Alle wetboeken › Ger.W.

DEEL V Bewarend beslag, middelen tot tenuitvoerlegging en collectieve schuldenregeling (art. 1386–1675/27)

HOOFDSTUK III - Voorlopige tenuitvoerlegging.

1397–1402

Art. 1397

Behoudens de uitzonderingen die de wet bepaalt of tenzij de rechter, ambtshalve of op verzoek van een van de partijen, bij met bijzondere redenen omklede beslissing anders beveelt, onverminderd artikel 1414, zijn de eindvonnissen uitvoerbaar bij voorraad, zulks niettegenstaande hoger beroep en zonder zekerheidsstelling indien de rechter deze niet heeft bevolen.

Behoudens de uitzonderingen die de wet bepaalt of tenzij de rechter, ambtshalve of op verzoek van een van de partijen, bij met bijzondere redenen omklede beslissing anders beveelt en onverminderd artikel 1414, schorsen verzet of hoger beroep van de versteklatende partij tegen eindvonnissen die bij verstek zijn gewezen daarvan de tenuitvoerlegging.

Vonnissen alvorens recht te doen, waartoe alle voorlopige maatregelen behoren, zijn van rechtswege uitvoerbaar bij voorraad.

Art. 1398

De voorlopige tenuitvoerlegging van het vonnis geschiedt alleen op risico van de partij die daartoe last geeft.

Zij geschiedt zonder borgstelling indien de rechter deze niet heeft bevolen en onverminderd de regels inzake kantonnement.

Art. 1398/1

In afwijking van artikel 1397, tweede lid, en behalve specifieke bepalingen of tenzij de rechter, ambtshalve of op verzoek van een van de partijen, bij met bijzondere redenen omklede beslissing anders beveelt, schorsen verzet of hoger beroep van de versteklatende partij tegen het eindvonnis gewezen door de rechter van de familierechtbank de tenuitvoerlegging daarvan niet.

...

Art. 1398/2

<Opgeheven bij W 2015-10-19/01, art. 44, 091; Inwerkingtreding: 01-11-2015. Overgangsbepalingen: art. 50, L2>

Art. 1399

Verzet en hoger beroep schorsen de tenuitvoerlegging:

1°van de eindvonnissen inzake de staat van personen;

2°de vonnissen uitgesproken door de rechter van de familierechtbank die zitting neemt in het kader van zaken die worden geacht spoedeisend te zijn of zaken waarvoor de spoedeisendheid wordt aangevoerd in de zin van artikel 1253ter/4, en die betrekking hebben op geschillen inzake formaliteiten betreffende de voltrekking van het huwelijk, de opheffing van het verbod op het huwelijk van minderjarigen en de toestemming daartoe;

3°van de beslissingen in tuchtzaken.

De tenuitvoerlegging van het vonnis wordt eveneens geschorst gedurende de termijn waarbinnen verzet of hoger beroep kan worden aangetekend.

De voorlopige tenuitvoerlegging van de vonnissen bedoeld in het eerste lid, 1° en 2°, kan niet worden toegestaan.

Art. 1400

§ 1.De rechter kan aan de voorlopige tenuitvoerlegging de voorwaarde verbinden dat een zekerheid wordt gesteld, die hij bepaalt en waarvoor hij, zo nodig, de modaliteiten vaststelt.

§ 2.De zekerheid is van rechtswege bevrijd wanneer de consignatie door de veroordeelde partij gedaan is overeenkomstig artikel 1404.

Art. 1401

Indien de eerste rechters de voorlopige tenuitvoerlegging hebben uitgesloten, kan deze altijd worden verzocht bij het hoger beroep.

In elk geval wordt het aangevochten vonnis uitvoerbaar bij voorraad wanneer het rolrecht dat ten laste werd gelegd van de appellant ingevolge dit vonnis, niet werd betaald binnen een termijn van drie maanden die begint te lopen vanaf de beroepsakte. De griffier levert, op vraag van een partij, een attest af van de overschrijding van deze termijn.

Art. 1402

Onverminderd de toepassing van artikel 1066, tweede lid, 6°, kunnen de rechters in hoger beroep in geen geval de tenuitvoerlegging van de vonnissen verbieden of doen schorsen, zulks op straffe van nietigheid.