Alle wetboeken › WER

Boek XI - Intellectuele eigendom en bedrijfsgeheimen › Titel 5 - Auteursrecht en naburige rechten › HOOFDSTUK 2 - Auteursrecht

Afdeling 6 - Uitzonderingen op de vermogensrechten van de auteur

XI.189–XI.193

Art. XI.189

§ 1.Het citeren uit een werk dat op geoorloofde wijze openbaar is gemaakt, ten behoeve van kritiek, polemiek, of recensie, maakt geen inbreuk op het auteursrecht, voorzover zulks geschiedt overeenkomstig de eerlijke beroepsgebruiken en het beoogde doel zulks wettigt.

Het citeren bedoeld in het vorige lid moet de bron en de naam van de auteur vermelden, tenzij dit niet mogelijk blijkt.

§ 2.....

§ 3.De auteur kan zich niet verzetten tegen tijdelijke reproductiehandelingen van voorbijgaande of bijkomstige aard die een integraal en essentieel onderdeel vormen van een technisch procédé dat wordt toegepast met als enig doel:

-de doorgifte in een netwerk tussen derden door een tussenpersoon; of

-een rechtmatig gebruik,

van een beschermd werk, waarbij die handelingen geen zelfstandige economische waarde bezitten.

Art. XI.190

Wanneer het werk op geoorloofde wijze openbaar is gemaakt, kan de auteur zich niet verzetten tegen:

1°de reproductie en de mededeling aan het publiek, met het oog op informatie, van korte fragmenten uit werken of van integrale werken van grafische of beeldende kunst in een verslag dat over actuele gebeurtenissen wordt uitgebracht;

De reproductie en de mededeling aan het publiek van het werk bij gelegenheid van een verslag dat over actuele gebeurtenissen wordt uitgebracht overeenkomstig het voorgaande lid, moeten uit een oogpunt van voorlichting gerechtvaardigd zijn, en de bron, waaronder de naam van de auteur, moet vermeld worden, tenzij dit niet mogelijk blijkt.

2°de reproductie en de mededeling aan het publiek van een werk tentoongesteld in een voor het publiek toegankelijke plaats, wanneer het doel van de reproductie of van de mededeling aan het publiek niet het werk zelf is;

2/1° de reproductie en de mededeling aan het publiek van werken van beeldende, grafische of bouwkundige kunst, die zijn gemaakt om permanent in openbare plaatsen te worden geplaatst, indien de reproductie of de mededeling gebeurt van het werk zoals het zich aldaar bevindt...;

3°...

4°...;

5°degedeeltelijke of integrale reproductie op papier of op een soortgelijke drager, van artikelen, van werken van beeldende of grafische kunst, of van korte fragmenten uit andere werken die op papier of op een soortgelijke drager zijn vastgelegd, met behulp van ongeacht welke fotografische techniek of enige andere werkwijze die een soortgelijk resultaat oplevert, met uitzondering van bladmuziek, wanneer die reproductie wordt gemaakt door een rechtspersoon voor intern gebruik dan wel door een natuurlijk persoon voor intern gebruik in het kader van zijn professionele activiteiten...;

6°...;

7°...;

8°;

9°de reproductie van werken, met uitzondering van bladmuziek, door een natuurlijke persoon voor privégebruik gemaakt, en zonder enig direct of indirect commercieel oogmerk;

10°een karikatuur, een parodie of een pastische, rekening houdend met de eerlijke gebruiken;

11°...;

12°de reproductie in welke vorm of welk medium ook, gerechtvaardigd door het voor de bewaring van het culturele en wetenschappelijke patrimonium gestelde doel, door voor het publiek toegankelijke bibliotheken, voor het publiek toegankelijke musea, door archieven of instellingen voor cinematografisch of audio(visueel) erfgoed.

De materialen die aldus worden vervaardigd blijven eigendom van deze instellingen, die zichzelf ieder commercieel of winstgevend gebruik ervan ontzeggen.

