Alle wetboeken › Ger.W.

DEEL IV Burgerlijke rechtspleging (art. 664–1385octiesdecies) › BOEK IV _ BIJZONDERE RECHTSPLEGINGEN. › HOOFDSTUK VIIIbis - Adoptie.

Afdeling 1bis - Bepalingen inzake de geschiktheid om te adopteren

1231-1/1–1231-1/14

Art. 1231-1/1

Deze afdeling is van toepassing in de gevallen bedoeld in de artikelen 346-1/1, eerste lid, en 361-1, van het Burgerlijk Wetboek.

Art. 1231-1/2

Het verzoek wordt bij eenzijdig verzoekschrift ingediend bij de familierechtbank. Het verzoekschrift wordt ter griffie neergelegd en ondertekend hetzij door de adoptant of de adoptanten, hetzij door hun advocaat.

Bij het verzoekschrift worden gevoegd:

1°het origineel of een voor eensluidend verklaard afschrift van de stukken vereist voor het onderzoek van het verzoek;

2°het attest waaruit blijkt dat de door de bevoegde gemeenschap georganiseerde voorbereiding werd gevolgd.

Art. 1231-1/3

§ 1.Om ontvankelijk te zijn, worden bij het verzoekschrift naast het attest bedoeld in artikel 1231-1/2, tweede lid, 2°, volgende stukken of gegevens gevoegd, voor zover ze niet beschikbaar zijn in de DABS of in het bevolkings- of vreemdelingenregister:

1°een afschrift van de akte van geboorte of hiermee gelijkgesteld stuk;

2°een bewijs van de nationaliteit;

3°een verklaring betreffende de plaats van inschrijving in het bevolkings- of, vreemdelingenregister, of bij gebrek hieraan, van de gewone verblijfplaats van de adoptant of van de adoptanten en van de geadopteerde;

4°een uittreksel van de huwelijksakte of een uittreksel van de verklaring van wettelijke samenwoning of nog het bewijs van meer dan drie jaar samenwonen.

§ 2.Bij ontvangst van het verzoekschrift gaat de griffier na of de bij het verzoekschrift ontbrekende documenten of gegevens beschikbaar zijn in de DABS of in het bevolkings- of vreemdelingenregister.

Indien de akte van geboorte of de huwelijksakte in België werd opgemaakt of in België werd overgeschreven voor 31 maart 2019, verzoekt hij de ambtenaar die de akte heeft opgemaakt of overgeschreven tot opname van de akte in de DABS.

§ 3.Als de vermeldingen van het verzoekschrift onvolledig zijn, of bepaalde informatie ontbreekt voor de inleidende zitting, nodigt de rechter de meest gerede partij uit om de nodige informatie te verstrekken of het dossier van de procedure te vervolledigen.

Elke partij kan ook zelf het initiatief nemen om het dossier samen te stellen.

Art. 1231-1/4

Binnen dertig dagen na het verzoek bedoeld in artikel 1231-1/2 beveelt de rechtbank ambtshalve, zonder bijeenroeping van de partijen, en bij beschikking, een maatschappelijk onderzoek teneinde inzicht te krijgen in de geschiktheid tot adopteren van de adoptant of de adoptanten. Dat bevel is niet vatbaar voor verzet of hoger beroep. Tijdens dit maatschappelijk onderzoek worden de diensten die door de bevoegde gemeenschappen zijn aangewezen, geraadpleegd.

Het verslag van het maatschappelijk onderzoek wordt neergelegd ter griffie binnen vier maanden te rekenen van de datum van dat bevel. Het wordt meegedeeld aan het openbaar ministerie.

Art. 1231-1/5

Naast de uitvoering van het maatschappelijk onderzoek bedoeld in artikel 1231-1/4 gaat het openbaar ministerie over tot een moraliteitsonderzoek van de adoptant of adoptanten, in het bijzonder door de raadpleging van hun strafregister. Het openbaar ministerie gaat na of de verzoekers bekwaam zijn om te adopteren en stelt een schriftelijk advies op dat acht dagen voor de zitting wordt neergelegd in het dossier van de rechtspleging.

