Alle wetboeken › Ger.W.

DEEL II Rechterlijke organisatie (art. 58–555/16) › BOEK II - GERECHTELIJKE AMBTEN. › TITEL III - Wedden, lonen, werkingskosten en voordelen

HOOFDSTUK Ibis - (Wedden van de referendarissen bij het Hof van Cassatie).

365bis–365bis

Art. 365bis

De wedden van de referendarissen bij het Hof van Cassatie worden bepaald als volgt:

-gedurende de stage van drie jaar bedoeld in artikel 259terdecies is de wedde van de referendaris dezelfde als die van een substituut-procureur des Konings overeenkomstig artikel 355;

-gedurende de tien daaropvolgende jaren is de wedde van de referendaris dezelfde als de wedde van een substituut-procureur-generaal en een substituut-generaal bij het hof van beroep overeenkomstig artikel 355;

-na het dertiende jaar is de wedde van de referendaris dezelfde als die van een advocaat-generaal bij het hof van beroep of bij het arbeidshof.

De artikelen 360, 361, 362, 363, 363/1, 365 en 377 van dit Wetboek zijn mede van toepassing op de referendarissen.

Art. 365bis

toekomstig recht

De wedden van de referendarissen bij het Hof van Cassatie worden bepaald als volgt:

-gedurende de stage van drie jaar bedoeld in artikel 259terdecies is de wedde van de referendaris dezelfde als die van een substituut-procureur des Konings overeenkomstig artikel 355;

-gedurende de tien daaropvolgende jaren is de wedde van de referendaris dezelfde als de wedde van een substituut-procureur-generaal en een substituut-generaal bij het hof van beroep overeenkomstig artikel 355;

-na het dertiende jaar is de wedde van de referendaris dezelfde als die van een advocaat-generaal bij het hof van beroep of bij het arbeidshof.

De artikelen 360, 361, 362, 363,... 365 en 377 van dit Wetboek zijn mede van toepassing op de referendarissen.