Alle wetboeken › WER

BOEK VII - BETALINGS- EN KREDIETDIENSTEN. › TITEL 4 Kredietovereenkomsten. › HOOFDSTUK 4 - Toegang tot de activiteit van de kredietgevers en de kredietbemiddelaars.

Afdeling 2 - Kredietgevers naar Belgisch recht.

VII.160–VII.173

Art. VII.160

§ 1.Elke vergunningsaanvraag wordt aan de FSMA gericht overeenkomstig de door de Koning vastgestelde vormen en voorwaarden.

§ 2.Er kan een vergunning worden aangevraagd:

1°hetzij als kredietgever inzake hypothecair krediet;

2°hetzij als kredietgever inzake consumentenkrediet.

De aanvrager verduidelijkt in zijn aanvraag welk soort vergunning hij wenst te verkrijgen.

Beide vergunningen kunnen door dezelfde rechtspersoon worden gecumuleerd.

§ 3.Wanneer de aanvraag een vergunning als kredietgever inzake consumentenkrediet betreft, verduidelijkt de aanvrager:

1°of hij voornemens is verkopen of leningen op afbetaling of financieringshuurovereenkomsten aan te bieden, alsook of hij voornemens is als onmiddellijke overnemer of in de plaats gestelde schuldeiser voor deze kredietovereenkomsten op te treden;

2°of hij voornemens is om eveneens kredietopeningen of kredietovereenkomsten aan te bieden waarvoor door of krachtens dit boek in geen enkele bijzondere regel is voorzien, alsook of hij voornemens is als onmiddellijk overnemer of in de plaats gestelde schuldeiser voor deze kredietovereenkomsten op te treden.

§ 4.Bij de vergunningsaanvraag wordt een dossier gevoegd dat beantwoordt aan de door de FSMA gestelde voorwaarden en waarin met name de aard en de omvang van de voorgenomen verrichtingen, alsook de organisatiestructuur van de instelling en haar nauwe banden met andere personen worden vermeld. De aanvrager verstrekt de FSMA alle voor de beoordeling van zijn aanvraag vereiste inlichtingen.

Elke wijziging van de in het vergunningsdossier vermelde gegevens wordt onverwijld aan de FSMA meegedeeld, onverminderd het recht van de FSMA om bij de betrokkene informatie in te winnen of bewijskrachtige documenten op te vragen.

Het vergunningsdossier bevat ook het bewijs dat de modelkredietovereenkomsten, met inbegrip van de aflossingstabellen, die de kredietgever voornemens is te gebruiken, door de FOD Economie voorafgaandelijk zijn goedgekeurd.

De FOD Economie doet uitspraak over de voorgelegde modelkredietovereenkomsten binnen een termijn van vier maanden na de dag waarop alle documenten en gegevens zijn ontvangen, en uiterlijk binnen zes maanden na de ontvangst van de goedkeuringsaanvraag.

Voor de kredietgevers bedoeld in artikel 54, §§ 4 en 5, van de wet van 19 april 2014 houdende invoeging van boek VII "Betalings- en kredietdiensten" in het Wetboek van economisch recht, houdende invoeging van de definities eigen aan boek VII en van de straffen voor de inbreuken op boek VII, in de boeken I en XV van het Wetboek van economisch recht en houdende diverse andere bepalingen, volstaat het bewijs dat de modelkredietovereenkomsten, met inbegrip van de aflossingstabellen, ter goedkeuring werden voorgelegd aan de FOD Economie, onverminderd de toepassing van paragraaf 5, tweede lid.

§ 5.De FOD Economie onderzoekt of de modelcontracten beantwoorden aan alle bepalingen van dit boek en van boek VI en hun uitvoeringsbesluiten. De modellen worden voorafgaandelijk ingevuld teneinde onder meer het nazicht van de berekening van het jaarlijkse kostenpercentage mogelijk te maken.

Wanneer de FOD Economie aan de FSMA bij gemotiveerde kennisgeving meedeelt, na betrokkene te hebben gehoord, dat de modelcontracten van een kredietgever bedoeld in paragraaf 4, vijfde lid, werden afgekeurd, is artikel XV.67/1, § 5, overeenkomstig van toepassing.

Elke wijziging van de modelcontracten wordt ter voorafgaandelijke goedkeuring voorgelegd aan de FOD Economie. De FOD Economie spreekt zich over de voorgelegde wijzigingen uit binnen een termijn van vier maanden na de dag van ontvangst van alle documenten en gegevens, en uiterlijk binnen zes maanden na de ontvangst van de goedkeuringsaanvraag.

