Alle wetboeken › MAR

HOOFDSTUK 4 ESMA EN DE BEVOEGDE AUTORITEITEN

22–29

Art. 22

Bevoegde autoriteiten

Onverminderd de bevoegdheden van de gerechtelijke autoriteiten wijst elke lidstaat één bevoegde administratieve autoriteit aan met het oog op de toepassing van deze verordening. lidstaten lichten de Commissie, ESMA en de andere bevoegde autoriteiten van andere lidstaten daarover in. De bevoegde autoriteit draagt er zorg voor dat de bepalingen van deze verordening worden toegepast op haar grondgebied, met betrekking tot alle handelingen die worden verricht op haar grondgebied, alsmede in het buitenland verrichte handelingen die betrekking hebben op instrumenten die toegelaten zijn tot de handel op een gereglementeerde markt, waarvoor een verzoek tot toelating tot de handel op een dergelijke markt is ingediend, worden geveild op een veiling of die worden verhandeld op een MTF of OTF, of waarvoor een verzoek is ingediend om toelating tot de handel op een MTF die op haar grondgebied actief is.

Art. 23

Bevoegdheden van de bevoegde autoriteiten

1.De bevoegde autoriteiten oefenen hun taken en bevoegdheden op een of meer van de volgende wijzen uit:

a)rechtstreeks;

b)in samenwerking met andere autoriteiten of met de marktpartijen;

c)door delegatie van taken aan dergelijke autoriteiten of marktpartijen, onder de verantwoordelijkheid van de bevoegde autoriteit;

d)door middel van een verzoek aan de bevoegde rechterlijke instanties.

2.Ter vervulling van hun taken krachtens deze verordening dienen bevoegde autoriteiten, overeenkomstig het nationale recht, ten minste over de volgende toezichts- en onderzoeksbevoegdheden te beschikken:

a)het verkrijgen van inzage in elk document en in gegevens in welke vorm dan ook, en het ontvangen of maken van een afschrift daarvan;

b)het vorderen van of verzoeken om inlichtingen van iedere persoon, met inbegrip van degenen die achtereenvolgens betrokken zijn bij het doorgeven van orders of het uitvoeren van de desbetreffende activiteiten, alsook hun opdrachtgevers, en in voorkomend geval het oproepen en ondervragen van een dergelijke persoon teneinde inlichtingen te verkrijgen;

c)het met betrekking tot grondstoffenderivaten inlichtingen opvragen van deelnemers aan gerelateerde spotmarkten aan de hand van gestandaardiseerde formulieren, het verkrijgen van verslagen over transacties en rechtstreekse toegang hebben tot de systemen van handelaren;

d)het verrichten van inspecties of onderzoeken ter plaatse, met uitzondering van de woningen van natuurlijke personen;

e)behoudens de tweede alinea, het betreden van plaatsen van natuurlijke en rechtspersonen om documenten en andere gegevens, ongeacht hun vorm, in beslag te nemen wanneer er een redelijk vermoeden bestaat dat documenten en andere gegevens die betrekking hebben op het voorwerp van de inspectie of het onderzoek relevant kunnen zijn als bewijs van een geval van handel met voorwetenschap of marktmanipulatie in strijd met deze verordening;

f)het inleiden van strafrechtelijke onderzoeken;

g)het vorderen van bestaande opnamen van telefoongesprekken, elektronische communicatie of overzichten van dataverkeer waarover beleggingsondernemingen, kredietinstellingen, financiële instellingen, benchmarkbeheerders of onder toezicht staande contribuanten beschikken;

h)het vorderen, voor zover dat door de nationale wetgeving is toegestaan, van bestaande verkeersgegevensoverzichten waarover een telecommunicatie-exploitant beschikt, wanneer er een redelijk vermoeden van een inbreuk bestaat en wanneer dergelijke overzichten relevant kunnen zijn voor het onderzoek naar een inbreuk op artikel 14, onder a) of b), of op artikel 15;

i)het vragen om bevriezing van en/of beslaglegging op activa;

j)het opschorten van de handel in het betrokken financiële instrument;

k)het eisen dat elke praktijk die volgens de bevoegde autoriteit indruist tegen deze verordening, tijdelijk wordt beëindigd;

l)het instellen van een tijdelijk verbod op beroepsuitoefening, en

m)het nemen van alle maatregelen die nodig zijn om ervoor te zorgen dat het publiek juist wordt geïnformeerd, onder andere door onjuiste of misleidende openbaar gemaakte informatie te rectificeren, met inbegrip van het verplichten van een uitgevende instelling of een andere persoon die onjuiste of misleidende informatie heeft gepubliceerd of verspreid om een rectificatie te publiceren.

