Alle wetboeken › Ger.W.

DEEL IV Burgerlijke rechtspleging (art. 664–1385octiesdecies) › BOEK IV _ BIJZONDERE RECHTSPLEGINGEN.

HOOFDSTUK II _ Boedelbeschrijving.

1175–1184

Art. 1175

De boedelbeschrijving heeft ten doel de omvang van de nalatenschap, van de gemeenschap of van de onverdeeldheid vast te stellen.

Zij bevat met name de beschrijving en de schatting van de roerende goederen, de ontleding van de titels en papieren, de opgave van de verklaringen door de belanghebbenden gedaan ten laste of ten bate van de boedel.

Art. 1176

Ieder beding, waarbij het opmaken van een boedelbeschrijving wordt verboden, wordt voor niet geschreven gehouden.

Art. 1177

De personen bedoeld in artikel 1167 die doen blijken van een ernstig belang in de bewaring, kunnen bij verzoekschrift aan de vrederechter de machtiging vragen om een boedelbeschrijving te laten opmaken zonder voorafgaande verzegeling. In dit geval wordt de boedelbeschrijving opgemaakt bij notarisakte, onverminderd de toepassing van artikel 1154, zo daartoe grond bestaat.

Die machtiging is evenwel niet vereist wanneer het gaat om goederen van een nalatenschap of van een gemeenschap onder echtgenoten en de boedelbeschrijving gevorderd is van een notaris door een erfgenaam, een algemene legataris of een legataris onder algemene titel, een echtgenoot of een testamentuitvoerder.

Art. 1178

Het recht om de notaris te kiezen behoort aan de personen samen, die de boedelbeschrijving vorderen.

Komen zij niet tot overeenstemming dan wijst de vrederechter de notaris aan.

Indien de rechter bevel of machtiging tot boedelbeschrijving geeft, wijst hij de notaris aan die ze zal opmaken.

Art. 1179

Indien de boedelbeschrijving niet geschiedt ter gelegenheid van een ontzegeling legt de notaris de dag en het uur vast waarop tot de boedelbeschrijving zal worden overgegaan evenals de plaats waar deze zal gehouden worden en roept hij, ten minste acht dagen vooraf, voor de verrichtingen van boedelbeschrijving alle belanghebbende partijen op bij deurwaardersexploot of bij ter post aangetekende brief. Wanneer de betrokkenen (...) buiten het Rijk verblijven, wordt de oproeping gezonden aan de daartoe aangestelde gemachtigde, hetzij, indien er geen is aangesteld, aan de notaris die de vrederechter ambtshalve benoemt.

Art. 1180

De boedelbeschrijving wordt opgemaakt in tegenwoordigheid:

1°(van degenen die als algemene rechthebbenden of als rechthebbende onder algemene titel aanspraak maken op de eigendom of het vruchtgebruik van het gemeenschappelijk vermogen, de nalatenschap of de onverdeeldheid.)

De ontvoogde minderjarige en de persoon ten aanzien van wie de vrederechter een beschermingsmaatregel als bedoeld in artikel 492/1 van het Burgerlijk Wetboek heeft bevolen, worden bijgestaan door hun curator, hun bewindvoerder of hun raadsman.

2°van de notaris aangewezen tot vertegenwoordiger van de belanghebbende die (...) buiten het Rijk wonen, van de personen die de vrederechter weert krachtens artikel 1165;

3°van de voogd aangewezen om de erfstelling over de hand uit te voeren;

4°van de uitvoerder van de uiterste wilsbeschikking.

Art. 1181

In alle gevallen waarin met betrekking tot de voogdij een boedelbeschrijving wordt opgemaakt, geschiedt zulks in aanwezigheid van de toeziende voogd.

In de aanhef van de boedelbeschrijving wordt vermeld wat de voogd heeft geantwoord op de vraag van de notaris of de minderjarige hem iets schuldig is.

Art. 1182

De boedelbeschrijving geschiedt in de plaatsen waar de te beschrijven voorwerpen zich bevinden.

