Alle wetboeken › BW

BOEK 4 Nalatenschappen, schenkingen en testamenten › Titel 2 Schenkingen, testamenten en erfovereenkomsten › Hoofdstuk 2 Legaten

Afdeling 4 Gemeenschappelijke bepalingen voor legaten met een algemene roeping of met een roeping onder algemene titel

4.197–4.200

Art. 4.197

Erfkeuze

Algemene legatarissen en legatarissen onder algemene titel zijn niet gehouden het hun vermaakte legaat te aanvaarden. Ze kunnen het zuiver, of onder voorrecht van boedelbeschrijving aanvaarden, of het verwerpen.

De bepalingen van ondertitel 6 van titel 1 zijn op hun erfkeuze van overeenkomstige toepassing, met uitzondering van artikel 4.45.

Art. 4.198

Verdeling

Algemene legatarissen en legatarissen onder algemene titel die hun legaat hebben aanvaard, hetzij zuiver hetzij onder voorrecht van boedelbeschrijving, worden deelgenoten van de nalatenschap.

De bepalingen van titel 1, ondertitel 8, hoofdstuk 2, afdeling 1, die betrekking hebben op de inbreng van giften, zijn op hen slechts van toepassing in zoverre ze ook de hoedanigheid van een door de wet aangeduide erfgenaam hebben.

Art. 4.199

Schulden van de nalatenschap

Onder voorbehoud van de toepassing van artikel 4.200, zijn de bepalingen van titel 1, ondertitel 8, hoofdstuk 3, op algemene legatarissen en legatarissen onder algemene titel van toepassing, net zoals op de door de wet aangeduide erfgenamen.

Art. 4.200

Uitkering van legaten

Ook als hij samen met reservataire erfgenamen tot de nalatenschap komt is de algemene legataris verplicht alle legaten uit te keren, voor zover ze niet ingekort moeten worden.

De legataris onder algemene titel is slechts gehouden tot het uitkeren van de bijzondere legaten, naar evenredigheid van zijn aandeel in het beschikbaar deel van de nalatenschap.