Indien overeenkomstig het nationale recht de voorafgaande goedkeuring moet worden verkregen van de justitiële autoriteiten om plaatsen van natuurlijke of rechtspersonen als bedoeld onder e) van de eerste alinea binnen te treden, wordt de in dat punt bedoelde bevoegdheid enkel uitgeoefend nadat voorafgaand een zodanige toestemming is verkregen.

3.De lidstaten dragen er zorg voor dat passende maatregelen worden getroffen zodat de bevoegde autoriteiten alle toezichts- en onderzoeksbevoegdheden hebben die nodig zijn om hun taken te vervullen.

Deze verordening is van toepassing onverminderd de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen die zijn vastgesteld met betrekking tot openbare overnamebiedingen, fusies, of andere transacties die gevolgen hebben voor de eigendom van of de zeggenschap over vennootschappen waarop wordt toegezien door de toezichthoudende autoriteiten die door de lidstaten zijn aangewezen overeenkomstig artikel 4 van Richtlijn 2004/25/EG waarbij vereisten worden vastgesteld die verder gaan dan de vereisten van deze verordening.

4.Een persoon die overeenkomstig deze verordening informatie aan de bevoegde autoriteit verstrekt, wordt niet geacht een inbreuk te plegen op enige beperking van de openbaarmaking van informatie zoals vastgesteld in een contract, of zoals bepaald in wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen, en dit feit brengt voor de melder generlei aansprakelijkheid met zich mee.

Art. 24

Samenwerking met ESMA

1.De bevoegde autoriteiten werken samen met ESMA met het oog op de toepassing van deze verordening, overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1095/2010.

2.De bevoegde autoriteiten verstrekken ESMA onverwijld alle inlichtingen die vereist zijn voor de uitoefening van haar taken, overeenkomstig artikel 35 van Verordening (EU) nr. 1095/2010.

3.Teneinde uniforme voorwaarden voor de toepassing van dit artikel te verzekeren, ontwikkelt ESMA voorstellen voor technische uitvoeringsnormen ter bepaling van de procedures en formulieren voor de uitwisseling van informatie als bedoeld in lid 2.

ESMA dient die voorstellen voor technische uitvoeringsnormen uiterlijk op 3 juli 2016 in bij de Commissie.

Aan de Commissie wordt de bevoegdheid toegekend de in de eerste alinea bedoelde technische uitvoeringsnormen vast te stellen overeenkomstig artikel 15 van Verordening (EU) nr. 1095/2010.

Art. 25

Verplichting tot samenwerking

1.De bevoegde autoriteiten werken met elkaar en met ESMA samen wanneer dat nodig is voor de toepassing van deze verordening, tenzij één van de uitzonderingen in lid 2 van toepassing is. De bevoegde autoriteiten verlenen bijstand aan de bevoegde autoriteiten van andere lidstaten en aan ESMA. Met name wisselen zij zonder onnodige vertraging informatie uit en werken zij samen bij onderzoeks-, toezichts- en handhavingsactiviteiten.

De in de eerste alinea vastgelegde verplichting tot samenwerking en bijstand geldt tevens ten aanzien van de Commissie met betrekking tot de uitwisseling van informatie inzake grondstoffen die in bijlage I van het VWEU vermelde landbouwproducten zijn.

De bevoegde autoriteiten en ESMA werken samen overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1095/2010, in het bijzonder artikel 35 daarvan.

Wanneer de lidstaten ervoor kiezen om overeenkomstig artikel 30, lid 1, tweede alinea, strafrechtelijke sancties vast te stellen voor inbreuken op de bepalingen van deze verordening die in dat artikel worden genoemd, zorgen zij ervoor dat de bevoegde autoriteiten via passende maatregelen over de nodige bevoegdheden beschikken om met de gerechtelijke autoriteiten in hun jurisdictie te communiceren en specifieke informatie te ontvangen over strafrechtelijke onderzoeken naar en procedures in verband met mogelijke inbreuken op deze verordening, en zorgen zij er daarnaast voor dat deze informatie wordt medegedeeld aan andere bevoegde autoriteiten en ESMA om aldus hun verplichting na te leven om voor de doeleinden van deze verordening met elkaar en met ESMA samen te werken.