§ 6.De FSMA verleent een vergunning aan de kredietgevers die voldoen aan de in deze onderafdeling vastgestelde voorwaarden. Binnen zestig dagen na ontvangst van de aanvraag en van alle vereiste documenten doet zij uitspraak.

De beslissingen over de vergunning worden bij een aangetekende zending meegedeeld aan de aanvrager.

De FSMA kan haar beslissing tot vergunning of tot weigering van een vergunning, alsook haar beslissing tot ingebrekestelling, tot verbod, tot schorsing en tot intrekking van de vergunning rechtsgeldig ter kennis brengen van de aanvrager aan de hand van voorgedrukte formulieren voorzien van een door middel van een mecanografisch procedé gereproduceerde handtekening.

Art. VII.161

De kredietgevers moeten worden opgericht in een van de volgende vennootschapsvormen: coöperatieve vennootschap, naamloze vennootschap, Europese vennootschap of Europese coöperatieve vennootschap, of als rechtspersoon voor de Europese economische samenwerkingsverbanden die geen vennootschap zijn, met inachtneming van de specifieke vereisten die neergelegd zijn in deze wet, het Wetboek van vennootschappen en verenigingen of in de Europese regelgeving.

Art. VII.162

Om een vergunning te kunnen verkrijgen, is een minimumkapitaal vereist dat aan de hand van de volgende regels wordt vastgesteld:

1°minimaal 250.000 euro per categorie van kredietovereenkomst voor de kredietgevers die verkopen of leningen op afbetaling of financieringshuurovereenkomsten aanbieden, alsook voor de kredietgevers die als onmiddellijk overnemer of in de plaats gestelde schuldeiser voor deze kredietovereenkomsten optreden;

2°minimaal 2.500.000 euro als de kredietgever kredietopeningen of consumentenkredietovereenkomsten aanbiedt waarvoor door of krachtens de wet in geen enkele specifieke regel is voorzien, alsook voor de kredietgevers die als onmiddellijk overnemer of in de plaats gestelde schuldeiser voor deze kredietovereenkomsten optreden;

3°minimaal 2.500.000 euro voor de kredietgevers die hypothecaire kredietovereenkomsten aanbieden, alsook voor de kredietgevers die als onmiddellijke overnemer of in de plaats gestelde schuldeiser voor dergelijke kredietovereenkomsten optreden.

Het kapitaal is volgestort ten belope van het in het eerste lid bepaalde minimumbedrag.

Indien de vennootschap reeds bestond voor de aanvraag, worden de uitgiftepremies, de reserves en het overgedragen resultaat met kapitaal gelijkgesteld. Op zich moet het kapitaal echter minimaal 175.000 euro in het geval bedoeld in het eerste lid, 1°, en minimaal 2.000.000 euro in het geval bedoeld in het eerste lid, 2° en 3°, bedragen en voor die bedragen zijn volgestort.

Art. VII.163

§ 1.De FSMA verleent pas een vergunning nadat zij in kennis is gesteld van de identiteit van de natuurlijke of rechtspersonen die, alleen of in onderling overleg, rechtstreeks of onrechtstreeks, een al dan niet stemrechtverlenende deelneming van ten minste 20 % in het kapitaal van de kredietgever bezitten, ten minste 20 % van de stemrechten bezitten of de kredietgever controleren. De kennisgeving vermeldt welke kapitaalfracties en hoeveel stemrechten deze personen bezitten.

De vergunning wordt geweigerd wanneer de FSMA, gelet op de noodzaak om een gezond en voorzichtig beleid van de kredietgever te waarborgen, niet overtuigd is van de geschiktheid van de in het eerste lid bedoelde natuurlijke of rechtspersonen.

§ 2.Wanneer de vergunning wordt aangevraagd door een kredietgever die hetzij de dochteronderneming is van een kredietinstelling, een verzekeringsonderneming, een herverzekeringsonderneming, een beursvennootschap of een betalingsinstelling, met vergunning in België, hetzij de dochteronderneming van de moederonderneming is van een kredietinstelling, een verzekeringsonderneming, een herverzekeringsonderneming, een beursvennootschap of een betalingsinstelling, met vergunning in België, hetzij onder de controle staat van dezelfde natuurlijke of rechtspersonen als een kredietinstelling, een verzekeringsonderneming, een herverzekeringsonderneming, een beursvennootschap of een betalingsinstelling, met vergunning in België, raadpleegt de FSMA, vooraleer een beslissing te nemen, de Bank.

