Alle wetboeken › Ger.W.

DEEL II Rechterlijke organisatie (art. 58–555/16)

Eerste afdeling - Algemene bepalingen.

59–72ter

Art. 59

Er is een vredegerecht in ieder gerechtelijk kanton.

De vrederechter-titularis benoemd in een kanton wordt in subsidiaire orde benoemd in elk kanton van het gerechtelijk arrondissement waarin hij krachtens de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken kan worden benoemd.

Naargelang van de behoeften van de dienst wijst de voorzitter van de vrederechters en rechters in de politierechtbank, met inachtneming van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken, en na de betrokken magistraat te hebben gehoord, een of meer vrederechters aan om dit ambt gelijktijdig in een of meer kantons van het gerechtelijk arrondissement uit te oefenen.

De aanwijzingsbeschikking geeft de redenen van de aanwijzing op en bepaalt de nadere regels ervan.

Art. 60

Er zijn politierechtbanken, bestaande uit één of meer afdelingen. Een of meer rechters oefenen er hun ambt uit in de gebiedsomschrijving bepaald in het bijvoegsel bij dit Wetboek. Een vrederechter kan bovendien tot rechter in de politierechtbank worden benoemd.

De politierechtbanken en hun afdelingen bestaan uit een of meer kamers.

In het gerechtelijk arrondissement Brussel worden de rechters in de politierechtbank die worden benoemd in de personeelsformatie van de Nederlandstalige politierechtbank of de politierechtbank te Halle en te Vilvoorde, in subsidiaire orde in de andere Nederlandstalige politierechtbanken te Brussel benoemd.

Art. 60bis

In het administratief arrondissement Brussel-Hoofdstad is er een Franstalige politierechtbank en een Nederlandstalige politierechtbank.

Art. 61

De zetel van de vredegerechten wordt bepaald in artikel 1 van het bijvoegsel bij dit wetboek.

(De zetel van de politierchtbanken wordt gevestigd in de hoofdplaats van het gerchtelijk arrondissement wanneer niet anders is bepaald in artikel 3 van het bijvoegsel bij dit Wetboek.)

Art. 62

(Opgeheven)

Art. 63

(Lid 1 opgeheven)

De Koning bepaalt jaarlijks de bevolking van ieder kanton op de grondslag van het aantal inwoners op de voorgaande 31e december.

(Lid 3 opgeheven)

Art. 64

(Plaatsvervangende rechters kunnen worden benoemd in een of meer vredegerechten en in een of meer politierechtbanken.)

Aan een vredegerecht of afdeling van de politierechtbank kunnen ten hoogste zes plaatsvervangende rechters worden verbonden.

Zij hebben geen permanente functie en worden benoemd om verhinderde rechters tijdelijk te vervangen.

Zij kunnen niet worden geroepen om zitting te nemen tijdens een terechtzitting in de loop waarvan zij rechtstreeks of via een tussenpersoon optreden als raadsman voor de partijen die betrokken zijn in een geschil.

Zij kunnen niet worden geroepen om zitting te nemen wanneer de vordering gegrond is op de artikelen 488/1 tot 502 van het oud Burgerlijk Wetboek of op de bepalingen van het vierde deel, boek IV, hoofdstuk X, en zij professionele bewindvoerders als bedoeld in artikel 494, c)/2, van het oud Burgerlijk Wetboek zijn.

Art. 65

§ 1.Een of meer vrederechters kunnen, met zijn of hun instemming, opdracht krijgen om zijn of hun ambt uit te oefenen in een vredegerecht van een ander gerechtelijk arrondissement dan dat waarin hij of zij benoemd is of zijn of om de functie van rechter in de politierechtbank uit te oefenen in een politierechtbank.

Een of meer rechters in de politierechtbank kunnen, met zijn of hun instemming, opdracht krijgen om zijn of hun ambt uit te oefenen in een andere politierechtbank of om de functie van vrederechter uit te oefenen in een vredegerecht.

Een of meer rechters in de politierechtbank kunnen, met zijn of hun instemming, opdracht krijgen om de functie van rechter uit te oefenen in een rechtbank van eerste aanleg.

Opdrachten aan vrederechters buiten het gerechtelijk arrondissement waarbinnen zij benoemd zijn of opdrachten aan vrederechters om de functie van rechter in de politierechtbank uit te oefenen kunnen slechts bijkomend uitgeoefend worden. De overige opdrachten bedoeld in deze paragraaf kunnen al dan niet bijkomend worden uitgeoefend.

§ 2.In afwijking van paragraaf 1, tweede lid, wijst de voorzitter van de Nederlandstalige rechtbank van eerste aanleg in het gerechtelijk arrondissement Brussel een of meer werkende of plaatsvervangende rechters in de politierechtbank aan, zonder dat zijn of hun instemming vereist is maar na hem of hen te hebben gehoord, om bijkomend zijn of hun ambt uit te oefenen in een andere politierechtbank van het arrondissement.

