Alle wetboeken › BW

BOEK 7 Bijzondere contracten › Titel 2 Koop en ruil › Ondertitel 5 Verbintenissen van de verkoper › Hoofdstuk 4 Conforme levering › Afdeling 4 Specifieke vrijwaring voor conformiteit bij bepaalde consumentencontracten

Onderafdeling 2 Conformiteitsbegrip

7.2.42–7.2.49

Art. 7.2.42

toekomstig recht

Conformiteit

§ 1.De onderneming levert een conform consumptiegoed, huisdier of digitaal product overeenkomstig artikel 7.2.30.

§ 2.Het consumptiegoed, huisdier of digitale product beantwoordt aan wat het contract bepaalt wanneer het:

1°beschikt over de overeengekomen kwantitatieve en kwalitatieve kenmerken; en

2°geschikt is voor het overeengekomen gebruik.

§ 3.Tenzij anders overeengekomen, beantwoordt het consumptiegoed, huisdier of digitale product aan wat de consument redelijkerwijze kan verwachten wanneer het:

1°beschikt over de gebruikelijke kwalitatieve en kwantitatieve kenmerken die een consument redelijkerwijze kan verwachten gelet op zijn aard, zijn redelijke levensduur en de publieke verklaringen gemaakt overeenkomstig artikel 7.2.45; en

2°geschikt is voor de doeleinden waarvoor een consumptiegoed, huisdier of digitaal product van hetzelfde type gewoonlijk wordt gebruikt.

De onderneming kan maar afwijken van wat een consument redelijkerwijze op het vlak van conformiteit kan verwachten, als zij bij de contractsluiting uitdrukkelijk aan de consument kennis van die afwijking geeft en de consument die afwijking uitdrukkelijk en afzonderlijk aanvaardt.

Art. 7.2.43

toekomstig recht

Conformiteit van een huisdier

Om te beantwoorden aan wat het contract bepaalt en aan wat de consument redelijkerwijze kan verwachten, moet het huisdier, onverminderd de toepassing van artikel 7.2.42:

1°de kwaliteiten en andere kenmerken bezitten die voor diezelfde soort huisdieren normaal zijn en die de consument redelijkerwijze kan verwachten, gelet op de leeftijd, het geslacht, het ras en de herkomst van het huisdier, waaronder de afwezigheid van infectieziektes en aangeboren afwijkingen en, in voorkomend geval, de aanwezigheid van de door of krachtens de wet vereiste vaccinaties; en

2°geleverd worden met instructies met betrekking tot eventuele verdere vaccinaties, de leefruimte, voeding en verzorging van het huisdier.

Ieder gebrek dat het gevolg is van verkeerde instructies, verstrekt door de onderneming, met betrekking tot verdere vaccinaties, de leefruimte, voeding en verzorging van het huisdier wordt als een conformiteitsgebrek beschouwd.

Art. 7.2.44

toekomstig recht

Conformiteit van een goed met digitale elementen of van een digitaal product

§ 1.Opdat een goed met digitale elementen of een digitaal product zou beantwoorden aan wat het contract bepaalt en aan wat de consument redelijkerwijze kan verwachten, is, onverminderd artikel 7.2.42, vereist dat:

1°het digitale product wordt verstrekt in de meest recente versie die ten tijde van de contractsluiting beschikbaar was, tenzij partijen anders overeenkomen; en

2°updates en daarmee verbonden informatie worden verstrekt overeenkomstig paragraaf 2.

§ 2.De onderneming zorgt ervoor dat de updates die nodig zijn om het goed met digitale elementen of het digitale product conform te houden, aan de consument worden gemeld en geleverd, gedurende de periode:

1°die werd overeengekomen wanneer het contract de continue levering van het digitale product omvat, zonder dat deze periode bij een goed met digitale elementen minder dan twee jaar vanaf de levering bedraagt; of

2°in andere gevallen, die de consument redelijkerwijze kan verwachten.

Wanneer de consument de updates die de onderneming verstrekt, niet binnen een redelijke termijn installeert, is de onderneming niet aansprakelijk voor een conformiteitsgebrek dat het uitsluitend gevolg is van de niet-installatie van de desbetreffende update, mits:

1°de onderneming de consument in kennis heeft gesteld van de beschikbaarheid van de update en de gevolgen als de consument die niet installeert; en

2°het niet of verkeerd installeren door de consument niet te wijten was aan tekortkomingen in de installatie-instructies die aan de consument werden verstrekt.