1 bis. ESMA faciliteert en coördineert, indien zij door ten minste één bevoegde autoriteit daartoe is verzocht, de samenwerking en informatie-uitwisseling tussen de bevoegde autoriteiten en regelgevende instanties in andere lidstaten en derde landen. Wanneer de aard van de zaak zulks rechtvaardigt, draagt ESMA op verzoek van de bevoegde autoriteit bij tot het onderzoek van de zaak door de bevoegde autoriteit.

2.Een bevoegde autoriteit mag enkel in de hieronder vermelde buitengewone omstandigheden weigeren in te gaan op een verzoek om informatie of een verzoek om met een onderzoek mee te werken:

a)communicatie van de relevante informatie zou de veiligheid van de aangezochte lidstaat, en in het bijzonder de bestrijding van terrorisme en andere vormen van ernstige criminaliteit, negatief kunnen beïnvloeden,

b)ingaan op het verzoek zou eigen onderzoek- of handhavingsactiviteiten of, indien van toepassing, een strafrechtelijk onderzoek negatief kunnen beïnvloeden,

c)voor dezelfde feiten en tegen dezelfde personen is reeds een gerechtelijke procedure bij de autoriteiten van de aangezochte lidstaat ingeleid, of

d)voor dezelfde feiten en tegen dezelfde personen is in de aangezochte lidstaat reeds een definitieve uitspraak gedaan.

3.De bevoegde autoriteiten en ESMA werken samen met het bij Verordening (EG) nr. 713/2009 van het Europees Parlement en de Raad (

13

) opgerichte Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators (ACER) en de nationale regelgevende instanties van de lidstaten om ervoor te zorgen dat de toepasselijke regelgeving op gecoördineerde wijze wordt gehandhaafd wanneer transacties, handelsorders of andere handelingen of gedragingen betrekking hebben op een of meer financiële instrumenten waarop deze verordening van toepassing is en tevens op een of meer voor de groothandel bestemde energieproducten waarop de artikelen 3, 4 en 5 van Verordening (EU) nr. 1227/2011 van toepassing zijn. Bij de toepassing de van artikelen 6, 7 en 8 van deze verordening op financiële instrumenten die verband houden met voor de groothandel bestemde energieproducten houden de bevoegde autoriteiten rekening met de specifieke kenmerken van de definities in artikel 2 van Verordening (EU) nr. 1227/2011 en de artikelen 7, 8 en 12 van Verordening (EU) nr. 1227/2011.

4.De bevoegde autoriteiten verstrekken op verzoek onmiddellijk alle inlichtingen die voor het in lid 1 genoemde doel noodzakelijk zijn.

5.Wanneer een bevoegde autoriteit ervan overtuigd is dat er op het grondgebied van een andere lidstaat handelingen worden of zijn uitgevoerd die strijdig zijn met de bepalingen van deze verordening, dan wel dat bepaalde handelingen van invloed zijn op financiële instrumenten die worden verhandeld op een handelsplatform in een andere lidstaat, geeft zij hiervan zo specifiek mogelijk kennis aan de bevoegde autoriteit van de andere lidstaat, aan ESMA en, met betrekking tot energieproducten bestemd voor de groothandel, aan het ACER. De bevoegde autoriteiten van de verschillende betrokken lidstaten raadplegen elkaar, ESMA en, met betrekking tot energieproducten bestemd voor de groothandel, het ACER over de te treffen passende maatregelen en lichten elkaar in over relevante tussentijdse ontwikkelingen. Zij coördineren hun handelingen om mogelijke dubbele en overlappende maatregelen te voorkomen bij het opleggen van administratieve maatregelen, sancties, boeten en andere administratieve maatregelen op grensoverschrijdende gevallen overeenkomstig de artikelen 30 en 31 en zij staan elkaar bij de tenuitvoerlegging van hun besluiten bij.

6.De bevoegde autoriteit van een lidstaat kan om de bijstand van de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat verzoeken bij inspecties of onderzoeken ter plaatse.

Een verzoekende bevoegde autoriteit kan ESMA in kennis stellen van elk verzoek als bedoeld in de eerste alinea. Bij een onderzoek of inspectie met grensoverschrijdende gevolgen coördineert ESMA het onderzoek of de inspectie als een van de bevoegde autoriteiten daarom vraagt.

