Alle wetboeken › BW

BOEK 7 Bijzondere contracten › Titel 2 Koop en ruil › Ondertitel 5 Verbintenissen van de verkoper › Hoofdstuk 4 Conforme levering

Afdeling 3 Gemeenrechtelijke vrijwaring voor conformiteit

7.2.30–7.2.37

Art. 7.2.30

toekomstig recht

Conformiteitsbegrip

§ 1.De verkoper levert aan de koper een conform goed.

§ 2.Een goed is conform wanneer het beantwoordt:

1°aan wat het contract bepaalt; en

2°aan wat de koper redelijkerwijze kan verwachten. De redelijke verwachtingen van de koper worden bepaald door de wet, het contract, de gebruiken, de goede trouw, de aard van het verkochte goed, waaronder de redelijke levensduur en het gebruik waarvoor de goederen van hetzelfde type gewoonlijk moeten dienen, de hoedanigheid van de koper en het geheel van de omstandigheden.

Bij de verkoop op monster moet het goed aan het monster beantwoorden.

§ 3.De verkoper staat in voor elk conformiteitsgebrek dat minstens in de kiem bestaat bij de levering, zelfs als dit gebrek pas later aan het licht komt en hij daarvan geen kennis kon hebben op het ogenblik van de levering en zelfs als dit gebrek is veroorzaakt door overmacht.

Art. 7.2.31

toekomstig recht

Bewijslast

De koper moet bewijzen dat het conformiteitsgebrek minstens in de kiem bestond bij de levering.

In afwijking van het eerste lid worden bij de verkoop van een dier de conformiteitsgebreken die de Koning voor bepaalde diersoorten vastlegt, vermoed, tot bewijs van het tegendeel, aanwezig te zijn bij de levering.

Art. 7.2.32

toekomstig recht

Vrijwaringstermijn

De vrijwaring voor conformiteit is beperkt tot de gebreken die aan het licht komen binnen een periode van tien jaar te rekenen vanaf de dag van de levering.

Art. 7.2.33

toekomstig recht

Kennisgevingstermijn

§ 1.De koper geeft de verkoper kennis van het conformiteitsgebrek binnen een redelijke termijn nadat hij het heeft ontdekt of behoorde te ontdekken. De redelijke termijn wordt beoordeeld aan de hand van alle relevante omstandigheden en in het bijzonder de aard van het goed, de aard van het conformiteitsgebrek, de hoedanigheid van de partijen en de gebruiken.

Als de koper binnen deze termijn geen kennisgeving doet, vervalt zijn recht om zich op het conformiteitsgebrek te beroepen. Hij kan er ook met kennis van zaken afstand van doen.

De verkoper kan zich niet beroepen op het verval van recht bedoeld in het tweede lid, indien hij het conformiteitsgebrek kende en hij dat conformiteitsgebrek niet aan de koper heeft bekendgemaakt.

§ 2.Bij de verkoop van een dier bepaalt de Koning de kennisgevingstermijn van de conformiteitsgebreken die Hij overeenkomstig artikel 7.2.31, tweede lid, bepaalt gelet op de aard van de conformiteitsgebreken. Deze termijn mag niet langer zijn dan dertig dagen vanaf de levering.

Art. 7.2.34

toekomstig recht

Verjarings- en vervaltermijn

De vordering wegens een conformiteitsgebrek verjaart na twee jaar vanaf de kennisgeving van dit gebrek.

Deze termijn wordt geschorst gedurende de voldoende ernstige onderhandelingen tussen de partijen of het gerechtelijk of tegensprekelijk buitengerechtelijk deskundigenonderzoek.

In elk geval vervalt het recht van de koper na tien jaar en drie maanden vanaf de levering.

Art. 7.2.35

toekomstig recht

Sancties

§ 1.Als de verkoper geen conform goed levert, beschikt de koper over de sancties opgesomd in artikel 5.83.

Uitvoering in natura kan de vorm aannemen van een herstel van het conformiteitsgebrek van het verkochte goed of van een vervanging van het verkochte goed door een conform goed.

§ 2.De koper kan zich niet beroepen op de nietigheid van de koop wegens dwaling die uit een conformiteitsgebrek van het goed voortvloeit.

Art. 7.2.36

toekomstig recht

Uitsluiting

Deze afdeling en afdeling 4 zijn niet van toepassing op de executoriale of anderszins gerechtelijke verkoop, met uitzondering van artikel 7.2.35, § 2.

Art. 7.2.37

toekomstig recht

Statuut

Bij de verkoop door een onderneming aan een consument is deze afdeling van dwingend recht ten voordele van de consument.