Wanneer de vergunning wordt aangevraagd door een kredietgever die hetzij de dochteronderneming is van een kredietinstelling, een verzekeringsonderneming, een herverzekeringsonderneming, een beleggingsonderneming, een beheervennootschap van instellingen voor collectieve belegging of een betalingsinstelling, met vergunning in een andere lidstaat, hetzij de dochteronderneming van de moederonderneming is van een kredietinstelling, een verzekeringsonderneming, een herverzekeringsonderneming, een beleggingsonderneming, een beheervennootschap van instellingen voor collectieve belegging of een betalingsinstelling, met vergunning in een andere lidstaat, hetzij onder de controle staat van dezelfde natuurlijke of rechtspersonen als een kredietinstelling, een verzekeringsonderneming, een herverzekeringsonderneming, een beleggingsonderneming, een beheervennootschap van instellingen voor collectieve belegging of een betalingsinstelling, met vergunning in een andere lidstaat, raadpleegt de FSMA, vooraleer een beslissing te nemen, de nationale toezichthoudende autoriteiten die in deze andere lidstaten bevoegd zijn voor het toezicht op de kredietinstellingen, de verzekeringsondernemingen, de herverzekeringsondernemingen, de beleggingsondernemingen, de beheervennootschappen van instellingen voor collectieve belegging of de betalingsinstellingen, waaraan zij krachtens hun recht een vergunning hebben verleend.

Art. VII.164

§ 1.De leden van het bestuursorgaan van de kredietgevers en de personen belast met de effectieve leiding, in voorkomend geval, de leden van het directiecomité, zijn uitsluitend natuurlijke personen.

De in het eerste lid bedoelde personen moeten permanent over de voor de uitoefening van hun functie vereiste professionele betrouwbaarheid en passende deskundigheid beschikken, met name rekening houdend met het verstrekken van kredietovereenkomsten als bedoeld in artikel VII. 160, § 3.

§ 2.De effectieve leiding van de kredietgevers moet aan ten minste twee natuurlijke personen worden toevertrouwd.

§ 3.De leden van het bestuursorgaan van de kredietgevers en de personen belast met de effectieve leiding, in voorkomend geval, de leden van het directiecomité, mogen zich niet in één van de in artikel 20 van de wet van 25 april 2014 bedoelde gevallen bevinden.

Wanneer de FSMA zich dient uit te spreken over de professionele betrouwbaarheid en de passende deskundigheid van een persoon die voor het eerst voor een in deze paragraaf bedoelde functie wordt voorgedragen bij een financiële onderneming die, overeenkomstig artikel 45, § 1, 2°, van de wet van 2 augustus 2002, onder het toezicht staat van de FSMA, raadpleegt de FSMA eerst de Bank. De Bank deelt haar advies aan de FSMA mee binnen een termijn van een week na ontvangst van het verzoek om advies.

Art. VII.165

§ 1.De kredietgevers beschikken over een organisatie, waaronder toezichtsmaatregelen, die hen in staat stelt te allen tijde de wettelijke en reglementaire verplichtingen na te komen die voor hen gelden krachtens dit boek en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen.

Zij voeren met name een organisatie in die hen in staat stelt na te gaan of hun verbonden agenten, alsook de werknemers en de subagenten van die verbonden agenten de wettelijke en reglementaire verplichtingen nakomen die krachtens dit Boek en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen voor hen gelden, inzonderheid de geldende bepalingen inzake beroepskennis.

Die organisatie berust onder meer op:

1°een passende beleidsstructuur die op het hoogste niveau gebaseerd is op een duidelijk onderscheid tussen de effectieve leiding van de onderneming, enerzijds, en het toezicht op die leiding, anderzijds, en die binnen de onderneming voorziet in een passende functiescheiding en in een duidelijk omschreven, transparante en coherente regeling voor de toewijzing van verantwoordelijkheden;

2°een passende administratieve en boekhoudkundige organisatie en interne controle;

3°doeltreffende procedures voor de identificatie, de meting, het beheer en de opvolging van en de interne verslaggeving over de belangrijke risico's die de onderneming mogelijk loopt, inclusief de voorkoming van belangenconflicten.

