Alle wetboeken › WER

Boek XV - Rechtshandhaving › TITEL 1 - De uitoefening van toezicht en de opsporing en vaststelling van inbreuken › HOOFDSTUK 4 - Coördinatie en opvolging tussen verschillende overheidsdiensten

Afdeling 2 Coördinatie en opvolging van de acties in het kader van titel 1 van boek III.

XV.35–XV.57

Art. XV.35

Deze afdeling is van toepassing op de dienstenactiviteiten vermeld in artikel III.1.

Deze afdeling, en meer bepaald de bepalingen met betrekking tot de controle op de regels inzake de bescherming van persoonsgegevens, worden uitgevoerd en zijn van toepassing onverminderd de regels zoals bepaald in Richtlijn 95/46/EG, in Richtlijn 2002/58/EG, in de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens, en van de voorziene regels inzake bescherming van persoonsgegevens, van de wet van 13 juni 2005 betreffende de elektronische communicatie en van de wet van 24 augustus 2005 tot omzetting van verschillende bepalingen van de Richtlijn financiële diensten op afstand en van de Richtlijn privacy en elektronische communicatie.

Art. XV.36

§ 1.De bevoegde Belgische autoriteit verstrekt, binnen de grenzen van haar bevoegdheden, aan de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat die een met redenen omkleed verzoek doet, iedere relevante informatie waarover ze beschikt in verband met een dienstverrichter en/of zijn diensten.

Ze verstrekt de gevraagde informatie met name betreffende de vestiging en de wettelijkheid van de verrichte diensten.

§ 2.De bevoegde Belgische autoriteit voert, binnen de grenzen van haar bevoegdheden, de verificaties, inspecties en onderzoeken uit die haar door de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat via een met redenen omkleed verzoek aangevraagd worden betreffende een dienstverrichter of zijn diensten.

Ze kan zelf bepalen wat in ieder individueel geval de meest geschikte maatregelen zijn om aan het verzoek van een bevoegde autoriteit van een andere lidstaat te voldoen.

Art. XV.37

§ 1.De bevoegde Belgische autoriteit verstrekt binnen de grenzen van haar bevoegdheid aan de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat die een met redenen omkleed verzoek doet de definitieve beslissingen betreffende de tuchtrechtelijke of administratieve sancties van professionele aard in overeenstemming met de regels bepaald door de bijzondere wetgevingen of reglementeringen voor een zulke verstrekking.

Ze verstrekt ook binnen de grenzen van haar bevoegdheden en in overeenstemming met Boek II, Titel VII, Hoofdstuk I, van het Wetboek van strafvordering informatie over definitieve strafrechtelijke sancties van professionele aard evenals elk definitief vonnis betreffende de insolventie in de zin van bijlage A van de EG-Verordening 1346/2000, of het bedrieglijk faillissement waarin sprake is van frauduleuze praktijken van een dienstverrichter.

In de mededeling worden de overtreden wettelijke of reglementaire bepalingen vermeld.

§ 2.Deze mededeling geschiedt met naleving van de bepalingen tot bescherming van de persoonsgegevens en de rechten van de personen aan wie een sanctie is opgelegd of die veroordeeld zijn, met inbegrip van deze opgelegd door een beroepsorde.

§ 3.De bevoegde Belgische autoriteit die zulke informatie meedeelt, stelt de dienstverrichter daarvan in kennis.

Art. XV.38

De in uitvoering van de artikelen XV.36 en XV.37 gevraagde informatie of de resultaten van de verificaties, inspecties of onderzoeken worden zo snel mogelijk verstrekt via het elektronische systeem voor de uitwisseling van informatie.

Art. XV.39

De bevoegde Belgische autoriteit die om wettelijke of praktische redenen geen gevolg kan geven aan een verzoek om informatie, verificaties, inspecties of onderzoeken, brengt de bevoegde autoriteit van de andere lidstaat daarvan zo snel mogelijk op de hoogte en vermeldt de redenen die zich tegen deze aanvraag verzetten. Indien na kennisgeving van deze weigering, deze laatste zich niet bij het standpunt van de bevoegde Belgische autoriteit kan neerleggen en geen enkele oplossing kan gevonden worden, wordt dit ter informatie meegedeeld aan de federale coördinator.