§ 3.Opdrachten kunnen enkel gegeven worden wanneer de behoeften van de dienst dit rechtvaardigen en met inachtneming van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken.

Betreft het een opdracht waarbij meerdere korpschefs betrokken zijn, is ze slechts mogelijk bij consensus tussen hen. Het advies van elke eerste voorzitter van het hof van beroep van het betrokken rechtsgebied wordt gevraagd. Bij gebrek aan advies binnen de termijn van veertien dagen wordt het advies geacht gunstig te zijn.

Bij gebrek aan consensus tussen de betrokken korpschefs voor wat opdrachten betreft binnen het rechtsgebied, beslist de eerste voorzitter van het hof van beroep. Bij gebrek aan consensus tussen de betrokken korpschefs voor wat de overige opdrachten betreft, beslist het College van de hoven en rechtbanken na een met redenen omkleed advies van de betrokken korpschefs.

Naar gelang het geval wordt de beschikking opgesteld door de korpschef van de met de opdracht of de aanwijzing belaste magistraat, door de eerste voorzitter van het hof van beroep of door de voorzitter van het College van de hoven en rechtbanken.

De beschikking bepaalt de nadere regels van de opdracht of de aanwijzing, bevat de redenen van de opdracht en vermeldt in voorkomend geval waarom beroep moet worden gedaan op een magistraat van een ander arrondissement of van een ander rechtsgebied.

De opdracht of de aanwijzing is ten hoogste een jaar geldig en kan in dezelfde omstandigheden en onder dezelfde voorwaarden worden hernieuwd. Voor zaken waarover de debatten aan de gang zijn of die in beraad zijn en waarin de aangewezen magistraat zitting heeft, blijft de opdracht of de aanwijzing evenwel geldig tot aan het eindvonnis.

Voor de duur van zijn opdracht of zijn aanwijzing blijft de aldus aangewezen magistraat geldig kennis nemen van de zaken waarover de debatten aan gang zijn of die in beraad zijn en waarin hij zitting had voordat de opdracht werd gegeven.

Art. 65bis

Met uitzondering van de gerechtelijke arrondissementen Brussel en Eupen is er in elk arrondissement een voorzitter en ondervoorzitter van de vrederechters en rechters in de politierechtbank.

Het voorzitterschap wordt... waargenomen door een vrederechter of door een rechter in de politierechtbank. De ondervoorzitter is respectievelijk vrederechter of rechter in de politierechtbank, naar gelang de voorzitter rechter in de politierechtbank dan wel vrederechter is.

Art. 66

§ 1.Onverminderd de toepassing van paragraaf 2, worden de zittingen op de zetel of afdeling van het gerecht gehouden. Het aantal, de dagen en de duur van de gewone zittingen, met inbegrip van de zittingen bedoeld in paragraaf 2, worden in een bijzonder reglement vastgesteld:

1°voor de politierechtbank, door de voorzitter of ondervoorzitter van de vrederechters en rechters in de politierechtbank die de hoedanigheid heeft van politierechter, na advies van de procureur des Konings en van de stafhouder(s) van de Orde of Ordes van Advocaten van het arrondissement;

2°voor het vredegerecht, door de voorzitter of ondervoorzitter van de vrederechters en rechters in de politierechtbank die de hoedanigheid heeft van vrederechter, na advies van de betrokken vrederechter en van de stafhouder(s) van de Orde of Ordes van Advocaten van het arrondissement.

In de gerechtelijke arrondissementen Brussel en Eupen is het advies van de politierechtbank eveneens vereist.

Het bijzonder reglement wordt publiek bekendgemaakt.

Deze vaststelling belet niet dat de rechter, op andere dagen, buitengewone zittingen houdt, zelfs op zon- en feestdagen, zowel 's voormiddags als namiddags, indien de behoeften van de dienst het rechtvaardigen. Hij kan te zijnen huize zitting houden met open deuren.

§ 2.De minister van Justitie kan bepalen, na raadpleging van de voorzitter van de vrederechters en rechters in de politierechtbank, het College van de hoven en rechtbanken, de Procureur des Konings, de hoofdgriffier en de stafhouder van de Orde van Advocaten, dat een vrederechter, met overeenkomstige toepassing van de regels betreffende de territoriale bevoegdheid, zittingen houdt in een voormalige, opgeheven zittingsplaats van het kanton of in een opgeheven kanton in een lokaal dat door de betrokken gemeente, krachtens een gebruiksovereenkomst met de minister, kosteloos ter beschikking wordt gesteld en geschikt is om het goede verloop van de terechtzittingen te verzekeren, met inbegrip van de openbaarheid van de terechtzittingen die niet met gesloten deuren plaatsvinden. Het besluit bepaalt tevens de gemeenten of gedeelten van gemeenten die geacht worden het rechtsgebied van die zittingsplaats uit te maken. Het geldt voor de duur van de gebruiksovereenkomst. Het besluit en zijn geldingsduur worden bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.

