Alle wetboeken › Ger.W.

DEEL III Bevoegdheid (art. 556–663)

HOOFDSTUK IV - Hof van beroep en arbeidshof.

602–607bis

Art. 602

Het hof van beroep neemt kennis van het hoger beroep:

1°tegen beslissingen in eerste aanleg gewezen door de rechtbanken van eerste aanleg en door de ondernemingsrechtbanken;

2°tegen uitspraken in eerste aanleg gewezen door de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg en door de voorzitter van de ondernemingsrechtbank;

3°tegen beslissingen van het prijsgerecht;

4°tegen beslissingen gegeven door Belgische consuls in het buitenland;

5°tegen beslissingen inzake verkiezingen gegeven door het college van burgemeester en schepenen en door de hoofdbureaus;

6°tegen beslissingen waarbij het verzoek om een Europees bevel tot conservatoir beslag geheel of gedeeltelijk wordt afgewezen, bedoeld in artikel 21, eerste lid, van Verordening (EU) nr. 655/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 tot vaststelling van een procedure betreffende het Europees bevel tot conservatoir beslag op bankrekeningen om de grensoverschrijdende inning van schuldvorderingen in burgerlijke en handelszaken te vergemakkelijken;

7°tegen beslissingen gegeven op grond van de artikelen 33, 34 of 35 van dezelfde Verordening (EU);

8°tegen beslissingen die de fysieke verschijning op de zitting of de fysieke deelname eraan verbieden, als bedoeld in artikel 763sexies, § 3, eerste lid, genomen door de rechtbank van eerste aanleg die uitspraak doet in hoger beroep.

In de gevallen van 3° en 4° is alleen het hof van beroep te Brussel bevoegd.

In de in het eerste lid, 6°, bedoelde gevallen verwijst het hof van beroep dat de bestreden beslissing geheel of gedeeltelijk hervormt, de zaak terug naar het gerecht dat de bestreden beslissing heeft gewezen, teneinde de eiser een Europees bevel tot conservatoir beslag te laten verlenen. Het gerecht waarnaar de zaak aldus wordt verwezen, is gebonden door de beslissing van het hof dat de zaak heeft verwezen.

Art. 603

Het hof van beroep neemt kennis van voorzieningen:

1°(opgeheven)

2°tegen beslissingen van de scheidsrechterlijke commissies ingesteld krachtens de wetgeving op de militaire opvorderingen, en tegen beslissingen van het scheidsrechterlijk comité ingesteld krachtens de wetgeving inzake opvordering van schepen;

3°(opgeheven)

4°(de beslissingen van de provinciegouverneurs inzake herstel van zekere schade veroorzaakt aan private goederen door natuurrampen.)

Art. 603

Vlaams Gewest

Het hof van beroep neemt kennis van voorzieningen:

1°(opgeheven)

2°tegen beslissingen van de scheidsrechterlijke commissies ingesteld krachtens de wetgeving op de militaire opvorderingen, en tegen beslissingen van het scheidsrechterlijk comité ingesteld krachtens de wetgeving inzake opvordering van schepen;

3°(opgeheven)

4°(de beslissingen van de Vlaamse Regering inzake herstel van zekere schade veroorzaakt aan private goederen door natuurrampen.)

Art. 604

Onverminderd de in het artikel 23/1, § 1 en 23/2, § 1, van het Wetboek van de Belgische nationaliteit bedoelde gevallen, neemt het hof van beroep kennis van rechtsvorderingen tot vervallenverklaring van de nationaliteit.

Art. 605

Het hof van beroep neemt kennis van aanvragen om eerherstel inzake faillissement.

Art. 605bis

Het hof van beroep neemt kennis van het beroep als bedoeld in de artikelen 120, 121 en 123 van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten en in artikel 36/21 van de wet van 22 februari 1998 tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België, van het beroep als bedoeld in artikel 2 van de wet van 12 mei 2004 tot regeling van een beroepsprocedure in het kader van de bescherming tegen valsemunterij en de handhaving van de kwaliteit van de geldomloop, van het beroep als bedoeld in artikel 61 van de wet van 7 december 2016 tot organisatie van het beroep van en het publiek toezicht op de bedrijfsrevisoren, en van het beroep als bedoeld in artikel XI.75/8, § 6, van het Wetboek van economisch recht.

