Alle wetboeken › Ger.W.

DEEL II Rechterlijke organisatie (art. 58–555/16) › BOEK II - GERECHTELIJKE AMBTEN. › TITEL III - Wedden, lonen, werkingskosten en voordelen

HOOFDSTUK IV _ Bepalingen betreffende de plaatsvervangende magistraten.

378–379quater

Art. 378

De helft van de wedde, aan de werkelijke ambtsuitoefening verbonden, komt toe:

1°Aan de plaatsvervangende rechter die geroepen wordt om tijdelijk het ambt van rechter... te vervullen ter vervanging van een titularis die tot een ander ambt benoemd, in ruste gesteld, ontslagnemend, ontslagen, afgezet, ontzet, geschorst of overleden is;

2°Aan de plaatsvervangende vrederechter die geroepen wordt om het ambt van rechter titularis tijdelijk waar te nemen in een kanton dat niet door een titularis of door een rechter van een ander kanton wordt bediend.

(De betaling is verschuldigd voor de periode dat een plaatsvervangende rechter, een plaatsvervangende vrederechter of een plaatsvervangende rechter in de politierechtbank effectief optreedt om iemand tijdelijk te vervangen.)

Art. 379

De plaatsvervangende rechter, de plaatsvervangende vrederechter of de plaatsvervangende rechter in de politierechtbank heeft aanspraak op een maandelijkse vergoeding onder de hierna gestelde voorwaarden:

1°wanneer hij een titularis vervangt aan wie opdracht is gegeven voor een ander ambt;

2°wanneer hij een titularis die werd gemachtigd om een openbaar ambt bij een supranationale, internationale of buitenlandse instelling in België of in het buitenland te aanvaarden, vervangt;

3°wanneer hij een wegens ziekte of wettig beletsel afwezige rechter,... vrederechter of rechter in de politierechtbank vervangt.

De maandelijkse vergoeding is evenredig aan de geleverde prestaties, wanneer de plaatsvervangende rechter, de plaatsvervangende vrederechter of de plaatsvervangende rechter in de politierechtbank ten minste gedurende een maand geregeld het ambt van werkend magistraat vervult.

De maandelijkse vergoeding is een vaste som, bepaald op de helft van de wedde aan het ambt van de vervangen magistraat verbonden, wanneer de plaatsvervangende rechter, de plaatsvervangende vrederechter of de plaatsvervangende rechter in de politierechtbank ten minste drie maanden achtereen geregeld alle ambtswerkzaamheden van de eerstgenoemde vervult.

Het bedrag van de evenredige vergoeding mag in geen geval hoger zijn dan dat van de vaste vergoeding.

De minister van Justitie bepaalt op welke wijze dit artikel wordt toegepast.

Art. 379bis

De plaatsvervangende magistraat aangewezen overeenkomstig artikel 383, § 2, heeft recht op een vergoeding wanneer hij geroepen wordt om zijn ambt uit te oefenen.

Deze vergoeding mag niet uitgaan boven het maximum van de beroepsinkomsten die mogen worden gecumuleerd met het rustpensioen.

De Minister van Justitie stelt nadere regels voor de toepassing van dit artikel.

Art. 379ter

§ 1.De plaatsvervangend raadsheer die geroepen wordt om zitting te nemen krachtens artikel 102, § 1, heeft recht op een maandelijkse vergoeding zoals bepaald in artikel 379.

§ 2....

Art. 379quater

De minister van Justitie bepaalt welke vergoeding kan worden toegekend aan de in rust gestelde leden van de hoven van beroep en de rechtbanken die opdracht hebben te zetelen in het hof van assisen overeenkomstig de artikelen 120, eerste en derde lid, 121, tweede lid en 122, tweede lid en aan de in rust gestelde leden van de parketten bij deze hoven en rechtbanken die overeenkomstig artikel 149 werden opgedragen het ambt van openbaar ministerie bij het hof van assisen uit te oefenen.