Alle wetboeken › Hypotheekwet

HOOFDSTUK IV _ Wijze van inschrijving van de voorrechten en hypotheken.

82–91

Art. 82

(2146). De inschrijvingen geschieden op de bevoegde dienst van de Federale Overheidsdienst Financiën.

De rechten van voorrecht of hypotheek die zijn verkregen maar niet ingeschreven vóór het overlijden van de schuldenaar, kunnen niet meer worden ingeschreven dan binnen drie maanden na het openvallen van de erfenis, onverminderd de bepalingen van artikel 112.

Het gevolg van de inschrijvingen, genomen vóór de opening van een faillissement, wordt door de bijzondere wetten op het faillissement geregeld.

Art. 83

(2148). Om de inschrijving te verkrijgen bezorgt de schuldeiser, zelf of via een derde, aan de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie de authentieke uitgifte van de akte waaruit het voorrecht of de hypotheek ontstaat.

Hij voegt daarbij twee (...) borderellen, waarvan een op de uitgifte van de titel kan worden geschreven. Deze borderellen bevatten:

1°De naam, de voornamen en de woonplaats van de schuldeiser;

2°De naam, de voornamen en de woonplaats van de schuldenaar of een zodanige persoonlijke en bijzondere aanwijzing dat de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie in alle gevallen de met hypotheek bezwaarde persoon kan herkennen en onderscheiden;

(3° De bijzondere aanduiding van de akten die de hypotheek of het voorrecht vestigen, bevestigen of erkennen en de dagtekening van die akten;)

4°Het bedrag van de hoofdsom en het toebehoren van de schuldvorderingen waarvoor inschrijving wordt gevorderd, en de tijd die voor hun betaling is bepaald;

5°De bijzondere aanduiding van de aard en de ligging van elk van de onroerende goederen waarop de inschrijver zijn voorrecht of zijn hypotheek wil bewaren;

Alle betekeningen en kennisgevingen betreffende de inschrijving worden gedaan aan de zetel of de woonplaats van de inschrijver als deze een zetel of een woonplaats in België heeft.

Wanneer de inschrijver geen zetel of woonplaats in België heeft of behoudt, moet hij woonstkeuze doen in België.

De Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie doet in haar register aantekening van de inhoud van de borderellen; zij geeft aan de verzoekers de uitgifte van de titel terug, alsook een van de borderellen, waarop zij onderaan bevestigt de inschrijving te hebben gedaan, met opgave van de referte eraan.

Art. 84

Om de inschrijving of de vermelding door de artikelen 3 en 5 vereist, te verkrijgen, bezorgen de partijen, zelf of via een derde, aan de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie:

1°(Indien het een eis in recht betreft, twee uittreksels (...) bevattende de naam, de voornamen en de woonplaats van de partijen en in voorkomend geval, die van de nieuwe eigenaar, met aanduiding van zijn titel; de vermelding van de rechten waarvan de vernietiging of de herroeping wordt verzocht, en van de rechtbank die van de eis kennis moet nemen);

2°Indien het een vonnis betreft, twee uittreksels (...) door de griffier afgegeven, en bevattende de naam, de voornamen en de woonplaats van de partijen, het beschikkende gedeelte van de beslissing, alsook de vermelding van de rechtbank of het hof waardoor de beslissing is gewezen;

3°Indien het een overdracht betreft, de authentieke uitgifte van de akte en twee uittreksels (...), bevattende de door artikel 5 vereiste opgaven.

(Voor de toepassing van artikel 3.97 van het Burgerlijk Wetboek, moeten aan de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie worden voorgelegd:

1°door de notaris, indien het een notariële akte betreft, twee uittreksels (...), bevattende de datum van de akte houdende vaststelling van de ontbinding van de vereniging van medeëigenaars, de naam van de optredende notaris en diens standplaats, alsook de naam, voornamen en woonplaats van de partijen bij de akte bedoeld in artikel 3.85, § 1, van het Burgerlijk Wetboek;

2°door de eiser, indien het een rechtsvordering betreft, twee uittreksels (...), bevattende de naam, voornamen en woonplaats van de partijen, alsmede de rechtbank die kennis moet nemen van de vordering;

3°door de partijen of door een derde, indien het een rechterlijke beslissing betreft, twee uittreksels (...) door de griffier afgegeven, bevattende de datum waarop de rechterlijke beslissing is genomen, het gerecht dat ze heeft genomen, de naam, voornamen en woonplaats van de partijen, het beschikkend gedeelte van de rechterlijke beslissing en een verklaring van de griffier waaruit blijkt dat er geen rechtsmiddelen zijn aangewend.)

(Om de inschrijvingen bedoeld in artikel 1493 van het Gerechtelijk Wetboek te verrichten, leggen de partijen aan de lgemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie voor: zo het gaat om een rechtsvordering, twee uittreksels (...), met vermelding van de naam, voornaam en woonplaats van de partijen, het in beslag genomen goed, de datum van het beslagexploot en de rechtbank die over de vordering uitspraak zal moeten doen; gaat het om een beslissing, twee uittreksels (...), afgeleverd door de griffier en bevattend de aanduiding van de naam, voornaam en woonplaats van de partijen, het beschikkend gedeelte van de beslissing en het gerecht dat ze geveld heeft alsmede een verklaring van de griffier waaruit blijkt dat de termijnen van verzet en hoger beroep verstreken zijn en geen van beide rechtsmiddelen tegen de beslissing werd aangewend.)

De Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie geeft aan de verzoeker een van de uittreksels terug, waarop zij de verklaring aanbrengt dat de inschrijving of de vermelding gedaan is.

Art. 85

Verzuim van een of meer van de formaliteiten, bij de twee vorige artikelen voorgeschreven, heeft alleen dan nietigheid van de inschrijving of van de vermelding ten gevolge, wanneer daaruit nadeel voor derden ontstaat.

Art. 86

(2149). Inschrijvingen op de goederen van een overledene kunnen gedaan worden met aanwijzing van de overledene alleen.

Art. 87

(2151). De bevoorrechte of hypothecaire schuldeiser die ingeschreven is voor een kapitaal dat interesten of rentetermijnen opbrengt, heeft het recht om ten hoogste voor drie jaren in dezelfde rang te worden geplaatst als voor zijn kapitaal, onverminderd de bijzondere inschrijvingen, die voor andere interesten of rentetermijnen kunnen worden genomen en hypotheek medebrengen te rekenen van hun dagtekening.

Art. 88

(2152). Het is aan degene in wiens voordeel een inschrijving bestaat of aan zijn vertegenwoordigers geoorloofd, in het register van de hypotheken de door hem gekozen woonplaats te veranderen, onder verplichting om een andere woonstkeuze te doen in België.

Te dien einde legt hij, hetzij in persoon, hetzij door een derde, op het bevoegde kantoor van de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie een authentieke akte over, waaruit zijn wil dienaangaande blijkt, ofwel tekent hij op het register zelf van de hypotheken een verklaring, houdende verandering van woonplaats.

In dit laatste geval wordt zijn identiteit, indien de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie het eist, bevestigd door een notaris, die eveneens zijn handtekening onder de verklaring plaatst.

Wanneer de begunstigde van een inschrijving die geen woonstkeuze in België heeft gedaan zijn zetel of woonplaats buiten België verplaatst, doet hij of doen zijn vertegenwoordigers woonstkeuze in België. Het tweede en het derde lid zijn van toepassing. Bij gebrek van woonstkeuze worden de betekeningen en kennisgevingen gedaan aan de laatste in het register vermelde zetel of woonplaats in België.

Art. 89

(2153). De wettelijke hypotheek van de Staat, de provincies, de gemeenten en de openbare instellingen wordt ingeschreven tegen overlegging van twee borderellen, die bevatten:

De naam, de voornamen, de hoedanigheid of de nauwkeurige aanwijzing van de schuldeiser en van de schuldenaar, hun zetel of woonplaats, de aard van de te bewaren rechten en het bedrag van hun bepaalde of eventuele waarde; ten slotte de speciale aanduiding van de aard en van de ligging van elk van de onroerende goederen.

Art. 90

(2154). De inschrijvingen houden de hypotheek en het voorrecht in stand gedurende (dertig jaar te rekenen van de dag der inschrijving); zij houden op van kracht te zijn indien de inschrijvingen niet zijn vernieuwd voor het verstrijken van die termijn.

Is het bezwaarde onroerend goed op enigerlei wijze in andere handen overgegaan, dan moeten, voordat dertig jaren zijn verlopen sinds de overschrijving van de titel van verkrijging of het openvallen der erfenis, de inschrijvingen worden vernieuwd met vermelding van de naam, de voornamen, het beroep en de woonplaats van de nieuwe eigenaar, van zijn titel van eigendom of, in voorkomend geval, van de titel van erkenning van het voorrecht of van het hypotheekrecht.

In geval van achtereenvolgende overgangen sluit de vernieuwing, gedaan met vermelding van de tweede of van een volgende verkrijger, voordat dertig jaren zijn verlopen sinds de eerste overdracht, de noodzakelijkheid uit van enige vernieuwing tegen de vroegere verkrijgers.

Art. 90bis

De inschrijvingen, overeenkomstig de (§ 1) der eerste afdeling van hoofdstuk III, genomen ten behoeve van minderjarigen, van onbekwaamverklaarden, van in een krankzinnigengesticht geplaatste personen (...) houden op van kracht te zijn, indien zij niet worden vernieuwd voor het verstrijken van het jaar volgende op het eindigen van de voogdij of (van het voorlopig bewind) en, in elk geval, voor het verstrijken van het dertigste jaar te rekenen van de dag der inschrijving.

De oorzaak van het verval wordt op de kant van de vervallen inschrijvingen vermeld, tegen overlegging, aan de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie, van de akte of van het authentiek getuigschrift waaruit zulks blijkt; deze kanttekening geldt als doorhaling.

Met uitzondering van de inschrijvingen genomen ten voordele van minderjarigen, worden de inschrijvingen zonder kanttekening betreffende de oorzaak van verval door de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie van ambtswege vernieuwd in de loop van het dertigste jaar te rekenen van de dag der inschrijving.

Art. 90ter

De inschrijving tot vernieuwing geldt enkel als eerste inschrijving, indien zij niet de nauwkeurige aanwijzing van de vernieuwde inschrijving bevat, maar het is niet nodig de vorige inschrijvingen daarin te vermelden. De bepaling van artikel 85 is hierop toepasselijk.

Art. 91

(2155). De kosten van de inschrijvingen en van hun vernieuwing komen ten laste van de schuldenaar, tenzij het tegendeel bedongen is; zij worden door de inschrijver voorgeschoten behalve wat betreft de wettelijke hypotheken; voor de inschrijving hiervan heeft de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie haar verhaal op de schuldenaar.

De kosten van de overschrijving komen ten laste van de verkrijger.