(Tenzij de wet anders bepaalt, is boedelbeschrijving op grond van verklaringen alleen dan geoorloofd wanneer zij niet anders kan worden opgemaakt.)

Art. 1183

Behalve de formaliteiten die gemeen zijn aan alle notariële akten, bevat de boedelbeschrijving ook:

1°de naam, de voornaam... en de woonplaats van de verzoekers, de verschenen en niet verschenen personen, degenen die zich tegen de ontzegeling hebben verzet, de aangewezen notarissen en de particuliere deskundigen;

2°de aanwijzing van de beschikking waarbij een notaris wordt benoemd als vertegenwoordiger van de niet tegenwoordige personen, van de belanghebbenden die (...) buiten het Rijk wonen, van de personen die de vrederechter weert krachtens artikel 1165;

3°de aangifte van de gebeurtenis die de reden is van de boedelbeschrijving, alsmede van de plaats waar deze verricht wordt en van de persoon die de voorwerpen vertoont;

4°de schatting van de roerende goederen. Tenzij de partijen het eens zijn over die schatting, geschiedt deze door de optredende notaris, die zich kan doen bijstaan door een particulier deskundige;

5°de opgave van de gelden, de openbare effecten, de aandelen en obligaties.

De bij loting terugbetaalbare effecten worden aangeduid met hun nummer en hun reeks;

6°de staat van de rekeningen bij derden, overeenkomstig de verklaring van de partijen;

7°de korte beschrijving van de boekhouding, de ontleding van de titels, papieren en stukken betreffende de baten en lasten van het vermogen of van de onverdeelde massa.

De beschreven stukken, titels en papieren worden genummerd en geparafeerd door de notaris, die bovendien de geschriften in de boeken afsluit;

8°de verklaringen door de belanghebbenden gedaan ten laste of ten bate van de boedel, de aan partijen gestelde vragen en de daarop gegeven antwoorden;

9°de aanwijzing van de persoon aan wie de beschreven voorwerpen worden toevertrouwd;

10°de waarschuwing door de notaris dat de wet straffen uitvaardigt tegen hen die zich schuldig maken aan het wegmaken of helen van voorwerpen of aan meineed;

11°de eed van degenen die in het bezit geweest zijn van de voorwerpen of die de plaatsen bewoond hebben, dat zij niets hebben verduisterd, en dat zij van zodanige verduistering geen kennis dragen.

Art. 1184

Indien moeilijkheden rijzen of indien vorderingen worden gedaan met het oog op het beheer van het vermogen of van de onverdeelde massa of uit andere oorzaken en de andere partijen daaraan niet tegemoetkomen, wendt de notaris zich tot de vrederechter, bij eenvoudig schriftelijk verzoek neergelegd bij of gericht aan de griffie. Het verzoek bevat de identiteit van de partijen evenals een uiteenzetting van de moeilijkheden. De griffie geeft kennis van dit verzoek bij gerechtsbrief aan de partijen en roept hen, evenals de notaris, op voor een zitting in raadkamer.

Wanneer er wordt overgegaan tot de boedelbeschrijving krachtens artikel 1214, kan de notaris de moeilijkheden bedoeld in het eerste lid neerleggen ofwel bij de familierechtbank die hem heeft aangesteld overeenkomstig artikel 1216, ofwel bij de vrederechter overeenkomstig het eerste lid. Wanneer een van deze rechtsmachten met een moeilijkheid is gevat, kan diezelfde moeilijkheid niet worden voorgelegd aan de andere rechtsmacht.

Zijn partijen het niet eens omtrent de aanwijzing van de persoon aan wie de beschreven voorwerpen worden toevertrouwd, dan wordt de notaris van rechtswege bewaarder van de titels, gelden, waarden, stukken en papieren.

Voor het overige worden de beschreven voorwerpen, op verzoek van de optredende notaris, toevertrouwd aan de persoon die de rechter aanwijst.