Voor het beroep als bedoeld in artikel XI.75/8, § 6, van het Wetboek van economisch recht, is alleen het hof van beroep te Brussel bevoegd.

Art. 605ter

(NOTA: inwerkingtreding van artikel 605TER vastgesteld op 01-06-2003 door KB 2003-04-04/53, art. 1, inzake de verhaalmiddelen tegen de beslissingen van de Minister, de (CBFA), de CDV en de marktondernemingen, alsook inzake de tussenkomst van de (CBFA) en van de CDV voor de strafgerechten) Het hof van beroep neemt in eerste en laatste instantie kennis van de vorderingen bedoeld in artikel 41 van de wet van 1 april 2007 op de openbare overnamebiedingen.

Art. 605quater

Het hof van beroep neemt kennis van de beroepen bedoeld in:

1°artikel 29bis van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt;

2°artikel 29sexies van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt;

3°artikel 15/20 van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen;

4°artikel 15/23 van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen.

(5° artikel 2 van de wet van 8 december 2006 tot inrichting van een beroep tegen de administratieve boete opgelegd in het raam van de toepassing van de wet van 8 december 2006 tot vaststelling van een heffing ter bestrijding van het niet benutten van een site voor de productie van elektriciteit door een producent.)

6°de artikelen 221/1 en 221/3 van de wet van 30 augustus 2013 houdende de Spoorcodex;

7°...;

8°...

Art. 605quater

Brussels Hoofdstedelijk Gewest

Het hof van beroep neemt kennis van de beroepen bedoeld in:

1°artikel 29bis van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt;

2°artikel 29sexies van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt;

3°artikel 15/20 van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen;

4°artikel 15/23 van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen.

(5° artikel 2 van de wet van 8 december 2006 tot inrichting van een beroep tegen de administratieve boete opgelegd in het raam van de toepassing van de wet van 8 december 2006 tot vaststelling van een heffing ter bestrijding van het niet benutten van een site voor de productie van elektriciteit door een producent.)

6°de artikelen 221/1 en 221/3 van de wet van 30 augustus 2013 houdende de Spoorcodex;

7°...;

8°....

9°artikel 9septies van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;

10°artikel 10quinquies van de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en houdende wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

11°artikel 39/4 van de ordonnantie van 20 oktober 2006 tot opstelling van een kader voor het waterbeleid.

Art. 605quater

Vlaams Gewest

Het hof van beroep neemt kennis van de beroepen bedoeld in:

1°artikel 29bis van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt;

2°artikel 29sexies van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt;

3°artikel 15/20 van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen;

4°artikel 15/23 van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen.

(5° artikel 2 van de wet van 8 december 2006 tot inrichting van een beroep tegen de administratieve boete opgelegd in het raam van de toepassing van de wet van 8 december 2006 tot vaststelling van een heffing ter bestrijding van het niet benutten van een site voor de productie van elektriciteit door een producent.)

6°de artikelen 221/1 en 221/3 van de wet van 30 augustus 2013 houdende de Spoorcodex;;

7°...;

8°...;

9°artikel 4.1.34 van het Energiedecreet van 8 mei 2009;

10°artikel 65 en 66 van het decreet van 29 maart 2024 over het vervoer van koolstofdioxide via pijpleidingen in het Vlaamse Gewest.

Art. 605quinquies

<Opgeheven bij W 2016-06-29/01, art. 65, 255; Inwerkingtreding: 16-07-2016>

Art. 606

Het hof van beroep doet op verzoekschrift uitspraak over:

1°...;

2°aanvragen tot homologatie van de beslissingen, genomen hetzij door de algemene vergadering van aandeelhouders, hetzij door de algemene vergadering van obligatiehouders van een naamloze vennootschap.

Art. 607

Het arbeidshof neemt kennis van het hoger beroep tegen beslissingen in eerste aanleg van de arbeidsrechtbanken en van de voorzitters van de arbeidsrechtbanken.

Art. 607bis

De eerste voorzitters van het hof van beroep en van het arbeidshof doen uitspraak over het beroep tegen de beslissingen van hun eigen gerecht waarbij de fysieke verschijning op de zitting of de fysieke deelname eraan wordt verboden, als bedoeld in artikel 763sexies, § 3, eerste lid.