Alle wetboeken › WER

Boek XV - Rechtshandhaving › TITEL 3 - De strafrechtelijke handhaving van dit Wetboek en zijn uitvoeringsbesluiten › HOOFDSTUK 2 - De strafrechtelijk gesanctioneerde inbreuken...

Afdeling 1 De straffen voor de inbreuken op boek III.

XV.75–XV.79

Art. XV.75

Met een sanctie van niveau 2 worden gestraft:

1°De natuurlijke personen die zelfstandig een beroepsactiviteit uitoefenen en de bestuurders, zaakvoerders, directeurs en procuratiehouders van rechtspersonen, die wetens de bepalingen overtreden van de artikelen III.82 en III.83, eerste en derde lid, van de artikelen III.84 tot III.89 of van de ter uitvoering van artikel III.84, zesde lid, van artikel III.87, § 2, van artikel III.89, § 2 en van de artikelen III.90 en III.91 genomen besluiten.

2°zij die in de hoedanigheid van commissaris, bedrijfsrevisor of onafhankelijk deskundige rekeningen, jaarrekeningen, balansen en resultatenrekeningen of geconsolideerde rekeningen... attesteren of goedkeuren, terwijl niet is voldaan aan de in het eerste lid genoemde bepalingen, en daarvan kennis hebben of niet hebben gedaan wat zij hadden moeten doen om zich te vergewissen of aan die bepalingen is voldaan.

De personen onder 1° en 2° worden gestraft met een sanctie van niveau 4 als zij met bedrieglijk opzet hebben gehandeld.

De natuurlijke personen die zelfstandig een beroepsactiviteit uitoefenen, op wie artikel III.85 van toepassing is, en de zaakvoerders, directeurs of procuratiehouders van vennootschappen waarop datzelfde artikel van toepassing is, worden wegens overtreding van de bepalingen van de artikelen III.85 en III.89 en van die van de artikelen III.86 tot III.88 en van de besluiten ter uitvoering daarvan, in zover zij betrekking hebben op de boeken waarvan sprake is in de artikelen III.85 en III.89, alleen dan met de in vorige leden gestelde straffen gestraft, wanneer de betrokken boekhoudplichtige onderneming onderneming failliet is verklaard.

Art. XV.76

Met een sanctie van niveau 1 worden gestraft, zij die:

1°de bepalingen overtreden van het artikel III.25;

2°verzuimen om de in artikel III.52 bepaalde doorhaling te vorderen;

Art. XV.77

Met een sanctie van niveau 2 worden gestraft, zij die:

1°gehouden zijn zich in te schrijven met de hoedanigheid van inschrijvingsplichtige onderneming in de Kruispuntbank van Ondernemingen en die activiteiten uitoefenen zonder daarvoor de inschrijving gevraagd te hebben van deze hoedanigheid;

2°als inschrijvingsplichtige onderneming ingeschreven zijn, en die activiteiten uitoefenen of een vestigingseenheid uitbaten die niet in de Kruispuntbank van Ondernemingen zijn ingeschreven;

3°wetens een onjuist verzoek tot inschrijving, wijziging of doorhaling in de Kruispuntbank van Ondernemingen indienen;

4°de beslissingen of besluiten bedoeld in artikel III.30 overtreden;

5°het uitoefenen van de rechten zoals bepaald in artikel III.32 verhinderen;

6°die een wijziging van hun inschrijving van de hoedanigheid van inschrijvingsplichtige onderneming niet binnen de bij artikel III.51 gestelde termijn hebben gevraagd;

7°de bepalingen overtreden van de artikelen III.74 tot III.77 en III.81.

Art. XV.78

Met een sanctie van niveau 3 worden gestraft, zij die:

1°een economische activiteit uitoefenen nadat de inschrijving als inschrijvingsplichtige onderneming hen werd geweigerd of nadat deze werd doorgehaald;

2°drie dagen na de betekening van een in kracht van gewijsde gegaan vonnis of arrest van veroordeling, de hen verboden economische activiteit verder uitoefenen.

Het openbaar ministerie doet bovendien het lokaal waarin de activiteit wordt uitgeoefend verzegelen of treft iedere andere gepaste maatregel.

Art. XV.79

Met een sanctie van niveau 4 worden gestraft, zij die de besluiten genomen ter uitvoering van artikel III.33 overtreden.