§ 1.De magistraat is verplicht de arts die aangeduid is door het Bestuur van de medische expertise en die voldoet aan de bepalingen van de wet van 13 juni 1999 betreffende de controlegeneeskunde, hierna de controlearts genoemd, te ontvangen of in te gaan op de oproep om zich aan te melden bij de controlearts. De magistraat kan het medisch onderzoek niet weigeren.
De controle van de magistraat kan gebeuren op vraag van de korpschef of op initiatief van het Bestuur van de medische expertise.
De controle van de magistraat kan gebeuren vanaf de eerste dag van de afwezigheid en tijdens de volledige periode van de afwezigheid ten gevolge van ziekte of ongeval.
Het medisch onderzoek vindt plaats in de woon- of verblijfplaats van de magistraat. Wanneer de arts die het geneeskundig getuigschrift heeft afgeleverd, oordeelt dat de gezondheidstoestand van de magistraat hem toelaat zich naar een andere plaats te begeven, dan kan de magistraat ook worden opgeroepen door het Bestuur van de medische expertise om zich voor een onderzoek aan te melden bij de controlearts. Wanneer de controlearts de magistraat niet aantreft op de aangegeven woon- of verblijfplaats, dan laat hij een bericht achter. Behoudens wanneer de arts die het geneeskundig getuigschrift aan de magistraat heeft afgeleverd, oordeelt dat zijn gezondheidstoestand hem niet toelaat zich naar een andere plaats te begeven, moet de magistraat zich op het vermelde uur aanmelden bij de controlearts.
Wanneer de magistraat zich niet naar een andere plaats mag begeven, maar op het ogenblik van de controle afwezig was, wegens redenen van overmacht, brengt hij de controlearts onmiddellijk hiervan op de hoogte, zodat een nieuwe controle kan plaatshebben.
De magistraat die het medisch onderzoek weigert of die het de controlearts onmogelijk maakt om het medisch onderzoek uit te voeren, wordt van rechtswege in non-activiteit geplaatst.
§ 2.De controlearts gaat na of de afwezigheid ten gevolge van ziekte of ongeval gerechtvaardigd is en kan daarbij hoogstens constateren dat:
1°de afwezigheid ten gevolge van ziekte of ongeval medisch gerechtvaardigd is;
2°de afwezigheid ten gevolge van ziekte of ongeval medisch gerechtvaardigd is voor een kortere periode dan vermeld werd in het geneeskundig getuigschrift;
3°de afwezigheid ten gevolge van ziekte of ongeval medisch ongerechtvaardigd is.
De controlearts oefent zijn opdracht uit overeenkomstig artikel 3 van de wet van 13 juni 1999 betreffende de controlegeneeskunde.
De controlearts overhandigt onmiddellijk, eventueel na raadpleging van diegene die het in artikel 331/32, § 1, tweede lid, bedoelde geneeskundig getuigschrift heeft afgeleverd, zijn bevindingen schriftelijk aan de magistraat. Indien de magistraat op dat ogenblik kenbaar maakt dat hij niet akkoord gaat met de bevindingen van de controlearts, wordt dit door deze laatste vermeld op voornoemd geschrift.
In het geval bedoeld in het eerste lid, 2° en 3°, gaat de ambtshervatting in respectievelijk op de door de controlearts vastgestelde datum of, onverminderd artikel 331/35, op de eerste dag volgend op het onderzoek.
Wanneer de magistraat een dag afwezig is ten gevolge van ziekte of ongeval en geen arts heeft geraadpleegd, en de controlearts oordeelt na medisch onderzoek dat de afwezigheid ten gevolge van ziekte of ongeval niet gerechtvaardigd is, dan bevindt de magistraat zich van rechtswege in non-activiteit.
Niettemin kan de magistraat opteren voor het gebruik van een dag jaarlijks vakantieverlof met akkoord van de korpschef, per afwezigheid van een dag waarvoor de magistraat geen arts geraadpleegd heeft wanneer de controlearts geoordeeld heeft dat de afwezigheid ten gevolge van ziekte of ongeval ongerechtvaardigd is.