Alle wetboeken › WER

BOEK VII - BETALINGS- EN KREDIETDIENSTEN. › TITEL 5 - Burgerlijke sancties.

HOOFDSTUK 1 Betalingsdiensten.

VII.189–VII.193

Art. VII.189

Tenzij de betalingsdienstaanbieder bewijst dat de betaler bedrieglijk heeft gehandeld, blijft de betalingsdienstaanbieder aansprakelijk jegens de betaler voor alle gevolgen van het gebruik van een betalingsinstrument door een niet gerechtigde derde in geval van niet-naleving door de betalingsdienstaanbieder van de verplichtingen die hij heeft op grond van de artikelen VII.22, 5°, a) en d), en VII.39, 1° en 3°.

Art. VII.190

Bij niet-naleving door de betalingsdienstaanbieder van de verplichtingen voortvloeiend uit artikel VII.30, § 1, en onverminderd de gemeenrechtelijke sancties, wordt de betalingsdienstgebruiker van rechtswege ontslagen van het betalen van de gevraagde kosten.

Art. VII.191

Bij niet-naleving door de betalingsdienstaanbieder van de verplichtingen voortvloeiend uit de artikelen VII.7, VII.9, VII.11, VII.21, VII.22, 2° tot 6°, VII.23, VII.24, VII.30, VII.31, VII.33, VII.39, VII.43, VII.46, VII.47, § 2, VII.48, VII.49, VII.51, VII.53 tot VII.55/1, en VII.55/3 tot VII.55/5 kan de betalingsdienstgebruiker, onverminderd de gemeenrechtelijke sancties, de raamovereenkomst met een bij aangetekende zending gemotiveerd schrijven zonder kosten of boete onmiddellijk opzeggen vanaf het ogenblik dat hij kennis had of hoorde te hebben van de niet-nageleefde verplichtingen.

Art. VII.192

Bij niet-naleving door de uitgever van elektronisch geld van de verplichtingen voortvloeiend uit artikel VII. 61, en onverminderd de gemeenrechtelijke sancties:

1°wordt de houder van elektronisch geld van rechtswege ontslagen van de eventuele vergoeding die samenhangt met de terugbetaling;

2°kan de houder van elektronisch geld, de overeenkomst elektronisch geld, en in voorkomend geval de raamovereenkomst inzake betalingsdiensten, met een bij aangetekende zending gemotiveerd schrijven zonder kosten of boete onmiddellijk opzeggen vanaf het ogenblik dat hij kennis had of hoorde te hebben van de niet-nageleefde verplichtingen.

Art. VII.193

Wanneer de betalingsdienstaanbieder de informatievereisten bedoeld in artikel 5 (2) en (3). van de Verordening (EU) nr. 260/2012, die nodig zijn voor de correcte uitvoering van een betalingstransactie, niet naleeft of, desgevallend, niet waarborgt dat deze worden nageleefd, kan de betalingsdienstgebruiker, onverminderd de gemeenrechtelijke sancties, de toepassing vragen van vergoedende maatregelen voor de schade te wijten aan de niet naleving van de verplichtingen.

De betalingsdienstaanbieder is aansprakelijk jegens de betaler voor de gevolgen van de uitvoering van een betalingstransactie die in strijd is met de door de betaler gegegeven opdracht overeenkomstig artikel 5 (3) d), van de Verordening (EU) nr. 260/2012. Hij dient de gedebiteerde betaalrekening onverwijld te herstellen zoals die zou zijn geweest mocht de voormelde opdracht wel zijn nageleefd. De betaler heeft ook recht op aanvullende vergoedingen voor eventueel verdere financiële gevolgen.

Wanneer de begunstigde die geen consument is, de informatievereisten bedoeld in artikel 5 (4) van Verordening (EU) nr. 260/2012, die nodig zijn voor de correcte uitvoering van een betalingstransactie, niet naleeft of, desgevallend, niet waarborgt dat deze worden nageleefd, kan de betalingsdienstgebruiker, onverminderd de gemeenrechtelijke sancties, de toepassing vragen van vergoedende maatregelen voor de schade te wijten aan de niet naleving van de verplichtingen.