Wanneer een bevoegde autoriteit van een bevoegde autoriteit van een andere lidstaat een verzoek ontvangt tot het uitvoeren van een inspectie of onderzoek ter plaatse, kan zij als volgt handelen:

a)de inspectie of het onderzoek ter plaatse zelf uitvoeren;

b)de bevoegde autoriteit die het verzoek heeft ingediend toestaan om deel te nemen aan een inspectie of onderzoek ter plaatse;

c)de bevoegde autoriteit die het verzoek heeft ingediend toestaan om de inspectie of het onderzoek ter plaatse zelf uit te voeren;

d)accountants of deskundigen aanstellen om de inspectie of het onderzoek ter plaatse uit te voeren;

e)specifieke taken in verband met de toezichthoudende activiteiten gezamenlijk met de andere bevoegde autoriteiten verrichten.

De bevoegde autoriteiten kunnen met het oog op het vergemakkelijken van de inning van boeten ook met de bevoegde autoriteiten van andere lidstaten samenwerken.

7.Onverminderd artikel 258 VWEU kan een bevoegde autoriteit waarvan een verzoek om inlichtingen of bijstand overeenkomstig de leden 1, 3, 4 en 5 niet binnen een redelijke termijn wordt gehonoreerd of waarvan een verzoek om inlichtingen of bijstand wordt afgewezen, deze afwijzing of dit verzuim binnen een redelijke termijn aanhangig maken bij ESMA.

In deze situaties kan ESMA optreden overeenkomstig artikel 19 van Verordening (EU) nr. 1095/2010, onverminderd de mogelijkheid van een optreden van ESMA overeenkomstig artikel 17 van Verordening (EU) nr. 1095/2010.

8.De bevoegde autoriteiten werken samen en wisselen informatie uit met relevante nationale regelgevende instanties en regelgevende instanties van derde landen die verantwoordelijk zijn voor de gerelateerde spotmarkten indien er een redelijk vermoeden bestaat dat handelingen worden of zijn verricht die op grond van deze verordening handel met voorwetenschap, wederrechtelijke mededeling van voorwetenschap of marktmisbruik inhouden. Door deze samenwerking wordt een geconsolideerd overzicht van de financiële en spotmarkten gewaarborgd, en kunnen markt- en grensoverschrijdende gevallen van marktmisbruik worden opgespoord en bestraft.

Met betrekking tot emissierechten worden de samenwerking en uitwisseling van informatie volgens de bepalingen van de voorafgaande alinea tevens gewaarborgd door middel van:

a)de veilingtoezichthouder, met betrekking tot veilingen van emissierechten of andere daarop gebaseerde geveilde producten die ingevolge Verordening (EU) nr. 1031/2010 zijn gehouden, en

b)bevoegde autoriteiten, registeradministrateurs waaronder de centrale administrateur en andere publieke organen die krachtens Richtlijn 2003/87/EG zijn belast met toezicht op de naleving.

ESMA vervult een faciliterende en coördinerende rol met betrekking tot de samenwerking en informatie-uitwisseling tussen bevoegde autoriteiten en regelgevende instanties in andere lidstaten en in derde landen. Bevoegde autoriteiten gaan overeenkomstig artikel 26 waar mogelijk samenwerkingsovereenkomsten aan met regelgevende instanties van derde landen die verantwoordelijk zijn voor de gerelateerde spotmarkten.

9.Teneinde uniforme voorwaarden voor de toepassing van dit artikel te verzekeren, ontwikkelt ESMA voorstellen voor technische uitvoeringsnormen ter bepaling van de procedures en formulieren voor informatie-uitwisseling en bijstand als bedoeld in dit artikel.

ESMA dient die voorstellen voor technische uitvoeringsnormen uiterlijk op 3 juli 2016 in bij de Commissie.

Aan de Commissie wordt de bevoegdheid verleend de in de eerste alinea bedoelde technische uitvoeringsnormen vast te stellen overeenkomstig artikel 15 van Verordening (EU) nr. 1095/2010.

Art. 25 bis

Mechanisme voor de uitwisseling van ordergegevens

1.Bevoegde autoriteiten die toezicht houden op handelsplatformen met een significante grensoverschrijdende dimensie zetten uiterlijk op5 juni 2026een mechanisme op waarmee de in lid 4, punt a), bedoelde en overeenkomstig artikel 25 van Verordening (EU) nr. 600/2014 van die handelsplatformen verzamelde ordergegevens over financiële instrumenten doorlopend en tijdig kunnen worden uitgewisseld. De bevoegde autoriteiten kunnen het opzetten van het mechanisme aan ESMA delegeren.