De in het derde lid bedoelde organisatieregeling is passend voor de aard, schaal en complexiteit van de risico's die inherent zijn aan het bedrijfsmodel en aan de werkzaamheden van de kredietgever.

Zij voeren een boekhouding op grond waarvan de door de reglementeringen inzake statistiek vereiste inlichtingen kunnen worden verstrekt.

De kredietgevers inzake hypothecair krediet registreren op passende wijze welke soorten onroerende goederen als zekerheid worden aanvaard en welk acceptatiebeleid inzake aanvragen tot hypothecaire kredietverstrekking wordt gehanteerd.

§ 2.Het hoofdbestuur en de statutaire zetel van de kredietgevers moeten in België zijn gevestigd.

Art. VII.166

§ 1.Onder voorbehoud van de hierna volgende bepalingen, worden de bedrijfsuitoefeningsvoorwaarden permanent vervuld tijdens de uitoefening van het bedrijf.

§ 2.De kredietgevers mogen geen beroep doen op een kredietbemiddelaar die niet overeenkomstig de bepalingen van dit hoofdstuk is ingeschreven.

Als zij toch een beroep doen op een niet-ingeschreven kredietbemiddelaar, zijn zij burgerrechtelijk aansprakelijk voor de handelingen die deze kredietbemiddelaar in het kader van zijn kredietbemiddelingsbedrijf verricht.

§ 3.Als de kredietgevers kennis hebben van elementen die twijfel kunnen doen rijzen over de naleving van de in dit hoofdstuk vermelde inschrijvingsvoorwaarden door een kredietbemiddelaar op wie zij een beroep doen of gedaan hebben, delen zij die elementen onverwijld mee aan de FSMA.

Zij stellen de FSMA ook in kennis van het feit dat iemand zich als kredietbemiddelaar voordoet zonder in het in dit boek vermelde register te zijn ingeschreven.

§ 4.De kredietgevers treden toe tot een buitengerechtelijke regeling van consumentengeschillen, zoals bedoeld in artikel VII.216, dragen bij tot de financiering van die geschillenregeling en gaan in op elk verzoek om informatie dat zij in het raam van die geschillenregeling ontvangen.

§ 5.De kredietgevers moeten, in voorkomend geval, de bepalingen van artikel XV.18/1 naleven.

Art. VII.167

Het eigen vermogen van de kredietgevers mag niet dalen onder het bedrag van het overeenkomstig artikel VII.162 vastgestelde minimumkapitaal.

In coöperatieve vennootschappen mogen geen aandelen worden terugbetaald als dit voor de kredietgever tot gevolg zou hebben dat hij de bepalingen van het vorige lid niet meer zou naleven.

Art. VII.168

§ 1.Onverminderd de toepassing van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in emittenten waarvan aandelen zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt en houdende diverse bepalingen, geeft iedere alleen of in onderling overleg handelende natuurlijke of rechtspersoon die besloten heeft om, rechtstreeks of onrechtstreeks, een deelneming in het kapitaal van een kredietgever of een deel van de stemrechten te verwerven of te vergroten, waardoor het percentage van de gehouden stemrechten of aandelen in het kapitaal de drempel van 20 %, 30 % of 50 % bereikt of overschrijdt, dan wel de kredietgever zijn dochteronderneming wordt, daarvan vooraf schriftelijk kennis aan de FSMA.

De FSMA mag aan die persoon alle inlichtingen vragen die nuttig zijn om te kunnen beoordelen of hij, gelet op de noodzaak om een gezond en voorzichtig beleid van de kredietgever te waarborgen, over de nodige kwaliteiten beschikt.

In voorkomend geval, verricht de FSMA de in artikel VII. 163, § 2, vermelde raadplegingen.

§ 2.Binnen twee maanden na ontvangst van een volledig dossier kan de FSMA zich tegen de voorgenomen verwerving verzetten, indien zij om gegronde redenen niet overtuigd is van de geschiktheid van de kandidaat-verwerver gelet op de noodzaak om een gezond en voorzichtig beleid van de kredietgever te waarborgen.