Art. XV.40

De bevoegde autoriteit van een andere lidstaat kan toegang verkrijgen tot de registers die toegankelijk zijn voor de bevoegde Belgische autoriteiten en op dezelfde voorwaarden.

Art. XV.41

§ 1.De bevoegde Belgische autoriteit die wenst dat een autoriteit van een andere lidstaat haar informatie verstrekt of verificaties, inspecties of onderzoeken voert betreffende een dienstverrichter of zijn diensten, stuurt haar een met redenen omkleed verzoek via het elektronische systeem voor de uitwisseling van informatie.

§ 2.Indien de bevoegde autoriteit van de andere lidstaat niet aan de aanvraag voldoet en geen enkele oplossing kan gevonden worden, brengt de bevoegde Belgische autoriteit de federale coördinator daarvan op de hoogte.

Art. XV.42

De uitgewisselde informatie kan alleen gebruikt worden voor de aangelegenheden waarvoor ze gevraagd werd.

Art. XV.43

§ 1.De bevoegde Belgische autoriteit oefent controle uit ten opzichte van dienstverrichters die in België zijn gevestigd, met inbegrip van de diensten die in een andere lidstaat zijn verricht of die in een andere lidstaat schade hebben veroorzaakt.

§ 2.Deze verplichting geldt niet voor:

1°de controle van de naleving van specifieke eisen die opgelegd worden door de lidstaat waar de dienst geleverd wordt, ongeacht de plaats van vestiging van de dienstverrichter;

2°de uitoefening van controles op het grondgebied van de lidstaat waar de dienst verricht wordt.

Deze controles worden in overeenstemming met artikel XV.41 op verzoek van de bevoegde Belgische autoriteit verricht door de lidstaat waar de dienstverrichter tijdelijk actief is.

Art. XV.44

Een bevoegde Belgische autoriteit kan alleen, betreffende een dienstverrichter die niet in België is gevestigd, op eigen initiatief verificaties, inspecties en onderzoeken in België verrichten, mits deze niet discriminatoir zijn, ze niet plaatsvinden omdat de dienstverrichter in een andere lidstaat gevestigd is en ze evenredig zijn.

Art. XV.45

§ 1.Wanneer de bevoegde Belgische autoriteit kennis neemt van een gedraging, ernstige en specifieke handelingen of omstandigheden met betrekking tot een dienstverrichter of een dienstenactiviteit, die ernstige schade aan de gezondheid of veiligheid van personen of aan het milieu kunnen veroorzaken, stelt ze via een waarschuwingscoördinator via het elektronische systeem voor de uitwisseling van informatie de lidstaten en de Europese Commissie hiervan onverwijld in kennis, evenals de federale coördinator.

§ 2.Wanneer een waarschuwing gewijzigd moet worden of niet meer gerechtvaardigd is, stelt de bevoegde Belgische autoriteit de Europese Commissie en de lidstaten hiervan in kennis via het elektronische systeem voor de uitwisseling van informatie evenals de federale coördinator.

§ 3.De hierboven beschreven procedure geldt onverminderd gerechtelijke procedures.

Art. XV.46

§ 1.In afwijking van artikel III.13 en alleen in uitzonderlijke omstandigheden kan de bevoegde minister of zijn gemachtigde, ten aanzien van een in een andere lidstaat gevestigde dienstverrichter, maatregelen nemen betreffende de veiligheid van diensten, en dit overeenkomstig de voorwaarden en procedures die van toepassing zijn voor het nemen van soortgelijke maatregelen ten opzichte van dienstverrichters die hun vestiging in België hebben. Deze maatregelen kunnen alleen worden genomen wanneer de in artikel XV.47 bedoelde procedure van wederzijdse bijstand in acht genomen is, en aan volgende voorwaarden is voldaan:

1°de bepalingen overeenkomstig welke de maatregelen worden genomen, vallen niet onder een communautaire harmonisatiemaatregel op het gebied van de veiligheid van diensten;

2°de maatregelen bieden de afnemer meer bescherming dan de maatregelen die de lidstaat van vestiging overeenkomstig zijn nationale bepalingen zou nemen;

3°de lidstaat van vestiging heeft geen maatregelen genomen of heeft maatregelen genomen die ontoereikend zijn in vergelijking met de in artikel XV.44. bedoelde maatregelen;

4°de maatregelen zijn evenredig.

