§ 1.De Koning kan bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, op advies van de FSMA:
1°de nodige maatregelen treffen ter omzetting van de dwingende bepalingen die voortvloeien uit de Richtlijn 2004/39/EG;
2°de nodige maatregelen treffen ter omzetting van de dwingende bepalingen die voortvloeien uit de Richtlijn 2006/73 van de Commissie tot uitvoering van
richtlijn 2004/39/EG van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de door beleggingsondernemingen in acht te nemen organisatorische eisen en voorwaarden voor de bedrijfsuitoefening en wat betreft de definitie van begrippen voor de toepassing van genoemde richtlijn;
3°de aanpassingsmaatregelen treffen nodig ingevolge de verordening 1287/2006 van de Commissie tot uitvoering van Richtlijn 2004/39/EG van het Europees Parlement en de Raad wat de voor beleggingsondernemingen geldende verplichtingen betreffende het bijhouden van gegevens, het melden van transacties, de markttransparantie, de toelating van financiële instrumenten tot de handel en de definitie van begrippen voor de toepassing van genoemde richtlijn betreft;
4°in geval van gebruik van de in artikel 3 van de voornoemde Richtlijn 2004/39/EG bepaalde mogelijkheid tot vrijstelling van de toepassing van de richtlijn van de in dat artikel gedefinieerde personen, de maatregelen nemen nodig om de conformiteit met de richtlijn te waarborgen, zoals onder meer het regelen van de vergunningsvoorwaarden en -procedure, de bedrijfsuitoefeningsvoorwaarden met inbegrip van de gedragsregels, de regels inzake vergunning en toezicht door de Commissie voor het Bank-, Financie-, en Assurantiewezen en de handhavingregels voor de aldus vrijgestelde personen, met inbegrip van de verplichtingen en verbodsbepalingen in hoofde van hun leiders of aandeelhouders met een gekwalificeerde deelneming;
5°de maatregelen nemen nodig om de conformiteit met de voornoemde uitvoeringsrichtlijn te waarborgen, ingeval van gebruik van de in artikel 4 van de uitvoeringsrichtlijn bepaalde mogelijkheid tot behoud, in de door de voornoemde uitvoeringsrichtlijn bestreken materies, van bestaande vereisten voor beleggingsondernemingen die verdergaan dan de richtlijn;
6°conform artikel 23 van de voornoemde richtlijn, de verplichtingen regelen van beleggingsondernemingen die verbonden agenten aanwijzen, alsook van de verbonden agenten;
7°conform artikel 24, derde en vierde lid, van de voornoemde richtlijn, ondernemingen en andere entiteiten als in aanmerking komende tegenpartijen erkennen.
§ 2.De krachtens dit artikel genomen besluiten kunnen de geldende wettelijke bepalingen wijzigen, aanvullen, vervangen, opheffen of coördineren, met inbegrip van het bepalen van de toepasselijke maatregelen, administratieve sancties en straffen bij niet-naleving van de regels.
De machtiging aan de Koning verleend in dit artikel, behoudens de machtiging tot coördinatie, vervalt achttien maanden na de inwerkingtreding van de voornoemde uitvoeringsrichtlijn.
De krachtens dit artikel genomen besluiten zijn van rechtswege opgeheven indien zij niet bij wet zijn bekrachtigd binnen vierentwintig maanden na de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.