Wanneer een bevoegde autoriteit uit hoofde van lid 4 een verzoek om gegevens indient, vraagt de aangezochte bevoegde autoriteit die gegevens tijdig en uiterlijk vier werkdagen na de datum van het verzoek op bij het betrokken handelsplatform. De verzochte gegevens worden zo spoedig mogelijk en uiterlijk binnen de in lid 6, punt c), vastgestelde termijn ter beschikking gesteld van de bevoegde autoriteit die het oorspronkelijke verzoek indiende.

De doorlopende en tijdige uitwisseling van ordergegevens over de in lid 4, punten b) en c), bedoelde financiële instrumenten wordt uiterlijk op5 juni 2028via het krachtens de eerste alinea van dit lid ingestelde mechanisme operationeel gemaakt.

2.Het betrokken handelsplatform stelt uiterlijk op5 juni 2026passende regelingen, systemen en procedures vast en handhaaft die om de doorlopende en tijdige uitwisseling van ordergegevens mogelijk te maken.

3.Het verzoek om lopende ordergegevens van een bevoegde autoriteit kan worden ingediend voor een specifieke reeks financiële instrumenten.

4.Een bevoegde autoriteit kan ordergegevens verkrijgen die afkomstig zijn van een handelsplatform met een significante grensoverschrijdende dimensie wanneer die bevoegde autoriteit de bevoegde autoriteit is van de meest relevante markt als bedoeld in artikel 26 van Verordening (EU) nr. 600/2014 en die gegevens relevant kunnen zijn voor de toezichthoudende activiteiten van die bevoegde autoriteit voor de volgende financiële instrumenten:

a)aandelen;

b)obligaties;

c)futures.

5.Een lidstaat kan besluiten dat zijn bevoegde autoriteit deelneemt aan het op grond van lid 1 opgezette mechanisme, zelfs indien geen van de handelsplatformen waarop die bevoegde autoriteit toezicht houdt, een significante grensoverschrijdende dimensie heeft. Dat besluit wordt meegedeeld aan ESMA, die het op haar website openbaar maakt.

Indien een lidstaat een besluit neemt op grond van de eerste alinea, nemen die lidstaat en zijn bevoegde autoriteit dit artikel in acht.

6.ESMA ontwikkelt ontwerpen van technische uitvoeringsnormen om:

a)het passende mechanisme voor de uitwisseling van ordergegevens te specificeren, en met name om de operationele regelingen vast te stellen om een snelle overdracht van informatie tussen de bevoegde autoriteiten te waarborgen;

b)passende regelingen, systemen en procedures vast te stellen zodat handelsplatformen aan lid 1, tweede alinea, voldoen, en

c)het formaat en de termijn voor het onverwijld verstrekken van de in lid 1, tweede alinea, bedoelde gegevens te bepalen.

ESMA legt die ontwerpen van technische uitvoeringsnormen uiterlijk op5 september 2025voor aan de Commissie.

Aan de Commissie wordt de bevoegdheid gedelegeerd om deze verordening aan te vullen door de in de eerste alinea bedoelde technische uitvoeringsnormen vast te stellen overeenkomstig artikel 15 van Verordening (EU) nr. 1095/2010.

7.De Commissie stelt overeenkomstig artikel 35 gedelegeerde handelingen vast om een lijst op te stellen van aangewezen handelsplatformen met een significante grensoverschrijdende dimensie bij het toezicht op marktmisbruik, door, voor elke klasse financiële instrumenten, ten minste rekening te houden met:

a)het handelsvolume op het handelsplatform, en

b)het handelsvolume op dat handelsplatform in financiële instrumenten waarvoor de bevoegde autoriteit van de meest relevante markt als bedoeld in artikel 26 van Verordening (EU) nr. 600/2014 verschilt van de bevoegde autoriteit van het handelsplatform.

Wat aandelen betreft, wordt het in de eerste alinea, punt a), bedoelde criterium gemeten als de op het niveau van het handelsplatform geaggregeerde omzet in aandelen, en bedraagt dat criterium in de laatste vier jaren niet minder dan 100 miljard EUR per jaar. Het in de eerste alinea, punt b), bedoelde criterium wordt gedefinieerd als de verhouding tussen de omzet in aandelen waarvoor de bevoegde autoriteit van de meest relevante markt als bedoeld in artikel 26 van Verordening (EU) nr. 600/2014 verschilt van de bevoegde autoriteit van het handelsplatform en de totale omzet in alle aandelen die in een jaar op dat platform werden verhandeld. Die verhouding mag niet lager zijn dan 50 %.

