Alle wetboeken › WER

BOEK XX - Insolventie van de ondernemingen

Titel II - Vroegtijdige waarschuwing, kamers voor ondernemingen in moeilijkheden en ondernemingsbemiddeling

XX.21–XX.29/2

Art. XX.21

§ 1.De inlichtingen en gegevens die kunnen wijzen op dreigende insolventie en op de noodzaak onverwijld te handelen, mogen worden verzameld door de bevoegde diensten van het openbaar ministerie of ter griffie van de rechtbank in het rechtsgebied waarin de schuldenaar het centrum van zijn voornaamste belangen heeft.

De Koning kan de gepaste maatregelen nemen teneinde de verwerking van de verzamelde gegevens op een logisch gestructureerde wijze te laten verlopen en bepalen dat de gegevens derwijze worden geordend en gecombineerd dat hieruit de mogelijkheid ontstaat een dreigende insolventie op te sporen en te voorspellen.

Hij neemt de gepaste maatregelen om de vertrouwelijkheid van de gegevens in de onderscheiden griffies van de ondernemingsrechtbanken te verzekeren en om aan de schuldenaren toegang te verschaffen tot instrumenten voor vroegtijdige waarschuwing van de omstandigheden die kunnen leiden tot een procedure van insolventie en die aan de schuldenaren toelaten de noodzaak onverwijld te handelen te beseffen.

§ 2.De met toepassing van paragraaf 1 verzamelde inlichtingen en gegevens worden opgenomen in het centraal register van de economische knipperlichten met het oog op de opsporing van ondernemingen in financiële moeilijkheden. De Federale Overheidsdienst Justitie is de verwerkingsverantwoordelijke van deze gegevens in de zin van Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG.

§ 3.De in paragraaf 1 bedoelde inlichtingen en gegevens worden vijf jaar lang bewaard nadat zij geregistreerd zijn in het centraal register van de economische knipperlichten.

Art. XX.21/1

§ 1.De schuldenaar heeft toegang, bij verzoek gericht aan de rechtbank, tot de gegevens die op hem betrekking hebben. Hij heeft het recht, bij verzoek gericht aan de rechtbank, de gegevens die op hem betrekking hebben te laten corrigeren.

In de vervulling van hun wettelijke opdracht hebben de magistraten met inbegrip van de leden van het openbaar ministerie, de griffiers, de parketsecretarissen toegang tot de gegevens bedoeld in artikel XX.21 en die voor hen relevant zijn onverminderd de regels die voortvloeien uit de bescherming van het beroepsgeheim, het zakengeheim en het geheim van het beraad.

Op de wijze bepaald door de Koning, kan de rechtbank eveneens van de verzamelde gegevens die zouden wijzen op een dreigende insolventie, kennis geven aan de federale of gewestelijke overheidsinstellingen of private instellingen die door de bevoegde overheid zijn aangewezen of erkend om ondernemingen in moeilijkheden te begeleiden.

§ 2.De Koning bepaalt de toegangsmodaliteiten tot de gegevens, mede in acht genomen de doelstellingen bedoeld in paragraaf 1.

Art. XX.22

<Opgeheven bij W 2023-06-07/07, art. 26, 122; Inwerkingtreding: 01-09-2023>

Art. XX.22/1

§ 1.De inlichtingen en gegevens bedoeld in artikel XX.21 bevatten:

1°de berichten in verband met het beslag bedoeld in de artikelen 1390 tot 1390quater van het Gerechtelijk Wetboek, zoals ze moeten worden medegedeeld overeenkomstig artikel 1390septies van hetzelfde Wetboek, alsook het identificatienummer ervan;

2°de verschuldigde bedragen die wettelijk aan de ondernemingsrechtbanken moeten worden medegedeeld onder meer op grond van artikel XX.23;

3°de financiële gezondheidsindicator berekend door de Nationale Bank van België;

4°de wijzigingen inzake het aantal werknemers;

5°de wijzigingen van de zetel.

§ 2.De voorzitter van de kamer voor ondernemingen in moeilijkheden kan met een specifiek en met redenen omkleed verzoek alle informatie over de schuldenaar opvragen bij het Centraal aanspreekpunt gehouden door de Nationale Bank van België, overeenkomstig de wet van 8 juli 2018 houdende organisatie van een centraal aanspreekpunt van rekeningen en financiële contracten en tot uitbreiding van de toegang tot het centraal bestand van berichten van beslag, delegatie, overdracht, collectieve schuldenregeling en protest.