De auteur kan hiertoe toegang krijgen, onder strikte inachtneming van de bewaring van het werk en tegen een billijke vergoeding van het werk verricht door deze instellingen;

13°de mededeling, met inbegrip van de beschikbaarstelling van niet te koop aangeboden of aan licentievoorwaarden onderworpen werken die onderdeel uitmaken van de verzamelingen van voor het publiek toegankelijke bibliotheken, wetenschappelijke- en onderwijsinstellingen, musea of archieven die niet het behalen van een direct of een indirect economisch of commercieel voordeel nastreven, hierin bestaande dat het werk, via speciale terminals in de gebouwen van die instellingen, voor onderzoek of privéstudie medegedeeld wordt aan of beschikbaar gesteld wordt voor individuele leden van het publiek;

14°tijdelijke opnamen van werken, gemaakt door omroeporganisaties met hun eigen middelen, met inbegrip van de middelen van een persoon die optreedt namens en onder de verantwoordelijkheid van de omroeporganisaties, ten behoeve van hun eigen uitzendingen;

15°de reproductie en mededeling aan het publiek van werken ten behoeve van mensen met een handicap, die rechtstreeks met deze handicap verband houden en van niet-commerciële aard zijn en voorzover het wegens de betrokken handicap noodzakelijk is, en onverminderd de eventuele toepassing van de bepalingen onder 18° en 19°...;

16°de reproductie en de mededeling aan het publiek voor reclamedoeleinden, voor openbare tentoonstellingen of openbare verkopen van artistieke werken, voorzover het noodzakelijk is voor de promotie van die gebeurtenissen, met uitsluiting van enig ander commercieel gebruik;

17°de reproductie van uitzendingen, door erkende ziekenhuizen, gevangenissen en instellingen voor jeugd- of gehandicaptenzorg, voor zover deze instellingen geen winstoogmerk nastreven en dat deze reproductie is voorbehouden voor het exclusieve gebruik van de daar verblijvende natuurlijke personen;

18°een handeling die noodzakelijk is voor de vervaardiging van een exemplaar in toegankelijke vorm van een werk of prestatie waartoe de begunstigde rechtmatige toegang heeft, door een begunstigde of een namens hem optredende persoon, voor exclusief gebruik door de begunstigde.... Een in België gevestigde begunstigde kan een exemplaar in toegankelijke vorm verkrijgen van of er toegang toe hebben bij een toegelaten entiteit die in een lidstaat van de Europese Unie gevestigd is;

19°een handeling die noodzakelijk is voor de vervaardiging, de mededeling, de beschikbaarstelling of de distributie van een exemplaar in toegankelijke vorm van een werk of prestatie waartoe zij rechtmatige toegang heeft, door een in België gevestigde toegelaten entiteit aan een begunstigde of een toegelaten entiteit gevestigd in een lidstaat van de Europese Unie. Een in België gevestigde toegelaten entiteit kan eveneens een exemplaar in toegankelijke vorm verkrijgen van of er toegang toe hebben bij een toegelaten entiteit die in een lidstaat van de Europese Unie gevestigd is. De in de twee voorgaande zinnen bedoelde handelingen worden uitgevoerd zonder winstoogmerk en met het oog op exclusief gebruik door een begunstigde...;

20°de reproductie van rechtmatig toegankelijke werken met het oog op tekst- en datamining, op voorwaarde dat het gebruik van die werken door de auteur ervan niet op passende wijze uitdrukkelijk is voorbehouden.

Bij content die online voor het publiek beschikbaar wordt gesteld, wordt het voorbehoud enkel als passend beschouwd indien hierbij machinaal leesbare middelen worden gebruikt.

Deze reproducties mogen worden bewaard zolang dit nodig is voor tekst- en datamining;

21°de reproductie en de mededeling aan het publiek van werken ten behoeve van de openbare veiligheid of om het goede verloop van een administratieve, parlementaire of gerechtelijke procedure of de berichtgeving daarover te waarborgen.

Art. XI.191

§ 1.In afwijking van artikel XI.190 kan de auteur wanneer de databank wettig openbaar is gemaakt, zich niet verzetten tegen:

1°de gedeeltelijke of integrale reproductie op papier of op een soortgelijke drager, met behulp van een fotografische techniek of een andere werkwijze die een soortgelijk resultaat oplevert, van databanken die op papier of op een soortgelijke drager zijn vastgelegd, wanneer die reproductie wordt gemaakt door een rechtspersoon voor intern gebruik dan wel door een natuurlijk persoon voor intern gebruik in het kader van zijn professionele activiteiten...;

2°...;

3°...;

4°...;

5°de reproductie en de mededeling aan het publiek van een databank wanneer die handelingen worden verricht om de openbare veiligheid te waarborgen of om in een administratieve of gerechtelijke procedure aan te wenden....

....