§ 2/1.De minister van Justitie kan, na raadpleging van de voorzitter van de vrederechters en rechters in de politierechtbank, het College van de hoven en rechtbanken, de procureur des Konings, de hoofdgriffier en de stafhouder van de Orde van Advocaten, bepalen dat een rechter in de politierechtbank, met overeenkomstige toepassing van de regels betreffende de territoriale bevoegdheid, zittingen houdt in een voormalige zittingsplaats van een opgeheven afdeling van de politierechtbank in een lokaal dat door de betrokken gemeente, krachtens een gebruiksovereenkomst met de minister, kosteloos ter beschikking wordt gesteld en geschikt is om het goede verloop van de terechtzittingen te verzekeren, met inbegrip van de openbaarheid van de terechtzittingen die niet met gesloten deuren plaatsvinden. Het besluit bepaalt tevens de kantons of de gemeenten of gedeelten van gemeenten die geacht worden het rechtsgebied van die zittingsplaats uit te maken. Het geldt voor de duur van de gebruiksovereenkomst. Het besluit en zijn geldingsduur worden bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.

§ 3.Indien over het houden van de in de paragrafen 2 en 2/1 bedoelde zittingen vóór ieder ander middel, behalve een exceptie van onbevoegdheid, door de verweerder, de beklaagde, de burgerlijke partij of bij de opening van de debatten ambtshalve door de vrederechter of de rechter in de politierechtbank een incident wordt uitgelokt, kan de eiser of de procureur des Konings voor wat betreft de strafzaken voor de politierechtbank vóór de sluiting van de debatten vorderen dat de zaak wordt verwezen naar de voorzitter van de vrederechters en rechters in de politierechtbank, voor beslissing over het verzoek, bij gebrek waaraan de vrederechter of de rechter in de politierechtbank zelf beslist, een en ander onverminderd de regeling van een geschil van bevoegdheid dat, in voorkomend geval, bij voorrang wordt afgewikkeld en, indien daartoe aanleiding bestaat, ook betrekking heeft op de zittingsplaats.

In voorkomend geval wordt de zaak voor de voorzitter of ondervoorzitter gebracht zonder andere formaliteiten dan de vermelding van de verwijzing op het zittingsblad en de overzending van het dossier van de rechtspleging door toedoen van de griffier. De partijen en in voorkomend geval de procureur des Konings kunnen hem en de andere partijen en in voorkomend geval de procureur des Konings schriftelijk opmerkingen bezorgen binnen acht dagen na de verwijzing, tenzij de vrederechter of de rechter in de politierechtbank die termijn heeft ingekort. Na het verstrijken van die termijn doet de voorzitter onverwijld uitspraak.

Bij de in deze paragraaf bedoelde beslissingen kan onmiddellijk een datum worden vastgesteld voor verdere behandeling. Als zij niet staande de zitting en in aanwezigheid van de partijen of hun advocaten en in voorkomend geval de procureur des Konings worden genomen, worden die partijen of advocaten en in voorkomend geval de procureur des Konings daarvan bij gewone brief op de hoogte gebracht. Tegen deze beslissingen staat geen enkel rechtsmiddel open. De beslissing is geen eindvonnis in de zin van artikel 1050.

Art. 67

§ 1.De voorzitter van de vrederechters en rechters in de politierechtbank is belast met de algemene leiding en de organisatie van de vredegerechten.

§ 2.Wanneer de behoeften van de dienst het rechtvaardigen en rekening houdend met de belangen van de rechtzoekenden, kan de voorzitter van de vrederechters en rechters in de politierechtbank zaken die bij een vrederechter aanhangig zijn gemaakt, verdelen onder andere territoriaal bevoegde vrederechters die hij aanwijst. Onder een behoefte van de dienst kan worden begrepen de verdeling van de werklast, de onbeschikbaarheid van een rechter, een vereiste deskundigheid, de goede rechtsbedeling of andere daarmee vergelijkbare objectieve redenen. Tegen de beslissing van de voorzitter van de vrederechters en rechters in de politierechtbank kan geen enkel rechtsmiddel worden aangewend.

Wanneer de verdeling, bedoeld in het eerste lid, aanleiding geeft tot een wijziging van de oorspronkelijke toewijzing, worden de partijen en in voorkomend geval hun advocaten daarvan langs elektronische weg of bij gewone brief op de hoogte gebracht.

