Alle wetboeken › WER

BOEK VII - BETALINGS- EN KREDIETDIENSTEN. › TITEL 6/1 - Waardepapieren. › HOOFDSTUK 5 - De cheque.

Afdeling 1 - Uitgifte en vorm van de cheque

VII.216/101–VII.216/113

Art. VII.216/101

De cheque behelst:

1°De benaming "cheque", opgenomen in de tekst zelf en uitgedrukt in de taal waarin de titel is gesteld;

2°De onvoorwaardelijke opdracht tot betaling van een bepaalde som;

3°De naam van degene die betalen moet (betrokkene);

4°De aanwijzing van de plaats waar de betaling moet geschieden;

5°De vermelding van de dagtekening, alsmede van de plaats waar de cheque is getrokken;

6°De handtekening van degene die de cheque uitgeeft (trekker). De handtekening, waarvan sprake, kan vervangen worden door een notariële akte in brevet, die op de cheque gesteld wordt en waaruit de wil blijkt van degene die zou hebben moeten ondertekenen.

Art. VII.216/102

De titel waarin een der vermeldingen, in het voorgaande artikel aangegeven, ontbreekt, geldt niet als cheque, behoudens in de gevallen bepaald in de leden 2 tot 5.

Bij gebreke van een bijzondere aanwijzing wordt de plaats, aangegeven naast de naam van de betrokkene, geacht te zijn de plaats van betaling.

Indien meer dan een plaats is aangegeven naast de naam van de betrokkene, is de cheque betaalbaar in de eerst-aangegeven plaats.

Bij gebreke van die aanwijzingen of van iedere andere aanwijzing, is de cheque betaalbaar in de plaats waar het hoofdkantoor van de betrokkene is gevestigd.

De cheque welke niet de plaats vermeldt waar hij is getrokken, wordt geacht te zijn ondertekend in de plaats aangegeven naast de naam van de trekker.

Art. VII.216/103

De cheque wordt getrokken op een bankier die gedurende de gehele aanbiedingstermijn fonds onder zich heeft ter beschikking van de trekker, en krachtens een uitdrukkelijke of stilzwijgende overeenkomst, volgens welke de trekker het recht heeft bij cheque over dat fonds te beschikken.

In geval van niet-inachtneming van die voorschriften, met uitzondering van het voorschrift volgens hetwelk op een bankier moet worden getrokken, blijft de titel niettemin als cheque geldig.

Art. VII.216/104

De cheque kan niet worden geaccepteerd. Een vermelding van acceptatie, op de cheque gesteld, wordt voor niet geschreven gehouden.

Het staat de trekker evenwel vrij de cheque door de betrokkene te laten certificeren of viseren.

Het visum heeft geen ander gevolg dan vast te stellen dat op het ogenblik van het visum het fonds aanwezig is.

De certificering heeft tot gevolg dat het fonds, op de verantwoordelijkheid van de betrokkene, tot het einde van de aanbiedingstermijn ten behoeve van de houder geblokkeerd blijft.

Het visum of de certificering worden geweigerd wanneer het fonds ontoereikend is, rekening houdend met de vroeger gegeven visa en certificaties.

Art. VII.216/105

De cheque kan betaalbaar worden gesteld:

1°Aan een met name genoemde persoon, met of zonder uitdrukkelijke clausule "aan order";

2°Aan een met name genoemde persoon, met de clausule "niet aan order", of een daarmee gelijkstaande clausule;

3°Aan toonder.

De cheque, betaalbaar gesteld aan een met name genoemde persoon met de vermelding "of aan toonder", of een daarmee gelijkstaande uitdrukking, geldt als cheque aan toonder.

De cheque zonder vermelding van de nemer geldt als cheque aan toonder.

Art. VII.216/106

De cheque kan aan de order van de trekker zelf luiden.

De cheque kan worden getrokken voor rekening van een derde.

De cheque, met uitzondering van de cheque aan toonder, kan worden getrokken op de trekker zelf.

Art. VII.216/107

Elke in de cheque opgenomen renteclausule wordt als niet geschreven beschouwd.

Art. VII.216/108

De cheque kan betaalbaar zijn aan de woonplaats van een derde, hetzij in de plaats waar de betrokkene zijn woonplaats heeft, hetzij in een andere plaats, mits echter de derde een bankier is.

Art. VII.216/109

De cheque waarvan het bedrag voluit in letters en tevens in cijfers is geschreven, geldt, in geval van verschil, ten belope van de som voluit in letters geschreven.

De cheque waarvan het bedrag meermalen is geschreven, hetzij voluit in letters, hetzij in cijfers, geldt, in geval van verschil, slechts ten belope van de kleinste som.

Art. VII.216/110

Indien de cheque handtekeningen bevat van personen die onbekwaam zijn zich door middel van een cheque te verbinden, valse handtekeningen of handtekeningen van verdichte personen bevat, of handtekeningen welke, onverschillig om welke andere reden, de personen die deze handtekeningen op de cheque hebben geplaatst of in wier naam zulks is geschied, niet kunnen verbinden, zijn de verbintenissen van de andere personen wier handtekening op de cheque voorkomt, niettemin geldig.

Art. VII.216/111

Ieder die zijn handtekening op een cheque plaatst als vertegenwoordiger van een persoon voor wie hij niet de bevoegdheid had te handelen, is zelf krachtens de cheque verbonden, en heeft, indien hij betaalt, dezelfde rechten als de beweerde vertegenwoordigde zou hebben gehad. Hetzelfde geldt ten aanzien van de vertegenwoordiger die zijn bevoegdheid heeft overschreden.

Art. VII.216/112

De trekker staat in voor de betaling.

Elke clausule waarbij hij deze verplichting uitsluit, wordt als niet geschreven beschouwd.

Art. VII.216/113

Indien een cheque, onvolledig ten tijde van de uitgifte, volledig is gemaakt in strijd met de aangegane overeenkomsten, kan de niet-naleving van die overeenkomsten niet worden tegengeworpen aan de houder, tenzij deze de cheque te kwader trouw heeft verkregen of hem grove schuld bij de verkrijging te wijten is.