Alle wetboeken › WER

Boek XIX - Schulden van de consument › TITEL 3 - De minnelijke schuldbemiddeling

HOOFDSTUK 5 - Beëindiging van minnelijke schuld- bemiddeling

XIX.40–XIX.42

Art. XIX.40

De schuldenaar kan de minnelijke schuldbemiddeling op elk ogenblik beëindigen, zonder opgave van reden.

Art. XIX.41

§ 1.De minnelijke schuldbemiddelaar kan de minnelijke schuldbemiddeling beëindigen als de schuldenaar ondanks een eerste waarschuwing zijn verplichtingen overeenkomstig artikel XIX.39 nog steeds niet nakomt.

De minnelijke schuldbemiddelaar brengt de schuldenaar hiervan op een duurzame gegevensdrager op de hoogte.

Hij neemt een opzegtermijn van ten minste een maand in acht.

§ 2.De minnelijke schuldbemiddelaar beëindigt de minnelijke schuldbemiddeling indien hij niet meer voldoet aan de voorwaarden van onafhankelijkheid bedoeld in de artikelen XIX.21 en XIX.22.

De minnelijke schuldbemiddelaar brengt de schuldenaar hiervan op een duurzame gegevensdrager op de hoogte.

Hij neemt een opzegtermijn van ten minste een maand in acht.

§ 3.De minnelijke schuldbemiddelaar kan de minnelijke schuldbemiddeling beëindigen indien deze niet langer kan worden voortgezet onder bevredigende voorwaarden.

De minnelijke schuldbemiddelaar brengt de schuldenaar hiervan op een duurzame gegevensdrager op de hoogte.

Hij neemt een opzegtermijn van ten minste twee maanden in acht.

§ 4.De openbare instellingen bedoeld in artikel XIX.20, § 1, eerste lid, 2° kunnen de minnelijke schuldbemiddeling beëindigen als ze door de verhuizing van de schuldenaar niet langer territoriaal bevoegd zijn.

De openbare instellingen brengen de schuldenaar onverwijld hiervan op een duurzame gegevensdrager op de hoogte.

Art. XIX.42

De minnelijke schuldbemiddelaar stelt de schuldeisers op een duurzame gegevensdrager en ten laatste voor het einde van zijn opdracht, in kennis van het einde van zijn opdracht.