§ 2.Artikel XI.190, 1°, 2°, 10°, 12°, en 20°, is op analoge wijze van toepassing op databanken.

Art. XI.191/1

§ 1.Wanneer het werk op geoorloofde wijze openbaar is gemaakt, en onverminderd de eventuele toepassing van de artikelen XI.189, § 3, en XI.190, 2°, 2/1°, 10°, 12°, 13°, 15°, 16°, 17°, 18°, 19°, 20°, en 21°, kan de auteur zich niet verzetten tegen:

1°het citeren ten behoeve van onderwijs, of in het kader van wetenschappelijk onderzoek, voor zover zulks geschiedt overeenkomstig de eerlijke gebruiken en in de mate dat het beoogde doel dit rechtvaardigt;

2°de kosteloze uitvoering in het kader van schoolactiviteiten, met inbegrip van de uitvoering van een werk tijdens een publiek examen. Deze kosteloze uitvoering in het kader van schoolactiviteiten en de uitvoering van een werk tijdens een publiek examen kan zowel binnen als buiten de gebouwen van de onderwijsinstelling plaatsvinden;

3°de reproductie van werken, met uitzondering van bladmuziek, ter illustratie bij onderwijs of voor wetenschappelijk onderzoek, voor zover het gebruik verantwoord is door de nagestreefde, niet-winstgevende doelstelling...;

4°de mededeling aan het publiek van werken ter illustratie bij onderwijs of voor wetenschappelijk onderzoek, door instellingen die daartoe door de overheid officieel zijn erkend of opgericht en voor zover deze mededeling verantwoord is door de nagestreefde niet-winstgevende doelstelling, plaatsvindt in het kader van de normale activiteiten van de instelling en beveiligd wordt door passende maatregelen...;

5°het gebruik van literaire werken van overleden auteurs in een bloemlezing bestemd voor het onderwijs dat niet het behalen van een direct of indirect commercieel voordeel nastreeft, op voorwaarde dat de keuze van het uittreksel, alsmede de presentatie en de plaats ervan de morele rechten van de auteur in acht nemen en dat een billijke vergoeding wordt betaald, die door de partijen wordt overeengekomen of anders door de rechter overeenkomstig de eerlijke gebruiken worden vastgesteld;

6°de reproductie of de mededeling aan het publiek van werken door instellingen voor kinderopvang die daartoe door de overheid officieel zijn erkend of opgericht, op voorwaarde dat die reproductie of mededeling aan het publiek gebeurt in het raam van de pedagogische activiteiten van die instellingen;

7°de reproductie door onderzoeksorganisaties, door voor het publiek toegankelijke bibliotheken, door voor het publiek toegankelijke musea, door archieven of door instellingen voor cinematografisch of audio(visueel) erfgoed, om met het oog op wetenschappelijk onderzoek tekst- en datamining te verrichten op werken waartoe zij rechtmatige toegang hebben.

Deze reproducties van werken worden opgeslagen met een passend beveiligingsniveau en mogen worden bewaard voor doeleinden in verband met wetenschappelijk onderzoek, inclusief de verificatie van onderzoeksresultaten.

De auteur kan maatregelen nemen om de veiligheid en de integriteit te verzekeren van de netwerken en databanken waar de werken worden gehost, voor zover deze maatregelen niet verder gaan dan wat nodig is om die doelstelling te verwezenlijken;

8°de reproductie, met uitzondering van bladmuziek, of de mededeling aan het publiek van werken in het kader van het digitaal gebruik ervan ter illustratie bij onderwijs, voor zover het gebruik verantwoord is door de nagestreefde, niet-winstgevende doelstelling en op voorwaarde dat het gebruik plaatsvindt onder de verantwoordelijkheid van een onderwijsinstelling, in haar gebouwen of elders, of door middel van een beveiligde elektronische omgeving die alleen toegankelijk is voor de leerlingen of studenten en het onderwijzend personeel van de onderwijsinstelling.

Het in de voorgaande zin bedoelde gebruik van werken ter illustratie bij onderwijs via beveiligde elektronische omgevingen, wordt geacht uitsluitend plaats te vinden in de lidstaat waar de onderwijsinstelling is gevestigd.

§ 2.Bij de in paragraaf 1 bedoelde gebruiken, worden de bron en de naam van de auteur vermeld, tenzij dit niet mogelijk blijkt.