Art. 1231-1/6

Binnen drie dagen na de neerlegging ter griffie van het verslag van het maatschappelijk onderzoek worden de adoptant of de adoptanten opgeroepen bij gerechtsbrief:

1°om kennis te nemen van het verslag; daartoe beschikken zij over een termijn van vijftien dagen;

2°om persoonlijk te verschijnen voor de rechtbank binnen de maand die volgt op het verstrijken van de in 1° bedoelde termijn.

Art. 1231-1/7

De familierechtbank spreekt zich daarna uit over de geschiktheid van de adoptant of de adoptanten om tot een adoptie over te gaan.

Het vonnis wordt met redenen omkleed. In geval van een positief vonnis wordt daarin opgave gedaan van het aantal kinderen dat de adoptant of de adoptanten kunnen adopteren, alsook van de eventuele beperkingen van hun geschiktheid.

Het vonnis mag slechts in een enkele procedure tot adoptie van een of meer kinderen worden aangewend. De geldigheid van het vonnis verstrijkt vier jaar na de uitspraak.

Art. 1231-1/8

Binnen drie dagen na de datum waarop het vonnis definitief is geworden, bezorgt de griffier een afschrift ervan aan de federale centrale autoriteit. Wanneer de adoptant of de adoptanten krachtens het vonnis geschikt zijn om te adopteren, bezorgt de griffier haar een afschrift van het in artikel 1231-1/5 bedoelde schriftelijk advies van het openbaar ministerie. De griffier stelt de adoptant of de adoptanten daarvan in kennis.

De federale centrale autoriteit past de artikelen 346-2/1 en 361-2 van het Burgerlijk Wetboek toe.

Art. 1231-1/9

De adoptant of de adoptanten kunnen bij eenzijdig verzoekschrift bij de familierechtbank die het oorspronkelijke geschiktheidsvonnis heeft uitgesproken om verlenging verzoeken van de termijn van hun geschiktheid om te adopteren. Het verzoekschrift wordt neergelegd ter griffie ten vroegste vijf maanden voor het verstrijken van de geldigheidsduur van het geschiktheidsvonnis en ten laatste op de laatste dag van de geldigheidsduur van het geschiktheidsvonnis. Het verzoekschrift wordt ondertekend door de adoptant of de adoptanten of door hun advocaat, en het verzoekschrift vermeldt dat de adoptant of de adoptanten een adoptieprocedure wensen verder te zetten.

De adoptant of de adoptanten bezorgen de bevoegde centrale autoriteit van de gemeenschap een afschrift van het verzoekschrift en een attest van gezinssamenstelling.

Art. 1231-1/10

Opdat het verzoek ontvankelijk zou zijn, worden daarbij de in artikel 1231-1/3 bedoelde documenten gevoegd, met uitzondering van het voor eensluidend verklaard afschrift van de geboorteakte of van het daarmee gelijkgesteld stuk.

Bovendien wordt de tussen de adoptant of de adoptanten en een erkende adoptiedienst ondertekende overeenkomst of het akkoord van de bevoegde centrale autoriteit van de gemeenschap over het adoptieplan als bijlage bijgevoegd.

Art. 1231-1/11

§ 1.Na de ontvangst van het verzoekschrift zendt de griffie onverwijld een kopie aan de bevoegde centrale autoriteit van de gemeenschap die alle relevante elementen onderzoekt.

§ 2.Indien uit dit onderzoek blijkt dat de toestand van de adoptant of de adoptanten geen wijzigingen heeft ondergaan die van aard zijn om de geschiktheid, vastgesteld door het oorspronkelijke geschiktheidsvonnis, te wijzigen, bezorgt de bevoegde centrale autoriteit van de gemeenschap binnen een maand aan de griffie een met redenen omkleed attest om de familierechtbank hierover te informeren.

§ 3.Indien uit dit onderzoek blijkt dat de toestand van de adoptant of de adoptanten wijzigingen heeft ondergaan die van aard zijn om de geschiktheid, vastgesteld door het oorspronkelijke geschiktheidsvonnis, te wijzigen, informeert de bevoegde centrale autoriteit van de gemeenschap de griffie hierover binnen een maand en gaat zij onverwijld over tot een actualisering van het maatschappelijk onderzoek.

De bevoegde centrale autoriteit van de gemeenschap bezorgt de griffie een actualisering van het verslag van het maatschappelijk onderzoek opgesteld in het kader van de procedure houdende vaststelling van de geschiktheid om te adopteren binnen een termijn van twee maanden te rekenen vanaf de ontvangst van de in paragraaf 1 bedoelde schriftelijke mededeling van de griffie.

