Organisatie van ontucht of prostitutie van een minderjarige in vereniging
Indien een in het tweede lid bepaald misdrijf wordt gepleegd als daad van deelneming aan de hoofdbedrijvigheid of bijkomende bedrijvigheid van een vereniging, ongeacht of de schuldige de hoedanigheid van leidend persoon heeft in deze vereniging of niet, wordt dit misdrijf bestraft met opsluiting van twintig jaar tot dertig jaar en met geldboete van duizend euro tot honderdduizend euro.
Het eerste lid is van toepassing op:
-het bewegen van een minderjarige tot het plegen van ontucht of prostitutie zoals bedoeld in de artikelen 417/25 en 417/26;
-het werven van een minderjarige voor ontucht of prostitutie zoals bedoeld in de artikelen 417/27 en 417/28;
-het houden van een huis van ontucht of prostitutie waar een minderjarige ontucht of prostitutie pleegt zoals bedoeld in de artikelen 417/29 en 417/30;
-het ter beschikking stellen van een ruimte aan een minderjarige met het oog op ontucht of prostitutie zoals bedoeld in de artikelen 417/31 en 417/32;
-de exploitatie van de ontucht of prostitutie van een minderjarige zoals bedoeld in de artikelen 417/33 en 417/34; en
-het verkrijgen van de ontucht of de prostitutie van een minderjarige zoals bedoeld in de artikelen 417/35 en 417/36.