Art. XI.191/2

§ 1.In afwijking van artikel XI.191/1 kan de auteur wanneer de databank wettig openbaar is gemaakt, zich niet verzetten tegen:

1°de reproductie van databanken ter illustratie bij onderwijs of voor wetenschappelijk onderzoek, voor zover het gebruik verantwoord is door de nagestreefde, niet-winstgevende doelstelling...;

2°de mededeling aan het publiek van databanken ter illustratie bij onderwijs of voor wetenschappelijk onderzoek, door instellingen die daartoe door de overheid officieel zijn erkend of opgericht en voorzover deze mededeling verantwoord is door de nagestreefde niet-winstgevende doelstelling, plaatsvindt in het kader van de normale activiteiten van de instelling, en beveiligd wordt door passende maatregelen...;

3°de reproductie door onderzoeksorganisaties, door voor het publiek toegankelijke bibliotheken, door voor het publiek toegankelijke musea, door archieven of door instellingen voor cinematografisch of audio(visueel) erfgoed, om met het oog op wetenschappelijk onderzoek tekst- en datamining te verrichten op databanken waartoe zij rechtmatige toegang hebben.

Deze reproducties van databanken worden opgeslagen met een passend beveiligingsniveau en mogen worden bewaard voor doeleinden in verband met wetenschappelijk onderzoek, inclusief de verificatie van onderzoeksresultaten.

De auteur kan maatregelen nemen om de veiligheid en de integriteit te verzekeren van de netwerken en databanken waar de databanken worden gehost, voor zover deze maatregelen niet verder gaan dan wat nodig is om die doelstelling te verwezenlijken;

4°de reproductie of de mededeling aan het publiek van databanken in het kader van het digitaal gebruik ervan ter illustratie bij onderwijs, voor zover het gebruik verantwoord is door de nagestreefde, niet-winstgevende doelstelling en op voorwaarde dat het gebruik plaatsvindt onder de verantwoordelijkheid van een onderwijsinstelling, in haar gebouwen of elders, of door middel van een beveiligde elektronische omgeving die alleen toegankelijk is voor de leerlingen of studenten en het onderwijzend personeel van de onderwijsinstelling.

Het in de voorgaande zin bedoelde gebruik van databanken ter illustratie bij onderwijs via beveiligde elektronische omgevingen, wordt geacht uitsluitend plaats te vinden in de lidstaat waar de onderwijsinstelling is gevestigd.

§ 2.Bij de in paragraaf 1 bedoelde gebruiken, worden de bron en de naam van de auteur vermeld, tenzij dit niet mogelijk blijkt.

§ 3.Artikel XI.191/1, § 1, 1°, 2° en 6°, is op analoge wijze van toepassing op databanken.

Art. XI.192

§ 1.De auteur kan de uitlening van werken van letterkunde, databanken, fotografische werken, partituren van muziekwerken, geluidswerken en audiovisuele werken niet verbieden wanneer die uitlening geschiedt met een educatief of cultureel doel door instellingen die daartoe door de overheid officieel zijn erkend of opgericht.

De auteur kan de uitlening door een in België gevestigde toegelaten entiteit aan een begunstigde of een andere toegelaten entiteit gevestigd in een lidstaat van de Europese Unie, van een exemplaar in toegankelijke vorm niet verbieden, wanneer die uitlening geschiedt zonder winstoogmerk en met het oog op exclusief gebruik door een begunstigde....

§ 2.De uitlening van geluidswerken en audiovisuele werken kan pas plaatsvinden twee maanden na de eerste verspreiding van het werk onder het publiek.

Na raadpleging van de instellingen en vennootschappen voor het beheer van de rechten, kan de Koning voor alle fonogrammen en eerste vastleggingen van films of voor bepaalde daarvan de in het vorige lid bedoelde termijn verlengen of verkorten.

§ 3.De in paragraaf 1 bedoelde instellingen die door de Koning worden aangewezen, mogen werken van letterkunde, databanken, fotografische werken, geluids- en audiovisuele werken alsook partituren van muziekwerken invoeren die voor het eerst buiten de Europese Unie rechtmatig zijn verkocht en die op het grondgebied van die Unie niet aan het publiek worden verdeeld, ingeval die invoer geschiedt voor openbare uitleningen met een educatief of cultureel doel en voor zover zulks geen betrekking heeft op meer dan vijf exemplaren of partituren van het werk.