De actualisering van het verslag van het maatschappelijk onderzoek gebeurt door de diensten die bevoegd zijn voor het opstellen van het verslag van het oorspronkelijk maatschappelijk onderzoek.

De actualisering bevat een evaluatie van de huidige situatie van de adoptant of de adoptanten en beschrijft de mogelijke elementen die een impact kunnen hebben op de geschiktheid om te adopteren.

§ 4.Indien de bevoegde centrale autoriteit van de gemeenschap de griffie niet binnen de in de paragrafen 2 en 3 bedoelde termijn van een maand informeert over de toestand van de adoptant of de adoptanten, worden de adoptant of de adoptanten geacht zich in een toestand te bevinden die overeenstemt met de in het oorspronkelijke geschiktheidsvonnis vastgestelde toestand. De griffie informeert het openbaar ministerie.

Het openbaar ministerie gaat over tot de actualisering van het moraliteitsonderzoek uitgevoerd in toepassing van artikel 1231-1/5. Hij stelt een schriftelijk advies op dat acht dagen voor de zitting wordt neergelegd in het dossier van de procedure.

Art. 1231-1/12

In de in artikel 1231-1/11, § 3, bedoelde gevallen, worden de adoptant of de adoptanten opgeroepen bij gerechtsbrief binnen drie dagen na de neerlegging ter griffie van de actualisering van het verslag van het maatschappelijk onderzoek, teneinde:

1°binnen een termijn van vijftien dagen kennis te nemen van het verslag;

2°persoonlijk te verschijnen voor de familierechtbank binnen de vijftien dagen die volgen op het verstrijken van de termijn bedoeld in de bepaling onder 1°.

Art. 1231-1/13

De familierechtbank doet uitspraak over de verlenging van de termijn van geschiktheid van de adoptant of de adoptanten om over te gaan tot een adoptie:

1°in de gevallen bedoeld in artikel 1231-1/11, § 2, binnen vijftien dagen na ontvangst van het met redenen omklede getuigschrift van de bevoegde centrale autoriteit van de gemeenschap, zonder bijeenroeping van de partijen, behalve indien de rechter beslist hen op te roepen;

2°in de gevallen bedoeld in artikel 1231-1/11, § 3, binnen vijftien dagen na de zitting;

3°in de gevallen bedoeld in artikel 1231-1/11, § 4, binnen vijftien dagen na het verstrijken van de termijn van een maand.

Het vonnis vermeldt in voorkomend geval het aantal kinderen dat de adoptant of de adoptanten kunnen adopteren, alsook de eventuele beperkingen van hun geschiktheid.

Het vonnis tot verlenging van de geschiktheidstermijn om te adopteren kan enkel dienen voor één procedure tot adoptie van een of meer kinderen.

De geldigheid van het vonnis verstrijkt twee jaar na het uitspreken ervan. Wanneer op het tijdstip van de indiening van het verzoekschrift echter een kind werd voorgesteld en aanvaard, kan de rechtbank bepalen dat de geldigheid van het vonnis tot verlenging van de geschiktheid wordt behouden tot aan de uitspraak van de adoptie.

Het vonnis tot verlenging van de geschiktheidstermijn om te adopteren gaat van kracht op de dag dat het voorgaande geschiktheidsvonnis verstrijkt.

De adoptant of de adoptanten kunnen opeenvolgende verzoekschriften tot verlenging van de termijn van hun geschiktheid om te adopteren indienen, in het kader van dezelfde adoptieprocedure.

Art. 1231-1/14

Binnen drie dagen na de datum waarop het vonnis definitief is geworden, bezorgt de griffier een afschrift van het vonnis aan de federale centrale autoriteit. Wanneer het vonnis de termijn van de geschiktheid om te adopteren verlengt, bezorgt de griffier haar ook een kopie van het schriftelijk advies van het openbaar ministerie bedoeld in artikel 1231-1/11, § 4, tweede lid. De griffier stelt de adoptant of de adoptanten daarvan in kennis.

De federale centrale autoriteit en de centrale autoriteit van de gemeenschap maken toepassing van de artikelen 346-2/1 en 361-2 van het Burgerlijk Wetboek.