Art. XX.23

§ 1.Veroordelende verstekvonnissen en vonnissen op tegenspraak uitgesproken tegen schuldenaren die de gevorderde hoofdsom niet hebben betwist, moeten worden gezonden aan de griffie van de rechtbank van het rechtsgebied waarbinnen het centrum van hun voornaamste belangen zich bevindt.

De Koning bepaalt op welke wijze die gegevens worden overgemaakt.

Dit geldt eveneens voor de vonnissen waarbij een handelshuurovereenkomst wordt ontbonden ten laste van de huurder.

§ 2.Uiterlijk een maand na het verstrijken van elk kwartaal zendt de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid een lijst van de schuldenaren die reeds een kwartaal de verschuldigde sociale zekerheidsbijdragen niet meer betaald hebben aan de griffie van de rechtbank van het rechtsgebied waarbinnen het centrum van hun voornaamste belangen zich bevindt. De lijst vermeldt naast de naam van de schuldenaar ook het verschuldigde bedrag.

Uiterlijk een maand na het verstrijken van elk kwartaal zendt de administratie van financiën een lijst van de schuldenaren die reeds een kwartaal de verschuldigde btw of bedrijfsvoorheffing niet meer betaald hebben aan de griffie van de rechtbank van het rechtsgebied waarbinnen het centrum van hun voornaamste belangen zich bevindt. De lijst vermeldt naast de naam van de schuldenaar ook het verschuldigde bedrag.

Uiterlijk een maand na het verstrijken van elk kwartaal zendt het Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen een lijst van de schuldenaren die reeds een kwartaal de verschuldigde sociale zekerheidsbijdragen niet meer betaald hebben aan de griffie van de rechtbank van het rechtsgebied waarbinnen het centrum van hun voornaamste belangen zich bevindt. De lijst vermeldt naast de naam van de schuldenaar ook het verschuldigde bedrag.

De Koning bepaalt op welke wijze die gegevens worden gezonden.

§ 3.De gecertificeerd accountant,... de accountant en fiscaal accountant en de bedrijfsrevisor die in de uitoefening van hun opdracht gewichtige en overeenstemmende feiten vaststellen wijzen op een dreigende insolventie van de schuldenaar brengen, lichten deze laatste hiervan schriftelijk op een omstandige wijze in, in voorkomend geval via zijn bestuursorgaan. Indien zij binnen een maand na de inlichting gegeven aan de schuldenaar oordelen dat de maatregelen die de schuldenaar neemt de continuïteit van de economische activiteit niet kunnen vrijwaren voor een minimumduur van twaalf maanden, kunnen de gecertificeerd accountant, de gecertificeerd belastingadviseur, de accountant en fiscaal accountant of de bedrijfsrevisor hun vaststellingen schriftelijk meedelen aan de voorzitter van de ondernemingsrechtbank. In dat geval is artikel 458 van het Strafwetboek niet van toepassing.

§ 4.De Koning kan aan openbare overheden toestaan of opleggen gegevens mede te delen aan de rechtbank voor zover die gegevens noodzakelijk zijn om de economische toestand van de ondernemingen te beoordelen of om de onderneming in te lichten over de urgentie om maatregelen te nemen.

Art. XX.24

<Opgeheven bij W 2023-06-07/07, art. 29, 122; Inwerkingtreding: 01-09-2023>

Art. XX.25

§ 1.De kamers voor ondernemingen in moeilijkheden bedoeld in artikel 84, derde lid, van het Gerechtelijk Wetboek volgen de toestand van de schuldenaren in moeilijkheden om de continuïteit van hun activiteiten te vrijwaren en de bescherming van de rechten van de schuldeisers te verzekeren.

§ 2.De kamer voor ondernemingen in moeilijkheden kan het onderzoek zelf voeren of een rechter-verslaggever aanstellen. Deze kan een rechter bij de rechtbank zijn, de voorzitter uitgezonderd, of een rechter in ondernemingszaken.