Art. 68

De voorzitter van de vrederechters en rechters in de politierechtbank is belast met de algemene leiding en de organisatie van de politierechtbank.

Hij verdeelt de zaken overeenkomstig het zaakverdelingsreglement en het bijzonder reglement van de rechtbank.

Wanneer de behoeften van de dienst het rechtvaardigen, kan hij een deel van de zaken die aan een kamer zijn toegewezen, onder de andere kamers van de afdeling verdelen.

Onder een behoefte van de dienst kan worden begrepen de verdeling van de werklast, de onbeschikbaarheid van een rechter, een vereiste deskundigheid, de goede rechtsbedeling of andere daarmee vergelijkbare objectieve redenen.

De voorzitter verdeelt de rechters over de afdelingen. Indien hij een rechter aan een andere afdeling toewijst, hoort hij de betrokken rechter en omkleedt hij zijn beslissing met redenen.

Art. 71

Naargelang van de behoeften van de dienst wijst de voorzitter van de vrederechters en rechters in de politierechtbank een van de plaatsvervangende rechters aan als vervanger van de vrederechter of van de rechter in de politierechtbank.

Onverminderd artikel 65, § 2, kan de voorzitter van de vrederechters en rechters in de politierechtbank een plaatsvervangend rechter in een vredegerecht of in de politierechtbank, met zijn instemming, opdracht geven om zijn ambt bijkomend uit te oefenen binnen hetzelfde rechtsgebied van het hof van beroep.

De bepalingen van artikel 65, § 3, zijn van overeenkomstige toepassing.

Art. 72

Eerste en tweede lid opgeheven.

Met inachtneming van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken kan de Koning, indien de behoeften van de dienst of gevallen van overmacht het rechtvaardigen,, op advies van de voorzitter van de vrederechters en rechters in de politierechtbank en van de procureur des Konings, de zetel van het vredegerecht tijdelijk verplaatsen naar een andere gemeente van het arrondissement.

Indien de behoeften van de dienst of gevallen van overmacht het rechtvaardigen, kan de Koning bij een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, op advies van de betrokken voorzitters van de vrederechters en rechters in de politierechtbank, van de betrokken procureurs des Konings, van de betrokken hoofdgriffiers en van de betrokken stafhouder(s) van de Orde of Ordes van Advocaten, de zetel van het vredegerecht tijdelijk verplaatsen naar een nabije gemeente in het rechtsgebied. De wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken is van toepassing op deze tijdelijke zetel zoals ze van toepassing is op de zetel van het betrokken vredegerecht.

De zetel van de politierechtbank of van een afdeling van de politierechtbank kan onder dezelfde voorwaarden tijdelijk verplaatst worden naar een andere gemeente van het arrondissement of naar een nabije gemeente in het rechtsgebied.

Vijfde lid opgeheven.

Art. 72bis

Voor de politierechtbanken waarvan de zetel gevestigd is in het administratief arrondissement Halle-Vilvoorde en voor de Nederlandstalige politierechtbank van Brussel, worden de opdrachten van de voorzitter bedoeld in dit hoofdstuk, uitgeoefend door de voorzitter van de Nederlandstalige rechtbank van eerste aanleg; voor de Franstalige politierechtbank van Brussel worden deze opdrachten uitgeoefend door de voorzitter van de Franstalige rechtbank van eerste aanleg.

Voor de vredegerechten waarvan de zetel gevestigd is in het administratief arrondissement Halle-Vilvoorde, worden de opdrachten van de voorzitter bedoeld in dit hoofdstuk, uitgeoefend door de voorzitter van de Nederlandstalige rechtbank van eerste aanleg; de voorzitter van de Franstalige rechtbank van eerste aanleg wordt evenwel telkenmale bij eenvoudig verzoek aan de voorzitter van de Nederlandstalige rechtbank van eerste aanleg betrokken bij de door hem aangeduide beslissingen in het uitoefenen van deze opdrachten met het oog op een consensus.

Voor de vredegerechten waarvan de zetel gevestigd is in het administratief arrondissement Brussel-Hoofdstad, worden deze opdrachten overlegd in consensus door de twee voorzitters van de Nederlandstalige en Franstalige rechtbanken van eerste aanleg.

Bij gebrek aan consensus in geval van de toepassing van het tweede en het derde lid, neemt de eerste voorzitter van het hof van beroep van Brussel de beslissing.

Art. 72ter

Voor de politierechtbanken en de vredegerechten waarvan de zetel gevestigd is in het gerechtelijke arrondissement Eupen, worden de opdrachten van de voorzitter van de vrederechters en rechters in de politierechtbank bedoeld in dit hoofdstuk, uitgeoefend door de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg van het arrondissement.