Alle wetboeken › Oud Sw.

BOEK 2 - DE MISDRIJVEN EN HUN BESTRAFFING IN HET BIJZONDER. › TITEL III - MISDADEN EN WANBEDRIJVEN TEGEN DE OPENBARE TROUW.

HOOFDSTUK I - VALSE MUNT.

160–170bis

Art. 160

opgeheven

(Zie NOTA 1 onder TITEL) Hij die gouden of zilveren munten, in België of in het buitenland wettelijk gangbaar, namaakt, wordt gestraft met (opsluiting) van tien tot vijftien jaar.

Art. 161

opgeheven

(Zie NOTA 1 onder TITEL) Schennis van zulke munten wordt gestraft met (opsluiting van vijf jaar tot tien jaar).

Art. 162

opgeheven

Hij die munten van een ander metaal, in België of in het buitenland wettelijk gangbaar, namaakt of die munten uitgedrukt in euro namaakt, wordt gestraft met opsluiting van vijf jaar tot tien jaar.

De schuldige kan bovendien worden veroordeeld tot ontzetting van rechten, overeenkomstig artikel 33.

Art. 163

opgeheven

Verandering van zulke munten wordt gestraft met opsluiting van vijf jaar tot tien jaar.

Art. 164

opgeheven

(Opgeheven)

Art. 165

opgeheven

(Opgeheven)

Art. 166

opgeheven

(Opgeheven)

Art. 167

opgeheven

(Opgeheven)

Art. 168

opgeheven

Met dezelfde straffen als de vervalsers of als hun medeplichtigen, naar de onderscheidingen in de vorige artikelen gemaakt, worden gestraft zij die, in overleg met hen, deelnemen hetzij aan de uitgifte of aan de poging tot uitgifte van die nagemaakte of geschonden munten, hetzij aan het invoeren ervan op Belgisch grondgebied of aan de poging tot zodanig invoeren.

Art. 169

opgeheven

Hij die, zonder schuldig te zijn aan de deelneming, in het vorige artikel omschreven, met zijn weten zich nagemaakte of geschonden muntstukken aanschaft en deze in omloop brengt of poogt te brengen, wordt gestraft met gevangenisstraf van een maand tot vijf jaar.

Hij die nagemaakte of geschonden muntstukken invoert, uitvoert, vervoert, ontvangt of zich aanschaft met het oogmerk om deze in omloop te brengen, wordt gestraft met gevangenisstraf van acht dagen tot vijf jaar.

(Poging tot het wanbedrijf, in het vorige lid omschreven, wordt gestraft met gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden.)

Art. 170

opgeheven

Hij die nagemaakte of geschonden muntstukken, die hij voor goede ontvangen heeft, weer in omloop brengt, na de ondeugdelijkheid ervan te hebben vastgesteld of doen vaststellen, wordt gestraft met een boete van zesentwintig euro tot duizend euro.

(Poging tot het wanbedrijf omschreven in het vorige lid wordt gestraft met geldboete van zesentwintig euro tot tweehonderd euro.)

Art. 170bis

opgeheven

De artikelen 160, 161, 162, 163, 168 en 169 zijn zonder onderscheid van toepassing op de munten die reeds zijn uitgegeven en in omloop zijn gebracht als wettig betaalmiddel en op de munten die, hoewel zij bestemd zijn om in omloop te worden gebracht als wettig betaalmiddel, nog niet zijn uitgegeven.