Alle wetboeken › WVV

DEEL 5 De Europese rechtsvormen.

BOEK 17 De Europese politieke partij en de Europese politieke stichting.

17:1–17:11

Art. 17:1

Voor de toepassing van dit boek wordt verstaan onder "verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014": verordening nr. 1141/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2014 betreffende het statuut en de financiering van de Europese politieke partijen en de Europese politieke stichtingen.

Art. 17:2

Elke Europese politieke partij met zetel in België, afgekort EUPP, is aanvullend aan de bepalingen van verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014, onderworpen aan de bepalingen van deze titel, van boek 2, titels 1, 2, 3, 4, 5, 6, 8, hoofdstukken 2 en 3, en 9 en, naargelang van het gekozen statuut, hetzij aan de bepalingen van boek 9, titels 1 tot 4, hetzij aan de bepalingen van boek 10.

Een kopie van de bekendmaking bedoeld in artikel 15, lid 1, van verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014 wordt door de notaris neergelegd, naargelang van het gekozen statuut, in het dossier bepaald in artikel 2:9 of 2:10. Tot het ogenblik bepaald in artikel 17:5 zijn de artikelen 2:9 en 2:10 niet van toepassing.

Art. 17:3

De statuten van de EUPP worden opgesteld bij authentieke akte. Ingeval van een bestaande VZW of IVZW geschiedt de omzetting tot EUPP eveneens bij authentieke akte. Overeenkomstig artikel 15, lid 2, van verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014 levert de notaris een attest af dat bevestigt dat de zetel van de EUPP in België is gevestigd en dat zijn statuten in overeenstemming zijn met het in artikel 17:2 bepaalde toepasselijk recht.

Art. 17:4

De bevoegde instantie die overeenkomstig artikel 16, leden 2, 3 en 4, van verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014, een verzoek tot schrapping kan overmaken, is het openbaar ministerie.

Art. 17:5

In geval van verlies van de Europese rechtspersoonlijkheid in toepassing van artikel 16 van verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014 wordt de EUPP van rechtswege omgezet naar een VZW.

Het in artikel 16, lid 7, van verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014 bepaalde wordt in voorkomend geval overlegd met het openbaar ministerie.

Art. 17:6

§ 1.Uiterlijk binnen twee maanden na de bekendmaking van de buitenlandse zetelverplaatsing, kunnen de schuldeisers van de EUPP die tot zetelverplaatsing overgaat en van wie de vordering vaststaand is vóór die bekendmaking maar nog niet opeisbaar is of die voor deze schuldvordering in rechte of via arbitrage een vordering heeft ingesteld vóór die bekendmaking, niettegenstaande enig andersluidend beding, zekerheid eisen.

De EUPP kan deze eis afweren door de schuldvordering te voldoen tegen haar waarde, na aftrek van het disconto.

Indien geen overeenstemming wordt bereikt of indien de schuldeiser geen voldoening heeft gekregen, wordt het geschil door de meest gerede partij voorgelegd aan de voorzitter van de ondernemingsrechtbank van het rechtsgebied waarbinnen de schuldplichtige EUPP haar zetel heeft. De rechtspleging wordt ingeleid en behandeld in kort geding; hetzelfde geldt voor de tenuitvoerlegging van de gewezen beslissing. Zonder afbreuk te doen aan de grond van de zaak bepaalt de voorzitter de zekerheid die de EUPP moet stellen en de termijn waarbinnen zulks moet geschieden, tenzij hij beslist dat geen zekerheid moet worden gesteld gelet op de waarborgen en de voorrechten waarover de schuldeiser beschikt of gelet op de solvabiliteit van de betrokken EUPP.

Indien de zekerheid niet binnen de bepaalde termijn is gesteld, wordt de schuldvordering onmiddellijk opeisbaar.

§ 2.De doorhaling in België van de oude inschrijving in het rechtspersonenregister ten gevolge van de verplaatsing van de statutaire zetel naar het buitenland wordt in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt.

Art. 17:7

Elke Europese politieke stichting met zetel in België, afgekort EUPS, is aanvullend aan de bepalingen van verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014 onderworpen aan de bepalingen van deze titel, van boek 2, titels 1, 2, 3, 4, 5, 6, 8, hoofdstukken 2 en 3, en 9 en, naargelang van het gekozen statuut, hetzij aan de bepalingen van boek 9, titels 1 tot 4, hetzij aan de bepalingen van boek 10.

Een kopie van de bekendmaking bedoeld in artikel 15, lid 1, van verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014 wordt door de notaris neergelegd, naargelang van het gekozen statuut, in het dossier bepaald in artikel 2:9 of 2:10. Tot het ogenblik bepaald in artikel 17:10 zijn de artikelen 2:9 en 2:10 niet van toepassing.

Art. 17:8

De statuten van de EUPS worden opgesteld bij authentieke akte. Ingeval van een bestaande VZW of IVZW geschiedt de omzetting tot EUPS eveneens bij authentieke akte. Overeenkomstig artikel 15, lid 2, van verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014 levert de notaris een attest af dat bevestigt dat de zetel van de EUPS is gevestigd in België en dat de statuten ervan in overeenstemming zijn met het in artikel 17:7 bepaalde toepasselijk recht.

Art. 17:9

De bevoegde instantie die overeenkomstig artikel 16, leden 2, 3 en 4, van verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014, een verzoek tot schrapping kan overmaken, is het openbaar ministerie.

Art. 17:10

In geval van verlies van de Europese rechtspersoonlijkheid in toepassing van artikel 16 van verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014 wordt de EUPS van rechtswege omgezet naar een VZW.

Het in artikel 16, lid 7, van verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014 bepaalde wordt in voorkomend geval overlegd met het openbaar ministerie.

Art. 17:11

§ 1.Uiterlijk twee maanden na de bekendmaking van de buitenlandse zetelverplaatsing, kunnen de schuldeisers van de EUPS die tot zetelverplaatsing overgaat en van wie de vordering vaststaand is vóór die bekendmaking maar nog niet opeisbaar is of die voor deze schuldvordering in rechte of via arbitrage een vordering heeft ingesteld vóór die bekendmaking, niettegenstaande enig andersluidend beding, zekerheid eisen.

De EUPS kan deze eis afweren door de schuldvordering te voldoen tegen haar waarde, na aftrek van het disconto.

Indien geen overeenstemming wordt bereikt of indien de schuldeiser geen voldoening heeft gekregen, wordt het geschil door de meest gerede partij voorgelegd aan de voorzitter van de ondernemingsrechtbank van het rechtsgebied waarbinnen de schuldplichtige EUPS haar zetel heeft. De rechtspleging wordt ingeleid en behandeld in kort geding; hetzelfde geldt voor de tenuitvoerlegging van de gewezen beslissing. Zonder afbreuk te doen aan de grond van de zaak bepaalt de voorzitter de zekerheid die de EUPS moet stellen en de termijn waarbinnen zulks moet geschieden, tenzij hij beslist dat geen zekerheid moet worden gesteld gelet op de waarborgen en de voorrechten waarover de schuldeiser beschikt of gelet op de solvabiliteit van de betrokken EUPS.

Indien de zekerheid niet binnen de bepaalde termijn is gesteld, wordt de schuldvordering onmiddellijk opeisbaar.

§ 2.De doorhaling in België van de oude inschrijving ten gevolge van de verplaatsing van de statutaire zetel naar het buitenland wordt in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt.