Alle wetboeken › Oud BW

BOEK II Goederen en beperkingen van eigendom (art. 516–710bis)

TITEL II - EIGENDOM.

544–546

Art. 544

opgeheven

Eigendom is het recht om op de meest volstrekte wijze van een zaak het genot te hebben en daarover te beschikken, mits men er geen gebruik van maakt dat strijdig is met de wetten of met de verordeningen.

Opgeheven met ingang van 1 september 2021 door de wet 2020-02-04/16, die boek 3 (Goederen) in het nieuwe Burgerlijk Wetboek invoerde. Hierboven staat de tekst zoals die gold tot en met 31 augustus 2021. Of hij op een bepaalde situatie nog van toepassing is, hangt af van het overgangsrecht van dat boek.

Art. 545

(Opgeheven)

Art. 546

opgeheven

De eigendom van een roerende of een onroerende zaak geeft recht op al wat zij voortbrengt en op hetgeen, hetzij natuurlijk, hetzij kunstmatig, als bijzaak ermee verenigd wordt.

Dit recht wordt recht van natrekking genoemd.

Opgeheven met ingang van 1 september 2021 door de wet 2020-02-04/16, die boek 3 (Goederen) in het nieuwe Burgerlijk Wetboek invoerde. Hierboven staat de tekst zoals die gold tot en met 31 augustus 2021. Of hij op een bepaalde situatie nog van toepassing is, hangt af van het overgangsrecht van dat boek.