Art. 7.2.45

toekomstig recht

Publieke verklaringen

De conformiteit van het consumptiegoed, huisdier of digitale product aan wat de consument redelijkerwijze kan verwachten, wordt beoordeeld rekening houdend met onder meer publieke verklaringen gedaan door of voor rekening van de onderneming, de producent of elke andere persoon in de contractketen, in het bijzonder in reclameboodschappen of aanduidingen op de etikettering of op de verpakking van producten van hetzelfde type.

De onderneming is weliswaar niet gebonden door de publieke verklaringen als zij bewijst dat:

1°zij van deze verklaringen geen kennis had en zij er redelijkerwijze geen kennis van kon hebben;

2°deze verklaringen op het ogenblik van de contractsluiting waren rechtgezet op dezelfde of op vergelijkbare wijze als waarop ze waren afgelegd; of

3°deze verklaringen de beslissing tot aankoop van het consumptiegoed, huisdier of digitale product niet hebben kunnen beïnvloeden.

Art. 7.2.46

toekomstig recht

Verkeerde installatie of integratie

Wanneer de onderneming zich ertoe verbindt om het consumptiegoed te installeren of het digitale product te integreren in de goederen van de consument, waaronder de uitrusting of de informaticasystemen, staat zij in voor de gebreken aan deze installatie of integratie.

De onderneming staat ook in voor de gebreken aan de installatie of integratie door de consument die te wijten zijn aan tekortkomingen in de instructies die de onderneming heeft verstrekt of, in geval van een goed met digitale elementen, door de verkoper of de leverancier van het digitale product.

Art. 7.2.47

toekomstig recht

Bewijslast bij een consumptiegoed

§ 1.Het conformiteitsgebrek bij een consumptiegoed dat binnen twee jaar vanaf de levering aan het licht komt, wordt vermoed, tot bewijs van het tegendeel, bij de levering te hebben bestaan.

Bij tweedehandsgoederen kunnen de onderneming en de consument een kortere termijn overeenkomen zonder dat die korter mag zijn dan een jaar. De onderneming informeert de consument op duidelijke en ondubbelzinnige wijze over deze kortere termijn. Indien de onderneming niet bewijst dat hieraan is voldaan is de in het eerste lid bedoelde termijn van toepassing.

Bij de verkoop van een goed met digitale elementen met continue levering van een digitaal product wordt de termijn bedoeld in het eerste lid voor dit digitale product verlengd gedurende de afgesproken termijn voor continue levering.

§ 2.Het vermoeden bedoeld in paragraaf 1 is niet van toepassing wanneer het onverenigbaar is met de aard van het consumptiegoed of met de aard van het conformiteitsgebrek, rekening houdend met onder andere de vraag of het consumptiegoed nieuw dan wel tweedehands is.

Art. 7.2.48

toekomstig recht

Bewijslast bij een conformiteitsgebrek van een huisdier

Het conformiteitsgebrek bij een huisdier dat binnen een jaar vanaf de levering aan het licht komt, wordt vermoed, tot bewijs van het tegendeel, bij de levering te hebben bestaan.

Art. 7.2.49

toekomstig recht

Bewijslast bij een conformiteitsgebrek van een digitaal product

§ 1.Het conformiteitsgebrek bij een contract tot levering van een digitaal product dat een enkele levering of een reeks afzonderlijke leveringen omvat, dat binnen een jaar vanaf de levering aan het licht komt, wordt vermoed, tot bewijs van het tegendeel, te hebben bestaan bij de levering.

Bij continue levering gedurende een bepaalde periode is het vermoeden van toepassing gedurende deze periode.

§ 2.Het vermoeden bedoeld in paragraaf 1, is niet van toepassing wanneer de onderneming aantoont dat de digitale omgeving van de consument niet compatibel is met de technische vereisten van het digitale product en de onderneming de consument voor de contractsluiting op duidelijke en begrijpelijke wijze op de hoogte heeft gesteld van deze vereisten.

Om na te gaan of de oorzaak van een conformiteitsgebrek van het digitale product toe te schrijven is aan de digitale omgeving van de consument op de tijdstippen bepaald in paragraaf 1, werkt de consument samen met de onderneming, voor zover dit redelijkerwijze mogelijk en noodzakelijk is. De medewerkingsplicht wordt beperkt tot de technisch beschikbare middelen die voor de consument het minst ingrijpend zijn. Als de consument verzuimt samen te werken en als de onderneming de consument voor de contractsluiting op duidelijke en begrijpelijke wijze van deze vereiste op de hoogte heeft gesteld, draagt de consument de bewijslast van het bestaan van het conformiteitsgebrek op de tijdstippen bepaald in paragraaf 1.