Oordelen hetzij de kamer, hetzij de rechter verslaggever dat er sprake is van dreigende insolventie, dat overleg tussen de schuldenaar en zijn schuldeisers gepast voorkomt of dat de ontbinding van de rechtspersoon kan worden uitgesproken overeenkomstig het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, dan kunnen zij de schuldenaar oproepen en horen teneinde alle inlichtingen te verkrijgen over de stand van zijn zaken en inzake de eventuele reorganisatiemaatregelen.

De oproeping kan een verzoek aan de schuldenaar bevatten om voorafgaand aan de zitting bepaalde gegevens en inlichtingen over zijn onderneming... in te voeren in het register.

De oproeping wordt, door toedoen van de griffier, gericht aan de woonplaats van de schuldenaar of aan diens... zetel of op elke plaats waar de schuldenaar verblijft.

§ 3.Het onderzoek geschiedt met gesloten deuren. De schuldenaar verschijnt in persoon, eventueel bijgestaan door de personen van zijn keuze.

De kamer of de rechter verslaggever mag bij de gecertificeerd accountant,... de accountant en fiscaal accountant en de bedrijfsrevisor van de schuldenaar, inlichtingen inwinnen nopens de aanbevelingen die zij gedaan hebben aan de schuldenaar en, in voorkomend geval, nopens de maatregelen die genomen zijn om de continuïteit van de economische activiteit te waarborgen. In dat geval is artikel 458 van het Strafwetboek niet van toepassing.

Daarenboven staat het de kamer of de rechter verslaggever vrij van ambtswege alle gegevens te verzamelen nodig voor zijn onderzoek. Zij kunnen alle personen horen van wie zij het verhoor nodig achten, zelfs buiten de aanwezigheid van de schuldenaar, en de mededeling van alle dienstige gegevens en inlichtingen gelasten, in voorkomend geval middels het register. De schuldenaar kan alle andere stukken van zijn keuze voorleggen.

De rechter verslaggever kan zich van ambtswege begeven naar de... zetel of in voorkomend geval het centrum van de voornaamste belangen indien de opgeroepen schuldenaar niet verschenen is. Hij verwittigt op voorhand de Orde of het Instituut als de plaatsopneming geschiedt bij een beroepsbeoefenaar van een vrij beroep.

De bijstand van een griffier is niet vereist. De rechter kan geheel alleen proces-verbaal opmaken van zijn bevindingen en van de afgelegde verklaringen.

Art. XX.26

De procureur des Konings en de schuldenaar kunnen op elk ogenblik mededeling krijgen van de aldus tijdens het onderzoek verzamelde gegevens alsook van het in artikel XX.28 bedoelde verslag. De rechter verslaggever of de voorzitter van de kamer bepalen evenwel welke gegevens niet kunnen worden medegedeeld wanneer hun bekendmaking van die aard zou zijn dat het beroepsgeheim van de schuldenaar wordt geschonden.

Art. XX.27

Op de wijze bepaald door de Koning kan de rechtbank de verzamelde gegevens uitwisselen met de overheidsinstellingen of particuliere instellingen die door de bevoegde overheid zijn aangewezen of erkend om ondernemingen in moeilijkheden te begeleiden.

Art. XX.28

Wanneer de kamer een rechter verslaggever heeft aangesteld, beëindigt deze het onderzoek binnen een termijn van acht maanden na zijn aanstelling. Wanneer de rechter dit onderzoek heeft beëindigd, stelt hij binnen de voornoemde termijn een verslag op over de gedane verrichtingen en voegt er zijn conclusie aan toe. Het verslag wordt gevoegd bij de verzamelde gegevens en voorgelegd aan de kamer voor ondernemingen in moeilijkheden. De kamer voor ondernemingen in moeilijkheden kan beslissen het onderzoek te verlengen voor een duur die niet meer dan tien maanden mag bedragen.

Als het onderzoek gevoerd wordt door de kamer zelf, mag dit niet langer dan achttien maanden duren.

Art. XX.29

§ 1.Indien uit het onderzoek naar de toestand van de schuldenaar blijkt dat die zich in staat van faillissement bevindt kan de kamer voor ondernemingen in moeilijkheden het dossier naar de procureur des Konings zenden.