§ 3.Indien de FSMA grond heeft om aan te nemen dat de invloed van een natuurlijke of rechtspersoon die, rechtstreeks of onrechtstreeks, een deelneming van minstens 20 % in het kapitaal van een kredietgever bezit, ten minste 20 % van de stemrechten bezit of de kredietgever rechtstreeks of onrechtstreeks controleert, een gezond en voorzichtig beleid van deze kredietgever kan belemmeren, kan zij, onverminderd de andere bij dit hoofdstuk bepaalde maatregelen:

1°de uitoefening schorsen van de stemrechten die verbonden zijn aan de aandelen in het bezit van de betrokken aandeelhouder of vennoot; zij kan, op verzoek van elke belanghebbende, toestaan dat de door haar bevolen maatregelen worden opgeheven; haar beslissing wordt op de meest geschikte wijze ter kennis gebracht van de betrokken aandeelhouder of vennoot; haar beslissing is uitvoerbaar zodra zij ter kennis is gebracht; de FSMA kan haar beslissing openbaar maken;

2°de betrokken aandeelhouder of vennoot aanmanen om, binnen de termijn die zij bepaalt, de aandeelhoudersrechten in zijn bezit over te dragen.

Als zij niet binnen de vastgestelde termijn worden overgedragen, kan de FSMA bevelen de aandeelhoudersrechten te sekwestreren bij de instelling of de persoon die zij bepaalt. Het sekwester brengt dit ter kennis van de kredietgever die het register van de aandelen op naam dienovereenkomstig wijzigt en de uitoefening van de hieraan verbonden rechten enkel aanvaardt vanwege het sekwester. Het sekwester handelt in het belang van een gezond en voorzichtig beleid van de kredietgever en in het belang van de houder van de gesekwestreerde aandeelhoudersrechten. Het oefent alle rechten uit die aan de aandelen zijn verbonden. De bedragen die het sekwester als dividend of anderszins int, worden slechts aan de voornoemde houder overgemaakt indien hij gevolg heeft gegeven aan de in het eerste lid, 2°, bedoelde aanmaning. Om in te schrijven op kapitaalverhogingen of andere al dan niet stemrechtverlenende effecten, om te kiezen voor dividenduitkering in aandelen van de vennootschap, om in te gaan op openbare overname- of ruilaanbiedingen en om nog niet volgestorte aandelen vol te storten, is de instemming van de voornoemde houder vereist. De in het kader van dergelijke verrichtingen verworven aandeelhoudersrechten worden van rechtswege toegevoegd aan het voornoemde sekwester. De vergoeding van het sekwester wordt vastgesteld door de FSMA en betaald door de voornoemde houder. Het sekwester kan deze vergoeding aftrekken van de bedragen die hem worden gestort in zijn hoedanigheid van sekwester dan wel door de voornoemde houder in het vooruitzicht of na uitvoering van de hierboven bedoelde verrichtingen.

Indien, na afloop van de overeenkomstig het eerste lid, 2°, eerste zin, vastgestelde termijn, stemrechten werden uitgeoefend door de oorspronkelijke houder of door een andere persoon, buiten het sekwester, die optreedt voor rekening van deze houder, niettegenstaande een schorsing van hun uitoefening overeenkomstig het eerste lid, 1°, kan de ondernemingsrechtbank van het rechtsgebied waar de vennootschap haar zetel heeft, op verzoek van de FSMA, alle of een deel van de beslissingen van de algemene vergadering nietig verklaren wanneer het voor de genoemde beslissingen vereiste aanwezigheids- of meerderheidsquorum, buiten de onwettig uitgeoefende stemrechten, niet zou zijn bereikt.

§ 4.De kennisgevingsverplichtingen als bedoeld in paragraaf 1 gelden ook bij overschrijding of onderschrijding van drempels als bedoeld in die paragraaf ingevolge het bestaan van dubbele of meervoudige stemrechten, of door de verwerving van eigen aandelen door de kredietgever, of door enige andere situatie die leidt tot een wijziging van de omvang van een deelneming die niet het gevolg is van een verwerving of vervreemding.

Bij een wijziging van de drempel als bedoeld in paragraaf 1 ingevolge de toepassing van het eerste lid, wordt de beoordeling als bedoeld in paragraaf 2 uitgevoerd, met dien verstande dat de in die bepalingen bedoelde verwerving dan tot doel heeft de omvang van de deelneming te wijzigen.

Art. VII.169

De kredietgevers brengen de FSMA voorafgaandelijk op de hoogte van de voordracht tot benoeming van de leden van het bestuursorgaan en de leden van het directiecomité of, wanneer er geen directiecomité is, van de personen belast met de effectieve leiding.

