Alle wetboeken › WVV

DEEL 2 De vennootschappen.

BOEK 8 Erkenning van vennootschappen.

8:1–8:7

Art. 8:1

Een vennootschap met rechtspersoonlijkheid met als uitsluitend voorwerp de bosbouw op gronden waarvan ze eigenaar is, evenals alle verrichtingen die met dat voorwerp verband houden of er normaal uit voortvloeien, met uitsluiting van de kapping van bomen en de verwerking van bosproducten, kan op advies van de minister van het betrokken gewest die de bossen onder zijn bevoegdheid heeft, door de minister van Financiën worden erkend als bosgroeperingsvennootschap. In dat geval voegt zij aan de benaming van haar rechtsvorm de woorden "bosgroepering" toe, afgekort als BG.

Art. 8:2

Een vennootschap onder firma kan onder door de Koning te bepalen voorwaarden worden erkend als een landbouwonderneming. In dat geval voegt zij aan de benaming van haar rechtsvorm de woorden "landbouwonderneming" toe, en wordt zij afgekort als "VOFLO".

Een commanditaire vennootschap kan onder door de Koning te bepalen voorwaarden worden erkend als een landbouwonderneming. In dat geval voegt zij aan de benaming van haar rechtsvorm de woorden "landbouwonderneming" toe, en wordt zij afgekort als "CommVLO".

Een besloten vennootschap kan worden erkend als een landbouwonderneming onder door de Koning te bepalen voorwaarden. In dat geval voegt zij aan de benaming van haar rechtsvorm de woorden "landbouwonderneming" toe, en wordt zij afgekort als "BVLO".

Een coöperatieve vennootschap kan worden erkend als een landbouwonderneming onder door de Koning te bepalen voorwaarden. In dat geval voegt zij aan de benaming van haar rechtsvorm de woorden "landbouwonderneming" toe, en wordt zij afgekort als "CVLO".

Art. 8:3

Voor de toepassing van de pachtwet wordt de uitbating als werkende vennoot in een VOFLO, als gecommanditeerde vennoot in een CommVLO, of als bestuurder in een BVLO of een CVLO, gelijkgesteld met diens persoonlijke uitbating. Dit geldt zowel ten aanzien van de pachter als de verpachter, wier rechten en plichten onverkort blijven voortbestaan.

Bij de inbreng van de eigendom, het gebruiksrecht of het genotsrecht van het verpachte goed door de verpachter in een VOFLO, een CommVLO, een BVLO of een CVLO, kan die vennootschap de pacht slechts opzeggen wanneer de verpachter die het goed inbracht, diens echtgenoot, diens wettelijk samenwonende partner, afstammelingen of aangenomen kinderen of die van zijn echtgenoot of wettelijk samenwonende partner het statuut van, naargelang van het geval, werkende vennoot, gecommanditeerde vennoot of bestuurder in de vennootschap hebben.

Art. 8:3

Waals Gewest

...

Art. 8:4

Een coöperatieve vennootschap wiens voornaamste doel erin bestaat om haar aandeelhouders een economisch of sociaal voordeel te verschaffen ter bevrediging van hun beroeps- of persoonlijke behoeften kan worden erkend in toepassing van de wet van 3 mei 2024 houdende instelling van een Nationale Raad voor de coöperatie en de sociale onderneming en haar uitvoeringsbesluiten. Zij voegt aan de benaming van haar rechtsvorm het woord "erkend" toe, en wordt afgekort als "erkende CV".

Indien zij de in toepassing van voornoemde wet opgelegde beperkingen inzake uitkeringen aan de aandeelhouders niet naleeft, zijn deze uitkeringen nietig.

De statuten van een erkende coöperatieve vennootschap kunnen bepalen dat het vermogen dat bij vereffening overblijft na aanzuivering van het passief en terugbetaling van de door de aandeelhouders gestorte en nog niet terugbetaalde inbreng wordt bestemd voor economische of sociale activiteiten die zij beoogt te bevorderen.

Art. 8:5

§ 1.Een coöperatieve vennootschap kan, in toepassing van de wet van 3 mei 2024 houdende instelling van een Nationale Raad voor de coöperatie en de sociale onderneming worden erkend als sociale onderneming wanneer zij aan de volgende voorwaarden voldoet:

1°zij heeft hoofdzakelijk tot doel, in het algemeen belang, een positieve maatschappelijke impact te bewerkstelligen op de mens, het milieu of de samenleving;

2°enig vermogensvoordeel dat zij aan haar aandeelhouders uitkeert, onder welke vorm dan ook, mag, op straffe van nietigheid, niet hoger zijn dan de rentevoet vastgesteld door de Koning ter uitvoering van de wet van 3 mei 2024 houdende instelling van een Nationale Raad voor de coöperatie en de sociale onderneming, toegepast op het door de aandeelhouders werkelijk gestorte bedrag op de aandelen;

3°bij vereffening wordt aan het vermogen dat overblijft na aanzuivering van het passief en terugbetaling van de door de aandeelhouders gestorte en nog niet terugbetaalde inbreng, op straffe van nietigheid, een bestemming gegeven die zo nauw mogelijk aansluit bij haar voorwerp als erkende sociale onderneming.

De Koning bepaalt de voorwaarden voor een erkenning als sociale onderneming.

Haar statuten vermelden deze voorwaarden.

Een coöperatieve vennootschap wiens voornaamste doel er niet in bestaat om haar aandeelhouders een economisch of sociaal voordeel te verschaffen ter bevrediging van hun beroeps- of persoonlijke behoeften, maar is erkend als een sociale onderneming als bedoeld in paragraaf 1, voegt aan de benaming van haar rechtsvorm de woorden "erkend als sociale onderneming" toe en wordt afgekort als "CV erkend als SO".

§ 2.Een coöperatieve vennootschap wiens voornaamste doel er niet in bestaat om haar aandeelhouders een economisch of sociaal voordeel te verschaffen ter bevrediging van hun beroeps- of persoonlijke behoeften, en die zowel een erkende coöperatieve vennootschap is als bedoeld in artikel 8:4, als erkend als een sociale onderneming als bedoeld in paragraaf 1, voegt aan de benaming van haar rechtsvorm de woorden "erkend" en "sociale onderneming" toe en wordt afgekort als "erkende CVSO".

Art. 8:6

De ondernemingsrechtbank kan op verzoek van de minister bevoegd voor Economie, het openbaar ministerie of elke belanghebbende de ontbinding uitspreken van een vennootschap die zich voordoet als een landbouwonderneming hoewel zij niet is erkend.

In voorkomend geval kan de rechtbank een termijn aan de vennootschap toestaan om haar toestand te regulariseren.

Art. 8:7

De ondernemingsrechtbank kan op verzoek van de minister bevoegd voor Economie, het openbaar ministerie of elke belanghebbende de ontbinding uitspreken van een vennootschap die zich voordoet als een erkende coöperatieve vennootschap, hoewel zij niet is erkend.

De ondernemingsrechtbank kan op verzoek van de minister bevoegd voor Economie, het openbaar ministerie of elke belanghebbende de ontbinding uitspreken van een vennootschap die zich voordoet als een coöperatieve vennootschap erkend als sociale onderneming, hoewel zij niet is erkend.

In voorkomend geval kan de rechtbank een termijn aan de vennootschap toestaan om haar toestand te regulariseren.