Gevolgen voor de medeschuldenaars onderling
§ 1.Tussen de schuldenaars onderling wordt de schuld van rechtswege verdeeld en ieder van hen is tot bijdrage gehouden voor zijn aandeel in de schuld.
De verdeling geschiedt in gelijke delen, tenzij een wettelijke of contractuele bepaling of, bij gebrek daaraan, de concrete omstandigheden een andere verdeling rechtvaardigen.
lndien de hoofdelijke schuld een zaak betreft die slechts een van de medeschuldenaars aangaat, is deze tot voldoening van de gehele schuld gehouden ten aanzien van de overige schuldenaars, die tegenover hem slechts als zijn borgen worden beschouwd.
§ 2.De hoofdelijke schuldenaar die meer dan zijn aandeel betaalde aan de schuldeiser, heeft een verhaalsrecht tegen de medeschuldenaars naar evenredigheid tot ieders aandeel.
Hij zal evenwel geen verhaal hebben tegen de schuldenaar die tegenover de schuldeiser beschikt over een persoonlijke exceptie.
§ 3.lndien een van de medeschuldenaars insolvabel is, wordt het door zijn insolvabiliteit veroorzaakte verlies naar evenredigheid omgeslagen over alle andere medeschuldenaars die in staat zijn om te betalen, met inbegrip van degene die de schuld voldaan heeft en van de medeschuldenaar die al van een individuele afstand van hoofdelijkheid genoot.
§ 4.In de verhouding tussen medeschuldenaars rust de plicht tot het herstel van de schade, geleden door de schuldeiser als gevolg van een toerekenbare niet-nakoming enkel op hen aan wie zij toerekenbaar is.