701/19 van het oud Burgerlijk Wetboek.

XV.125/6–XV.126/2

Art. XV.125/6

Met een sanctie van niveau 2 worden gestraft:

1°de platformexploitanten gedefinieerd in artikel 337/3, § 1, 3°, van de programmawet (I) van 27 december 2006, die geen verzekering ter dekking van de schade die wordt geleden door personen bedoeld in artikel 337/3, § 1, 2°, van dezelfde wet die tegen vergoedingen activiteiten uitoefenen via een digitaal platform en waarvan de arbeidsrelatie gekwalificeerd wordt zoals bedoeld in artikel 328, 5°, b), van dezelfde wet, afsluiten voor ongevallen overkomen tijdens de uitvoering van de activiteiten tegen vergoeding via het digitaal platform of ongevallen overkomen op weg naar en van deze activiteiten;

2°de platformexploitanten, zoals bedoeld in artikel 337/3, § 1, 3°, van de programmawet (I) van 27 december 2006 die, in voorkomend geval, de dekking voor rechtsbijstand zoals bedoeld in artikel 19, § 3, van de wet van 3 oktober 2022 houdende diverse arbeidsbepalingen, niet heeft afgesloten;

3°de platformexploitanten, zoals bedoeld in artikel 337/3, § 1, 3°, van de programmawet (I) van 27 december 2006 die, in voorkomend geval, de minimumgarantievoorwaarden niet naleven zoals bedoeld in artikel 19, § 4, van de wet van 3 oktober 2022 houdende diverse arbeidsbepalingen.

Art. XV.125/7

De aanbieder van postdiensten, zoals bedoeld in artikel 2 van de wet van 26 januari 2018 betreffende de postdiensten, zijn aangestelde of zijn lasthebber, die de verplichtingen inzake minimumvergoeding, zoals bedoeld in artikel 10/1 van dezelfde wet en zijn uitvoeringsbesluiten, niet naleven, worden bestraft met een sanctie van niveau 2.

Met een sanctie van niveau 3 worden bestraft, zij die te kwader trouw de verplichtingen inzake minimumvergoeding zoals bedoeld in artikel 10/1 van de wet van 26 januari 2018 betreffende de postdiensten en zijn uitvoeringsbesluiten niet naleven.

Art. XV.126

Een vrijwillige verhindering of belemmering tot het uitoefenen van de functies van de in de artikelen XV.2 en XV.30/2 bedoelde ambtenaren of de politieambtenaren van de lokale en federale politie, wordt in toepassing van de bepalingen van dit Wetboek, bestraft met een sanctie van niveau 4.

Een nieuwe inbreuk zoals bedoeld in het eerste lid, voordat vijf jaren zijn verlopen sinds zijn straf werd ondergaan of sinds zijn straf verjaard is voor dezelfde inbreuk, wordt bestraft met een sanctie van niveau 5.

Art. XV.126/1

Met een sanctie van niveau 4 worden gestraft zij die de controles in de weg staan waaraan zij krachtens de bepalingen van de artikelen XV.18/1 tot XV.18/3 in België of in het buitenland zijn onderworpen, of die met opzet valse, onjuiste of onvolledige inlichtingen, documenten of stukken verstrekken.

Een nieuwe inbreuk zoals bedoeld in het eerste lid, voordat vijf jaren zijn verlopen sinds de straf werd ondergaan of sinds de straf verjaard is voor dezelfde inbreuk, wordt bestraft met een sanctie van niveau 5.

Art. XV.126/2

Onverminderd de artikelen XV.126 en XV.126/1, wordt met een sanctie van niveau 4 gestraft:

1°zij die geen gevolg geeft aan de verzoeken of opgelegde maatregelen bedoeld in de artikelen XV.3, 5° /1, 5° /2, 8° en 9°, en XV.5/1;

2°de onderneming bedoeld in artikel XV.31/2 of artikel XV.60/9/1 die de gemaakte toezeggingen of aanvullende toezeggingen, die aanvaard zijn door de bevoegde ambtenaren, niet in acht neemt.