8.Uiterlijk op5 december 2027dient ESMA bij de Commissie een verslag in over de werking van het krachtens lid 1 ingestelde mechanisme.

Dat verslag omvat ten minste:

a)een beschrijving van de technische uitdagingen waarmee de handelsplatformen, de bevoegde autoriteiten en ESMA werden geconfronteerd tijdens de uitvoering van het mechanisme voor aandelen;

b)de door de bevoegde autoriteiten en ESMA gemaakte kosten bij het opzetten van het mechanisme voor aandelen;

c)de werking van de in lid 7, tweede alinea, bedoelde drempels.

Het verslag bevat een kosten-batenanalyse in verband met de toekomstige ontwikkeling van het op grond van lid 1 ingestelde mechanisme met betrekking tot de opneming van mogelijke relevante financiële instrumenten, met inbegrip van obligaties en futures, in het toepassingsgebied ervan. Het verslag bevat ook aanbevelingen over de uitbreiding van het toepassingsgebied tot de in lid 4 bedoelde financiële instrumenten, rekening houdend met de toegevoegde waarde, de technische uitdagingen en de verwachte kosten.

9.De Commissie stelt overeenkomstig artikel 35 gedelegeerde handelingen vast om de leden 4 en 7 van dit artikel te wijzigen door de financiële instrumenten en de lijst van aangewezen handelsplatformen met een significante grensoverschrijdende dimensie te actualiseren, en lid 1, derde alinea, te herzien om de uitbreiding van het toepassingsgebied van het op grond van lid 1 ingestelde mechanisme naar obligaties en futures uit te stellen, rekening houdend met het in lid 8 van dit artikel vermelde verslag, de ontwikkelingen op de financiële markten en het vermogen van de bevoegde autoriteiten om de gegevens over die financiële instrumenten te verwerken.

Art. 25 ter

Samenwerkingsplatformen

1.ESMA kan op verzoek van een of meer bevoegde autoriteiten, in geval van serieuze bezorgdheid over de marktintegriteit of de ordelijke werking van de markten, een samenwerkingsplatform opzetten en coördineren.

2.Onverminderd artikel 35 van Verordening (EU) nr. 1095/2010 verstrekken de betrokken bevoegde autoriteiten op verzoek van ESMA tijdig alle nodige informatie.

3.Indien twee of meer bevoegde autoriteiten van een samenwerkingsplatform het oneens zijn over de procedure of de inhoud van een te nemen maatregel of het niet nemen van maatregelen, kan ESMA, op verzoek van een betrokken bevoegde autoriteit de bevoegde autoriteiten helpen overeenstemming te bereiken overeenkomstig artikel 19, lid 1, eerste alinea, van Verordening (EU) nr. 1095/2010.

ESMA kan ook, op verzoek van een of meer bevoegde autoriteiten, inspecties ter plaatse coördineren. De bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst en andere betrokken bevoegde autoriteiten van het samenwerkingsplatform kunnen ESMA uitnodigen om aan dergelijke inspecties ter plaatse deel te nemen.

ESMA kan ook, op verzoek van een of meer bevoegde autoriteiten, samen met het Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators (ACER) en de openbare instanties die toezicht houden op de groothandelsmarkten voor grondstoffen een samenwerkingsplatform opzetten wanneer de bezorgdheid over de marktintegriteit en de ordelijke werking van de markten zowel de financiële als de spotmarkten betreft.

Art. 26

Samenwerking met derde landen

1.De bevoegde autoriteiten van lidstaten gaan waar nodig samenwerkingsovereenkomsten aan met toezichthoudende autoriteiten van derde landen met betrekking tot informatie-uitwisseling met toezichthoudende autoriteiten in derde landen en het afdwingen van de nakoming van verplichtingen voortvloeiend uit deze verordening in derde landen. Deze samenwerkingsovereenkomsten waarborgen minimaal een doelmatige informatie-uitwisseling waardoor de bevoegde autoriteiten in staat worden gesteld hun taken krachtens deze verordening te vervullen.

