Alle wetboeken › Hypotheekwet

§ 2 WAARBORGEN TEN BEHOEVE VAN GEHUWDE VROUWEN. (Opgeheven. - Overgangsbepaling)

AFDELING II - Bedongen hypotheken.

73–80

Art. 73

(2124). Bedongen hypotheken kunnen alleen worden toegestaan door hen die bekwaam zijn om de onroerende goederen welke zij daarmee bezwaren, te vervreemden.

Art. 74

(2125). Zij die op een onroerend goed enkel een recht hebben dat opgeschort is door een voorwaarde, of in bepaalde gevallen kan worden ontbonden, of vatbaar is voor vernietiging, kunnen slechts een hypotheek toestaan die aan dezelfde voorwaarden of aan dezelfde vernietiging onderworpen is.

Art. 75

(2126). Goederen van minderjarigen en van onbekwaamverklaarden kunnen niet anders met hypotheek bezwaard worden dan wegens de oorzaken en met inachtneming van de vormen die bij de wet bepaald zijn.

(Tweede lid opgeheven)

Art. 76

(2127). De bedongen hypotheek kan slechts worden toegestaan bij een authentieke akte of bij een in rechte of voor notaris erkende onderhandse akte.

Volmachten tot het vestigen van hypotheek moeten in dezelfde vorm gegeven worden.

Art. 77

<Opgeheven bij W 2013-12-21/26, art. 65, 044; Inwerkingtreding: 10-01-2014>

Art. 78

(2129). De bedongen hypotheek is alleen dan geldig, indien hetzij de authentieke titel tot vestiging van de schuldvordering, hetzij een latere authentieke akte, een bijzondere opgave bevat van de aard en de ligging van ieder van de tegenwoordige onroerende goederen van de schuldenaar, waarop deze de hypotheek voor de schuldvordering toestaat.

Hypotheek kan niet worden gevestigd op toekomstige goederen.

Art. 79

(2131). Indien de met hypotheek bezwaarde onroerende goederen teniet zijn gegaan of beschadiging hebben geleden, zodat zij voor de zekerheid van de schuldeiser ontoereikend zijn geworden, is deze gerechtigd terugbetaling van zijn schuldvordering te eisen.

De schuldenaar wordt echter toegelaten tot het aanbieden van een aanvullende hypotheek, indien het verlies of de beschadiging buiten zijn schuld heeft plaatsgehad.

Art. 80

(2132). De bedongen hypotheek is slechts geldig voor zover het bedrag waarvoor zij is verleend, in de akte bepaald is.

Indien de schuldvordering die uit de verbintenis voortvloeit, voorwaardelijk is, wordt de voorwaarde vermeld in de beschrijving waarvan hierna sprake is.

(De hypotheek verleend tot zekerheid van een geopend krediet is geldig; haar rang wordt bepaald naar de dagtekening van haar inschrijving, ongeacht de tijdstippen waarop de door de kredietgever aangegane verbintenissen worden uitgevoerd, welke uitvoering door alle wettelijke middelen bewezen kan worden.

De kredietgever behoudt tegenover derden het recht om over de hypotheek te beschikken, zelfs indien verbintenissen op het krediet toe te rekenen, vertegenwoordigd zijn door verhandelbare papieren. Nochtans kan de houder van deze papieren door een verzet de gevolgen schorsen van akten van opheffing of andere, die aan zijn recht nadeel zouden toebrengen.

Het verzet moet betekend worden aan de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie en aan de kredietgever en het moet keuze van woonplaats in België bevatten als de verzetdoener in België noch zijn maatschappelijke zetel, noch een exploitatiezetel, noch zijn woonplaats heeft.

Het verzet wordt door de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie overgeschreven op de kant van de inschrijving, en van deze overschrijving wordt melding gemaakt onderaan op het origineel van het exploot. Het verzet heeft slechts gevolg gedurende twee jaren, indien het niet vernieuwd wordt; opheffing ervan kan bij een eenvoudig exploot verleend worden.)