Alle wetboeken › WER

Boek XI - Intellectuele eigendom en bedrijfsgeheimen › Titel 5 - Auteursrecht en naburige rechten › HOOFDSTUK 3 - Naburige rechten

Afdeling 5 - Gemeenschappelijke bepalingen betreffende de uitvoerende kunstenaars en de producenten

XI.212–XI.214

Art. XI.212

Wanneer de prestatie van een uitvoerende kunstenaar, die werd vastgelegd op een fonogram, op geoorloofde wijze wordt gereproduceerd of door de omroep uitgezonden, mogen de uitvoerende kunstenaar en de producent van fonogrammen zich, onverminderd het recht van de auteur, niet verzetten:

1°tegen de openbare uitvoering ervan, op voorwaarde dat die prestatie niet voor een voorstelling wordt gebruikt en van het publiek geen toegangsgeld of vergoeding wordt gevraagd om die prestatie te kunnen bijwonen;

2°tegen de uitzending ervan.

Art. XI.213

Het gebruik van prestaties, overeenkomstig artikel XI.212, geeft de uitvoerende kunstenaars en de producenten van fonogrammen recht op een billijke vergoeding, ongeacht de plaats waar die prestaties zijn vastgelegd.

De Koning bepaalt het bedrag van de billijke vergoeding, die verschillend kan zijn naargelang de betrokken sector. Hij kan de nadere regels bepalen volgens dewelke de uitvoering van prestaties moet verricht worden teneinde er een openbaar karakter in de zin van artikel XI.212, 1° aan toe te kennen.

De Koning bepaalt eveneens de nadere regels met betrekking tot de inning en de verdeling van en de controle op de billijke vergoeding, alsmede het tijdstip waarop deze verschuldigd is.

De vergoeding wordt door de personen die de handelingen bepaald in artikel XI.212 verrichten, betaald aan de in hoofdstuk 9 van deze titel bedoelde beheersvennootschappen en/of collectieve beheerorganisaties die in België de in het eerste lid bedoelde billijke vergoeding beheren.

Degenen die de vergoeding verschuldigd zijn, moeten overeenkomstig de eisen van de redelijkheid de inlichtingen meedelen die nuttig zijn voor de inning en de verdeling van de rechten.

De Koning bepaalt op welke wijze die inlichtingen en stukken worden verstrekt.

Art. XI.214

Onverminderd het bepaalde in internationale overeenkomsten wordt de in artikel XI.213 bedoelde vergoeding door de beheersvennootschappen en/of collectieve beheerorganisaties verdeeld onder de uitvoerende kunstenaars en de producenten van fonogrammen, ieder voor de helft. Deze verdeelsleutel is van dwingend recht.

Het deel van de in artikel XI.213 bedoelde vergoeding, waarop de uitvoerende kunstenaars recht hebben, is onoverdraagbaar.

De duur van de in artikel XI.213 bedoelde rechten op vergoeding is telkens gelijk aan die bepaald in de artikelen XI.208, eerste, tweede en derde lid en XI.209, § 1... zesde en zevende lid.