Een bevoegde autoriteit stelt ESMA en de andere bevoegde autoriteiten in kennis als ze voornemens is om een dergelijke overeenkomst aan te gaan.

2.Wanneer mogelijk vergemakkelijkt en coördineert ESMA de ontwikkeling van samenwerkingsovereenkomsten tussen de bevoegde autoriteiten van lidstaten en de relevante toezichthoudende autoriteiten van derde landen.

ESMA ontwikkelt ontwerpen van technische reguleringsdocumenten met een modeldocument voor samenwerkingsovereenkomsten die door de bevoegde autoriteiten moeten worden gebruikt.

Teneinde de consistente harmonisatie van dit artikel te verzekeren, legt ESMA die ontwerpen van regelgevende technische normen uiterlijk op 3 juli 2015 voor aan de Commissie.

Aan de Commissie wordt de bevoegdheid gegeven om de in de tweede alinea bedoelde technische reguleringsnormen vast te stellen overeenkomstig de artikelen 10 tot en met 14 van Verordening (EU) nr. 1095/2010.

Wanneer mogelijk vergemakkelijkt en coördineert ESMA tevens de uitwisseling tussen de bevoegde autoriteiten van de lidstaten van inlichtingen die zijn verkregen van toezichthoudende autoriteiten van derde landen en die mogelijk relevant zijn voor het treffen van maatregelen krachtens de artikelen 30 en 31.

3.De bevoegde autoriteiten gaan alleen samenwerkingsovereenkomsten voor informatie-uitwisseling aan met de toezichthoudende autoriteiten van derde landen wanneer met betrekking tot de verstrekte gegevens ten minste gelijkwaardige waarborgen inzake het beroepsgeheim gelden als de in artikel 27 bedoelde. Een dergelijke informatie-uitwisseling moet bestemd zijn voor de vervulling van de taken van die bevoegde autoriteiten.

Art. 27

Beroepsgeheim

1.Alle uit hoofde van deze verordening ontvangen, uitgewisselde of doorgegeven vertrouwelijke informatie valt onder de voorwaarden van het in leden 2 en 3 neergelegde beroepsgeheim.

2.Alle informatie die uit hoofde van deze verordening tussen de bevoegde autoriteiten wordt uitgewisseld en betrekking heeft op commerciële of operationele voorwaarden en andere economische of persoonlijke zaken, wordt als vertrouwelijk beschouwd en valt onder de vereisten van het beroepsgeheim, behalve wanneer de bevoegde autoriteit op het tijdstip waarop de mededeling plaatsvindt, verklaart dat deze informatie openbaar mag worden gemaakt dan wel wanneer deze openbaarmaking in het kader van gerechtelijke procedures noodzakelijk is.

3.Het beroepsgeheim geldt voor alle personen die werkzaam zijn of zijn geweest bij de bevoegde autoriteit of bij iedere autoriteit of onderneming op de markt aan wie de bevoegde autoriteit haar bevoegdheden heeft gedelegeerd, met inbegrip van de door de bevoegde autoriteit aangestelde accountants en deskundigen. Informatie dat onder het beroepsgeheim valt mag aan geen enkele andere persoon of autoriteit worden verstrekt, tenzij op grond van in het Unierecht of het nationale recht vastgelegde bepalingen.

Art. 29

Mededeling van persoonsgegevens aan derde landen

1.De bevoegde autoriteiten van een lidstaat kunnen persoonsgegevens overdragen aan een derde land, mits aan de vereisten van Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad (

14

) wordt voldaan en alleen in voorkomende gevallen. De bevoegde autoriteiten dragen er zorg voor dat de overdracht noodzakelijk is voor de toepassing van deze verordening en dat het derde land de gegevens uitsluitend aan een ander derde land overdraagt met uitdrukkelijke schriftelijke toestemming daartoe van de betrokken bevoegde autoriteit van de lidstaat en onder de door die bevoegde autoriteit gestelde voorwaarden.

2.De bevoegde autoriteiten van een lidstaat maken de van een bevoegde autoriteit van een andere lidstaat ontvangen persoonsgegevens alleen aan een toezichthoudende autoriteit van een derde land bekend, als de bevoegde autoriteit van de lidstaat in kwestie de uitdrukkelijke instemming daarmee heeft verkregen van de bevoegde autoriteit die de gegevens heeft doorgezonden en, indien van toepassing, mits de gegevens alleen openbaar worden gemaakt voor de doeleinden waarmee die bevoegde autoriteit heeft ingestemd.