§ 2.Indien uit het onderzoek naar de toestand van de schuldenaar blijkt dat die zich in staat van faillissement bevindt, kan de kamer voor ondernemingen in moeilijkheden beredeneerd en ten voorlopige titel vaststellen dat de voorwaarden voor de toepassing van artikel XX.32 lijken verenigd te zijn en het dossier mededelen aan de voorzitter van de rechtbank.

Onverminderd het eerste lid kan de kamer voor ondernemingen in moeilijkheden, wanneer volgens haar uit dat onderzoek blijkt dat de ontbinding van de rechtspersoon kan worden uitgesproken overeenkomstig het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, het dossier met een gemotiveerde beslissing aan de rechtbank meedelen ten einde uitspraak te doen over de ontbinding, in welk geval zij eveneens de gemotiveerde beslissing meedeelt aan de procureur des Konings.

Wanneer de schuldenaar, rechtspersoon, een beroepsbeoefenaar van een vrij beroep is, deelt de kamer voor ondernemingen in moeilijkheden aan de Orde of het instituut een afschrift mee van de beslissing bedoeld in het tweede lid.

De kamer kan eveneens het dossier mededelen aan de procureur des Konings.

§ 3.De met het onderzoek naar de toestand van de schuldenaar belaste leden van de kamer voor ondernemingen in moeilijkheden mogen niet deelnemen aan de rechtspleging inzake het faillissement, de gerechtelijke reorganisatie, de overdracht onder gerechtelijk gezag of de gerechtelijke vereffening die op deze schuldenaar zou betrekking hebben.

Art. XX.29/1

§ 1.Als er volgens zijn oordeel sprake is van dreigende insolventie kan de schuldenaar aan de kamer van ondernemingen in moeilijkheden vragen dat schuldeisers waarvan hij de identiteit, woonplaats, in voorkomend geval, ondernemingsnummer, maatschappelijke benaming, zetel en indien voorhanden, de hoedanigheid van de schuldvordering, kent, opgeroepen worden, om een schikking met die schuldeisers af te sluiten en te laten vaststellen door de kamer voor ondernemingen in moeilijkheden.

Het verzoek kan bij brief of mondeling worden gedaan wanneer de schuldenaar voor de kamer voor ondernemingen in moeilijkheden of diens verslaggever verschijnt.

De kamer voor ondernemingen in moeilijkheden roept de genoemde schuldeisers op met een gewone brief of elektronische oproeping en hoort met gesloten deuren de schuldenaar en betrokken schuldeisers. De kamer hoort de betrokkenen afzonderlijk of gezamenlijk.

Na het horen van deze personen kan de kamer het onderzoek bedoeld in artikel XX.25, § 1, voortzetten of handelen zoals bepaald in artikel XX.25, § 2.

§ 2.De inning van fiscale schulden of sociaalrechtelijke heffingen kan geheel of gedeeltelijk met instemming van de openbare instelling worden opgeschort in gelijkaardige omstandigheden als degene waarin een private onderneming in dezelfde situatie ook zou kunnen overgaan.

§ 3.Indien een schikking tot stand komt, wordt de inhoud ervan opgetekend in een proces-verbaal waarvan de uitgifte wordt voorzien van het formulier van tenuitvoerlegging.

Art. XX.29/2

§ 1.Op verzoek van de schuldenaar kan de kamer voor ondernemingen in moeilijkheden een herstructureringsdeskundige aanstellen, om het herstel van de onderneming te vergemakkelijken.

De kamer voor ondernemingen in moeilijkheden, bepaalt bij beschikking gewezen in raadkamer de inhoud en de duur van de opdracht van de her-- structureringsdeskundige.

De beslissing over de aanstelling van een herstructureringsdeskundige die de opdracht van de bemiddeling bepaalt evenals diens verslagen zijn vertrouwelijk. Derden kunnen slechts kennis nemen van de verslagen van de herstructureringsdeskundige met instemming van de schuldenaar.

§ 2.Bij een navolgende samenloop van schuldeisers geniet de vordering van de herstructureringsdeskundige in verband met zijn bemiddeling van het voorrecht bedoeld in de artikelen 17 en 19, 1° van de Hypotheekwet van 16 december 1851 of wordt deze vordering behandeld als een buitengewone schuldvordering in het kader van een reorganisatieplan.