In het kader van de krachtens het eerste lid vereiste informatieverstrekking, delen de kredietgevers de FSMA de informatie en documenten mee die haar toelaten te beoordelen of de personen van wie de benoeming wordt voorgesteld, over de voor de uitoefening van hun functie vereiste professionele betrouwbaarheid en passende deskundigheid beschikken overeenkomstig artikel VII. 164, § 1, tweede lid.

Het eerste lid is ook van toepassing op de voordracht tot hernieuwing van de benoeming van de aldaar bedoelde personen, en op de niet-hernieuwing van hun benoeming en op hun ontslag.

Voor de benoeming van de in het eerste lid bedoelde personen is de voorafgaande goedkeuring van de FSMA vereist.

Wanneer het de voordracht tot benoeming betreft van een persoon die voor het eerst wordt voorgedragen voor een in het eerste lid bedoelde functie bij een financiële onderneming die, met toepassing van artikel 45, § 1, 2°, van de wet van 2 augustus 2002, onder het toezicht staat van de FSMA, raadpleegt de FSMA eerst de Bank. De Bank deelt haar advies aan de FSMA mee binnen een termijn van een week na ontvangst van het verzoek om advies.

De kredietgevers informeren de FSMA over de eventuele taakverdeling tussen de leden van het bestuursorgaan en de personen belast met de effectieve leiding, en over de belangrijke wijzigingen in deze taakverdeling.

Belangrijke wijzigingen in de taakverdeling als bedoeld in het vorige lid, geven aanleiding tot de toepassing van leden 1 tot 4.

Onverminderd artikel VII. 160, § 4, tweede lid brengen de kredietgevers en de in het eerste lid bedoelde personen de FSMA onverwijld op de hoogte van elk feit of element dat een wijziging in de bij de benoeming verstrekte informatie inhoudt, en dat een invloed kan hebben op de voor de uitoefening van de betrokken functie vereiste professionele betrouwbaarheid of passende deskundigheid.

Overeenkomstig de artikelen VII. 164, § 1, tweede lid, VII. 166, § 1 en XV. 18/1, kan de FSMA, wanneer zij in het kader van de uitvoering van haar toezichtsopdracht op de hoogte is van een dergelijk feit of element, dat al dan niet met toepassing van het achtste lid is verkregen, de naleving van de in artikel VII. 164, § 1, tweede lid bedoelde vereisten herbeoordelen.

Art. VII.170

Voor de opening, door de kredietgever, van bijkantoren en dochterondernemingen in het buitenland die een activiteit van kredietgever uitoefenen, is de voorafgaande toestemming van de FSMA vereist.

De FSMA kan zich enkel tegen de uitvoering van het project verzetten als zij van oordeel is dat het project nadelige gevolgen zal hebben voor de organisatie van of het toezicht op de kredietgever.

Art. VII.171

Elke kredietgever moet de FSMA een vergoeding betalen voor de dekking van de werkingskosten. Het bedrag van die vergoeding, de gevallen waarin zij verschuldigd is, en de termijnen waarbinnen zij moet worden betaald, worden door de Koning bepaald met toepassing van artikel 56 van de wet van 2 augustus 2002.

Art. VII.172

De FSMA publiceert op haar website een regelmatig geactualiseerde lijst van de kredietgevers, alsook de historiek van de wijzigingen die tijdens de laatste twaalf maanden in die lijst zijn aangebracht. Die lijst is onderverdeeld als volgt:

Lijst van de kredietgevers inzake hypothecair krediet

1°Kredietgevers inzake hypothecair krediet naar Belgisch recht met een vergunning:

a. Kredietinstellingen;

b. Verzekeringsondernemingen;

c. Instellingen voor elektronisch geld;

d. Betalingsinstellingen;

e. "Sociale" kredietgevers (artikel VII.3, § 4, 2°);

f. Kredietgevers die geen kredieten meer toestaan maar enkel bestaande kredieten beheren en afwikkelen (artikel VII.159, § 2/1);

g. Overnemers van schuldvorderingen uit een hypothecair krediet met een onroerende bestemming (artikel VII.159, § 3, tweede lid);

h. Andere kredietgevers.

