Externe hacking
Externe hacking is het zich opzettelijk toegang verschaffen tot een informaticasysteem of zich daarin handhaven, wetende daar niet toe gerechtigd te zijn.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 2.
Boek II De gemeenrechtelijke misdrijven en hun straffen › Titel 6 Misdrijven tegen het vermogen
524–533
Externe hacking
Externe hacking is het zich opzettelijk toegang verschaffen tot een informaticasysteem of zich daarin handhaven, wetende daar niet toe gerechtigd te zijn.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 2.
Interne hacking
Interne hacking is het met bedrieglijk opzet of met het oogmerk om te schaden, zijn toegangsbevoegdheid tot een informaticasysteem overschrijden.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 2.
Verzwaarde interne of externe hacking
Interne of externe hacking wordt bestraft met een straf van niveau 3 wanneer de dader:
1°de gegevens die worden opgeslagen, verwerkt of overgedragen door middel van het informaticasysteem op enige manier overneemt;
2°enig gebruik maakt van een informaticasysteem van een derde of zich bedient van het informaticasysteem om toegang te verkrijgen tot een informaticasysteem van een derde, of;
3°enige schade, zelfs onopzettelijk, veroorzaakt aan het informaticasysteem of aan de gegevens die door middel van het informaticasysteem worden opgeslagen, verwerkt of overgedragen of aan een informaticasysteem van een derde of aan de gegevens die door middel van het laatstgenoemde informaticasysteem worden opgeslagen, verwerkt of overgedragen.
Bezit of terbeschikkingstelling van een instrument dat hacking mogelijk moet maken
Bezit of terbeschikkingstelling van een instrument dat hacking mogelijk moet maken is het onrechtmatig, opzettelijk, bezitten, produceren, verkopen, verkrijgen met het oog op het gebruik ervan, invoeren, verspreiden of op enige andere manier ter beschikking stellen van een instrument, met inbegrip van informaticagegevens, dat hoofdzakelijk is ontworpen of aangepast om het plegen van een van de misdrijven bedoeld in de artikelen 524 tot 527 mogelijk te maken.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 2.
Heling van informaticagegevens
Heling van informaticagegevens is het opzettelijk, onder zich houden, aan een andere persoon onthullen of verspreiden, of enig gebruik maken van gegevens die verkregen zijn door het plegen van een van de misdrijven bedoeld in de artikelen 524 tot 526, terwijl de dader weet dat die gegevens aldus verkregen zijn.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 2.
Informaticasabotage
Informaticasabotage is het opzettelijk, rechtstreeks of onrechtstreeks, in een informaticasysteem invoeren, wijzigen of wissen van gegevens, dan wel met enig ander technologisch middel de normale aanwending van gegevens in een informaticasysteem veranderen, wetende daartoe niet gerechtigd te zijn.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 2.
In afwijking van artikel 9, § 1, vierde lid, wordt de poging tot het plegen van dit misdrijf bestraft met dezelfde straf als het voltooide misdrijf.
Verzwaarde informaticasabotage
Informaticasabotage wordt bestraft met een straf van niveau 3 wanneer:
1°de dader handelt met bedrieglijk opzet of met het oogmerk te schaden;
2°het misdrijf wordt gepleegd op een informatiesysteem van een kritieke entiteit bedoeld in artikel 3, 3°, van de wet van 19 december 2025 betreffende de weerbaarheid van kritieke entiteiten;
3°de dader, ten gevolge van de informaticasabotage, schade berokkent aan gegevens in het desbetreffende informaticasysteem of in enig ander informaticasysteem;
4°de dader de correcte werking van het desbetreffende informaticasysteem of van enig ander informaticasysteem geheel of gedeeltelijk verhindert ten gevolge van de informaticasabotage.
Bezit of terbeschikkingstelling van een instrument dat informaticasabotage mogelijk moet maken
Bezit of terbeschikkingstelling van een instrument dat informaticasabotage mogelijk moet maken is het onrechtmatig, opzettelijk bezitten, produceren, verkopen, verkrijgen met het oog op het gebruik ervan, invoeren, verspreiden of op enige andere manier ter beschikking stellen van een instrument, met inbegrip van informaticagegevens, dat hoofdzakelijk is ontworpen of aangepast voor het plegen van een van de misdrijven bedoeld in de artikelen 531 en 532, terwijl de betrokkene weet dat dit instrument of deze gegevens aangewend kunnen worden om schade te berokkenen aan gegevens of, geheel of gedeeltelijk, de correcte werking van een informaticasysteem te verhinderen.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 2.