Alle wetboeken › ZIV-wet

TITEL VIBIS - DE VERGOEDING VAN SCHADE ALS GEVOLG VAN GEZONDHEIDSZORG

137ter–137sexies

Art. 137ter

Er wordt binnen het Instituut, onder de naam " Fonds voor de Medische Ongevallen ", afgekort als FMO, een dienst opgericht die belast is met het beheer van de vergoeding van de schade als gevolg van gezondheidszorg en met de toepassing van de wet van 31 maart 2010 betreffende de vergoeding van schade als gevolg van gezondheidszorg.

Vanaf de datum van inwerkingtreding van titel VIbis, neemt de dienst alle bij voormelde wet van 31 maart 2010 vastgestelde opdrachten van Fonds voor de Medische Ongevallen over en voert ze verder uit.

Onverminderd de voormelde wet van 31 maart 2010 en deze wet, bepaalt de Koning de regels met betrekking tot de organisatie en de werking van de dienst.

De personeelsformatie van de dienst stelt hem in staat te beschikken over de competenties die met name nodig zijn voor het volbrengen van zijn medische en juridische opdrachten.

De leden van het Beheerscomité, de personeelsleden evenals alle permanente of occasionele medewerkers van de dienst zijn gebonden door het beroepsgeheim.

Geen van de andere diensten of personeelsleden van een andere dienst van het Instituut kunnen toegang of informatie krijgen met betrekking tot de door de dienst behandelde dossiers en individuele zaken of de personen op wie zij betrekking hebben, zelfs niet voor of in het kader van de opdrachten van die andere dienst.

Art. 137quater

§ 1.De dienst " Fonds voor de Medische Ongevallen " wordt beheerd door een Beheerscomité.

§ 2.Het Beheerscomité is samengesteld als volgt:

1°vier leden die de overheid vertegenwoordigen;

2°vier leden die de representatieve organisaties van alle werkgevers en de representatieve organisaties van zelfstandigen vertegenwoordigen;

3°vier leden die de representatieve organisaties van alle werknemers vertegenwoordigen;

4°vier leden die de verzekeringsinstellingen vertegenwoordigen;

5°vijf leden die de beroepsbeoefenaars vertegenwoordigen, waaronder minstens drie artsen;

6°drie leden die de verzorgingsinstellingen vertegenwoordigen, waaronder minstens één arts-hygiënist;

7°vier leden die de patiënten vertegenwoordigen;

8°twee professoren of docenten in de rechten, gespecialiseerd in medisch recht.

Het Beheerscomité en elk van de groepen die erin zijn vertegenwoordigd, tellen evenveel Nederlandstalige als Franstalige leden. Om te oordelen of deze laatste voorwaarde is vervuld, worden de vertegenwoordigers van de beroepsbeoefenaars en van de verzorgingsinstellingen beschouwd als een enkele groep.

De voorzitter en de ondervoorzitter behoren tot een verschillende taalrol.

§ 3.De Koning bepaalt de wijze waarop de leden worden aangewezen. Hij benoemt... de voorzitter, de ondervoorzitter en de leden voor een hernieuwbaar mandaat van zes jaar. Hij kan, onder de voorwaarden die Hij bepaalt, plaatsvervangende leden benoemen. Hij stelt de bedragen vast van de vergoedingen en het presentiegeld voor de voorzitter, ondervoorzitter en leden van het Beheerscomité.

§ 4.Onverminderd de voormelde wet van 31 maart 2010 en deze wet, bepaalt de Koning de regels met betrekking tot de werking van het Beheerscomité.

§ 5.Een maximumaantal van drie regeringscommissarissen, die de Koning benoemt, op voordracht van respectievelijk de minister bevoegd voor Sociale Zaken, de minister bevoegd voor de Volksgezondheid en de minister bevoegd voor de Begroting, wonen de vergaderingen van het Beheerscomité bij.

Art. 137quinquies

Het Beheerscomité van de dienst:

1°beheert samen met de dienst en zijn adviseur-generaal de in de voormelde wet van 31 maart 2010 bepaalde opdrachten;

2°stelt de rekeningen vast en maakt de begroting op met betrekking tot de vergoeding van de schade als gevolg van gezondheidszorg, zoals die is vastgesteld in de voormelde wet van 31 maart 2010;

3°stelt het Algemeen Comité de begroting van de administratiekosten van de dienst voor;

4°verleent het Algemeen Comité advies over het jaarlijkse voorstel met betrekking tot de personeelsformatie van de dienst;

5°wordt door de adviseur-generaal van de dienst geïnformeerd over de procedures voor overheidsopdrachten in het kader van de opdrachten van de dienst of van het beheer ervan en met name die opdrachten die de administrateur-generaal van het Instituut aan het Beheerscomité heeft gedelegeerd;

6°stelt zijn huishoudelijk reglement op en legt dat ter goedkeuring voor aan de Koning.

Art. 137sexies

§ 1.Voor de uitvoering van zijn opdrachten en voor zijn administratiekosten wordt de dienst gefinancierd door:

1°een jaarlijks bedrag, ten laste van de administratiekosten van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering... op basis van de door het Beheerscomité van de dienst opgestelde begroting en de administratiekosten, die door het Beheerscomité van de dienst aan het Algemeen comité worden voorgesteld;

2°de opbrengst van de subrogatievorderingen, die worden uitgeoefend overeenkomstig de artikelen 28, 30, 31 en 32 van de voormelde wet van 31 maart 2010;

3°de financiële opbrengsten van de bedragen waarover de dienst beschikt;

4°de vergoedingen die aan de dienst verschuldigd zijn krachtens de artikelen 15, zesde lid, en 31, zesde lid, van de voormelde wet van 31 maart 2010.

§ 2.De in § 1, 1°, vastgestelde financiering omvat de bedragen die nodig zijn voor de begroting van de opdrachten en voor de begroting van de administratiekosten van de dienst.