Art. XI.192/1

De voor het publiek toegankelijke bibliotheken, onderwijsinstellingen en musea, alsook archieven, instellingen voor cinematografisch- of geluidserfgoed en publieke omroeporganisaties, die in de lidstaten van de Europese Unie en van de Europese Economische Ruimte gevestigd zijn, om taken van openbaar belang te vervullen, hebben de toestemming de in hun verzamelingen voorkomende verweesde werken op een van de volgende wijzen en onder de voorwaarden bepaald in art. XI.245/5, te gebruiken:

a)beschikbaarstelling voor het publiek van het verweesde werk in de zin van artikel XI.165, § 1, vierde lid;

b)de reproductie in de zin van artikel XI.165, § 1, eerste lid, met als doel het digitaliseren, beschikbaar stellen, indexeren, catalogiseren, behouden of restaureren.

Art. XI.192/2

§ 1.Behoudens in het geval bedoeld in paragraaf 2, kan de auteur van een werk zich niet verzetten tegen de reproductie of mededeling aan het publiek voor niet-commerciële doeleinden door een voor het publiek toegankelijke bibliotheek of een voor het publiek toegankelijk museum, een archief of een instelling voor cinematografisch of audio(visueel) erfgoed, van een werk dat niet of niet meer in de handel is en dat permanent deel uitmaakt van hun collecties, op voorwaarde dat:

1°de overeenkomstig artikel XI.245/7/2, § 2, aangeduide representatieve beheersvennootschap niet is aangeduid voor de betrokken rechten;

2°de werken beschikbaar worden gesteld op niet-commerciële websites; en

3°de bron en de naam van de auteur of van elke andere identificeerbare rechthebbende worden vermeld, tenzij dit niet mogelijk blijkt.

§ 2.Een auteur kan overeenkomstig artikel XI.245/7/3 te allen tijde, gemakkelijk en effectief, zijn werken uitsluiten van de rechten van reproductie en mededeling aan het publiek, bedoeld in paragraaf 1, hetzij in het algemeen, hetzij in specifieke gevallen, inclusief na het begin van het gebruik in kwestie door een voor het publiek toegankelijke bibliotheek of een voor het publiek toegankelijk museum, een archief of een instelling voor cinematografisch of audio(visueel) erfgoed.

De Koning kan nadere regels bepalen inzake de wijze van uitoefening van de uitsluiting bedoeld in het eerste lid.

§ 3.Ten minste zes maanden voordat de reproductie en de mededeling aan het publiek door een voor het publiek toegankelijke bibliotheek of een voor het publiek toegankelijk museum, een archief of een instelling voor cinematografisch of audio(visueel) erfgoed, bedoeld in paragraaf 1, plaats heeft, moeten voornoemde instellingen, in een voor het publiek toegankelijke onlinedatabank, die overeenkomstig Verordening (EU) 2017/1001 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 inzake het Uniemerk door het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie wordt opgericht en beheerd, de volgende informatie kenbaar maken:

1°de identificatie van de werken die niet of niet meer in de handel zijn; en

2°de mogelijkheid voor de auteur om zijn rechten uit te sluiten van deze uitzondering, overeenkomstig artikel XI.245/7/3.

De Koning kan nadere regels bepalen in verband met de in het eerste lid bedoelde kenbaarmaking, alsook aanvullende passende publiciteitsmaatregelen bepalen indien dit noodzakelijk blijkt voor de algemene bewustwording van auteurs.

§ 4.De reproductie en de mededeling aan het publiek door een voor het publiek toegankelijke bibliotheek of een voor het publiek toegankelijk museum, een archief of een instelling voor cinematografisch of audio(visueel) erfgoed, bedoeld in paragraaf 1, worden geacht uitsluitend plaats te vinden in de lidstaat waar de voornoemde instelling is gevestigd.

§ 5.De voor het publiek toegankelijke bibliotheken of de voor het publiek toegankelijke musea, de archieven of de instellingen voor cinematografisch of audio(visueel) erfgoed zijn de verantwoordelijken voor de verwerking van persoonsgegevens, elk voor de hen betreffende gegevensverwerkingen.

Art. XI.192/3

De in de artikelen XI.189, XI.190, XI.191, XI.191/1, XI.191/2, XI.192, § 1, tweede lid, XI.192/1 en XI.192/2 bedoelde uitzonderingen mogen slechts worden toegepast mits daarbij geen afbreuk wordt gedaan aan de normale exploitatie van het werk of de databank en de wettige belangen van de rechthebbende niet onredelijk worden geschaad.