§ 2.Paragraaf 1 doet geen afbreuk aan bepalingen van het Gemeenschapsrecht of op het Gemeenschapsrecht berustende bepalingen die het vrije verkeer van diensten waarborgen of afwijkingen daarop toestaan.

Art. XV.47

§ 1.De bevoegde Belgische autoriteit, die in toepassing van artikel XV.46, § 1, voornemens is maatregelen te nemen om de veiligheid van diensten die in België worden verricht te waarborgen, stuurt via het elektronische systeem voor de uitwisseling van informatie een aanvraag om maatregelen te nemen aan de lidstaat van vestiging, met verstrekking van alle relevante informatie over de betrokken dienst en de omstandigheden ter zake.

§ 2.In voorkomend geval stelt de bevoegde Belgische autoriteit, na ontvangst van het antwoord van de lidstaat van vestiging of bij gebrek van antwoord binnen een redelijke termijn, de Europese Commissie en de lidstaat van vestiging via het elektronische systeem voor de uitwisseling van informatie in kennis van zijn voornemen om maatregelen te nemen, evenals de federale coördinator.

De mededeling vermeldt:

1°de redenen waarom de door de lidstaat van vestiging genomen of beoogde maatregelen naar het oordeel van de bevoegde autoriteit ongepast zijn;

2°de reden waarom de door hem beoogde maatregelen naar zijn oordeel aan de in artikel XV.46, § 1 bedoelde voorwaarden voldoen.

§ 3.De maatregelen kunnen niet eerder dan vijftien werkdagen na het sturen van een kennisgeving, conform paragraaf 2, aan de lidstaat van vestiging en aan de Europese Commissie genomen worden.

§ 4.In spoedeisende gevallen kan de bevoegde Belgische autoriteit van de paragrafen 1, 2 en 3 afwijken. In dit geval worden de Europese Commissie en de lidstaat van vestiging van de genomen maatregelen in kennis gesteld, met opgave van de redenen waarom er volgens de autoriteit sprake is van een spoedeisend karakter.

§ 5.De hierboven beschreven procedure geldt onverminderd gerechtelijke procedures.

Art. XV.48

Dit hoofdstuk geldt onverminderd de samenwerking inzake informatie in toepassing van de Richtlijn 96/71/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 1996 betreffende de terbeschikkingstelling van werknemers met het oog op het verrichten van diensten.

Art. XV.49

<Opgeheven bij W 2023-11-05/07, art. 53, 123; Inwerkingtreding: 21-12-2023>

Art. XV.50

<Opgeheven bij W 2023-11-05/07, art. 53, 123; Inwerkingtreding: 21-12-2023>

Art. XV.51

<Opgeheven bij W 2023-11-05/07, art. 53, 123; Inwerkingtreding: 21-12-2023>

Art. XV.52

<Opgeheven bij W 2023-11-05/07, art. 53, 123; Inwerkingtreding: 21-12-2023>

Art. XV.53

<Opgeheven bij W 2023-11-05/07, art. 53, 123; Inwerkingtreding: 21-12-2023>

Art. XV.54

<Opgeheven bij W 2023-11-05/07, art. 53, 123; Inwerkingtreding: 21-12-2023>

Art. XV.55

<Opgeheven bij W 2023-11-05/07, art. 53, 123; Inwerkingtreding: 21-12-2023>

Art. XV.56

<Opgeheven bij W 2023-11-05/07, art. 53, 123; Inwerkingtreding: 21-12-2023>

Art. XV.57

<Opgeheven bij W 2023-11-05/07, art. 53, 123; Inwerkingtreding: 21-12-2023>