Alle wetboeken › Sw. 2024

Boek 1 Algemene regels van het strafrecht › Hoofdstuk 4 Straffen

Afdeling 2 Verschoningsgronden

33–35

Art. 33

Definitie

De verschoningsgronden zijn in de wet omschreven omstandigheden die hetzij strafontheffing hetzij strafvermindering tot gevolg hebben.

Art. 34

Noodweerexces

Er is noodweerexces wanneer iemand op een onevenredige of niet noodzakelijke wijze reageert op een onrechtmatige, ernstige en ogenblikkelijke aanval tegen zijn persoon of tegen de persoon van een derde en deze reactie in direct causaal verband stond met de hevige gemoedsbeweging die door de aanval werd veroorzaakt.

Indien het misdrijf werd gepleegd met noodweerexces wordt de straf vervangen door een straf van niveau 3 indien op het gepleegde misdrijf een straf van niveau 8 of 7 is gesteld, door een straf van niveau 2 indien op het gepleegde misdrijf een straf van niveau 6, 5 of 4 is gesteld, en door een straf van niveau 1 indien op het gepleegde misdrijf een straf van niveau 3 of 2 is gesteld.

Indien op het gepleegde misdrijf een straf van niveau 1 is voorzien, moet de rechter die verschoningsgrond in overweging nemen bij het bepalen van de straf, die vervangen kan worden door een op het misdrijf gestelde bijkomende straf.

Art. 35

Minderjarigheid

Indien de dader minderjarig is op het ogenblik van het aannemen van de strafbare gedraging, wordt de door de wet voorziene straf vervangen door een straf van het onmiddellijk lagere niveau. Indien het gaat om een misdrijf waarop in de wet een straf van niveau 1 is gesteld, spreekt de rechter deze straf uit of, wanneer de wet voorziet in een bijkomende straf, kan hij deze bijkomende straf opleggen in plaats van deze hoofdstraf indien hij dit een gepaste straf acht.