Boek II De gemeenrechtelijke misdrijven en hun straffen › Titel 8 Misdrijven tegen de Staat en zijn functioneren › Hoofdstuk 2 Misdrijven tegen de landsverdediging en de essentiële belangen van België
Afdeling 8 Verberging van vijanden of plegers van misdrijven tegen de landsverdediging
601–606
Art. 601
Verbergen van daders van misdrijven tegen de landsverdediging
Het verbergen van daders van misdrijven tegen de landsverdediging is het opzettelijk verbergen van een persoon die vervolgd wordt of veroordeeld is wegens een van de misdrijven uit dit hoofdstuk of de artikelen 17 of 18 van het Militair Strafwetboek of het helpen van deze personen zich aan het gerecht te onttrekken.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 2.
Deze bepaling laat de toepassing van artikel 19 onverlet.
Deze bepaling is niet van toepassing op bloed- of aanverwanten in opgaande of neerdalende rechte lijn, echtgenoten of bloed- of aanverwanten in de zijlijn tot de tweede graad van de daders van de bedoelde misdrijven.
Art. 602
Verbergen van vijandelijke spionnen of verkenners
Het verbergen van vijandelijke spionnen of verkenners is het opzettelijk verbergen van een vijandelijke spion of een vijandelijke verkenner die zich, in uniform, binnen de linies van het Belgische leger beweegt om inlichtingen te verzamelen voor zijn eigen leger.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 6.
Art. 603
Verbergen van vijandelijke agenten of soldaten
Het verbergen van vijandelijke agenten of soldaten is het opzettelijk verbergen van vijandelijke agenten of soldaten of het helpen van deze personen om zich aan de overheid te onttrekken.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 5.
Art. 604
Verbergen van vijandelijke agenten of soldaten bij staat van beleg
Indien het verbergen van vijandelijke agenten of soldaten wordt gepleegd bij staat van beleg, wordt dit misdrijf bestraft met een straf van niveau 6.
Art. 605
Verbergen van onderdanen van de vijand
Het verbergen van onderdanen van de vijand is het opzettelijk verbergen van een onderdaan van de vijand of zijn bondgenoten of het helpen van deze personen zich aan de overheid te onttrekken, indien zij direct deelnemen of hebben deelgenomen aan de vijandelijkheden, mankracht of goederen aan de vijand verschaffen of hebben verschaft, of anderszins een risico uitmaken voor de nationale veiligheid.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 3.
Art. 606
Verbergen van onderdanen van de vijand bij staat van beleg
Indien het verbergen van onderdanen van de vijand wordt gepleegd bij staat van beleg, wordt dit misdrijf bestraft met een straf van niveau 4.