2°Kredietgevers inzake hypothecair krediet naar buitenlands recht met een vergunning:

a. Kredietinstellingen die ressorteren onder het recht van Staten die geen lid zijn van de Europese Economische Ruimte;

b. Verzekeringsgondernemingen;

c. Instellingen voor elektronisch geld die ressorteren onder het recht van andere lidstaten van de Europese Economische Ruimte;

d. Betalingsinstellingen die ressorteren onder het recht van andere lidstaten van de Europese Economische Ruimte;

e. Instellingen voor elektronisch geld die ressorteren onder het recht van Staten die geen lid zijn van de Europese Economische Ruimte en waaraan als dusdanig een vergunning is verleend in België;

f. Kredietgevers die geen kredieten meer toestaan maar enkel bestaande kredieten beheren en afwikkelen (artikel VII.159, § 2/1);

g. Overnemers van schuldvorderingen uit een hypothecair krediet met een onroerende bestemming (artikel VII.159, § 3, tweede lid);

h. Andere kredietgevers inzake hypothecair krediet naar buitenlands recht.

3°Geregistreerde kredietgevers inzake hypothecair krediet naar buitenlands recht:

a. Kredietinstellingen die ressorteren onder het recht van andere lidstaten van de Europese Economische Ruimte;

b. Financiële instellingen die ressorteren onder het recht van andere lidstaten van de Europese Economische Ruimte en die dochterondernemingen zijn van kredietinstellingen die ressorteren onder het recht van andere lidstaten van de Europese Economische Ruimte artikel 332 van de wet van 25 april 2014.

Lijst van de kredietgevers inzake consumentenkrediet

1°Kredietgevers inzake consumentenkrediet naar Belgisch recht met een vergunning:

a. Kredietinstellingen;

b. Beleggingsondernemingen;

c. Instellingen voor elektronisch geld;

d. Betalingsinstellingen;

e. "Sociale" kredietgevers (artikel VII.3, § 4, 2°);

f. Kredietgevers die geen kredieten meer toestaan maar enkel bestaande kredieten beheren en afwikkelen (artikel VII.159, § 2/1);

g. Andere kredietgevers.

2°Kredietgevers inzake consumentenkrediet naar buitenlands recht met een vergunning (artikel VII.176):

a. Kredietinstellingen die ressorteren onder het recht van Staten die geen lid zijn van de Europese Economische Ruimte;

b. Kredietgevers die geen kredieten meer toestaan maar enkel bestaande kredieten beheren en afwikkelen (artikel VII.159, § 2/1);

c. Andere kredietgevers inzake consumentenkrediet naar buitenlands recht.

3°Geregistreerde kredietgevers inzake consumentenkrediet naar buitenlands recht (artikel VII.174):

a. Kredietinstellingen die ressorteren onder het recht van andere lidstaten van de Europese Economische Ruimte;

b. Financiële instellingen die ressorteren onder het recht van andere lidstaten van de Europese Economische Ruimte en een dochteronderneming zijn van kredietinstellingen die ressorteren onder het recht van andere lidstaten van de Europese Economische Ruimte (artikel 332 van de wet van 25 april 2014);

c. Beleggingsondernemingen die ressorteren onder het recht van andere lidstaten van de Europese Economische Ruimte;

d. Instellingen voor elektronisch geld die ressorteren onder het recht van andere lidstaten van de Europese Economische Ruimte;

e. Betalingsinstellingen die ressorteren onder het recht van andere lidstaten van de Europese Economische Ruimte.

De door de FSMA bekendgemaakte lijst vermeldt:

-desgevallend de groep waartoe de kredietgever behoort;

-voor elke kredietgever inzake consumentenkrediet, met verwijzing naar artikel VII.160, § 3, het soort verstrekte kredieten;

-alle andere informatie die de FSMA nuttig acht voor een correcte informatieverstrekking aan het publiek.

Art. VII.173

De artikelen VII. 161 tot VII. 164, en VII. 167 tot VII. 169 zijn niet van toepassing op de kredietgevers die hetzij als kredietinstellingen op de in artikel 14 van de wet van 25 april 2014, hetzij als beleggingsonderneming op de in artikel 7 van de wet van 25 oktober 2016 bedoelde lijst bedoelde lijst, hetzij als verzekeringsondernemingen op de lijst als bedoeld in artikel 31 van de wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op de verzekerings- of herverzekeringsondernemingen, hetzij als instellingen voor elektronisch geld op de in artikel 64 van de wet van 21 december 2009 bedoelde lijst, hetzij als betalingsinstellingen op de in artikel 9 van deze wet bedoelde lijst zijn ingeschreven.