Alle wetboeken › KB Overnamebiedingen

HOOFDSTUK I - Definities.

1

Art. 1

§ 1.Dit besluit strekt inzonderheid tot de gedeeltelijke omzetting van de Richtlijn 2004/25/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 betreffende het openbaar overnamebod.

§ 2.Voor de toepassing van dit besluit verstaat men onder:

1°" de wet ": de wet van 1 april 2007 op de openbare overnamebiedingen;

2°"kredietinstelling": een kredietinstelling onder het recht van een lidstaat van de EER, in de zin van de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op kredietinstellingen en beursvennootschappen;

3°"beursvennootschap": een beursvennootschap onder het recht van een lidstaat van de EER, in de zin van de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op kredietinstellingen en beursvennootschappen;

4°" EG-concentratieverordening ": Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad van 20 januari 2004 betreffende de controle op concentraties van ondernemingen of elke in vervanging of aanvulling genomen verordening.

5°" akkoord van onderling overleg " of " onderling overleg ": een akkoord als bedoeld in artikel 3, § 1, 5°, a) of b), van de wet, met dien verstande dat verbonden personen worden vermoed om een akkoord van onderling overleg te hebben gesloten of in onderling overleg te handelen. Een dergelijk akkoord of onderling overleg betreft, in het geval bedoeld in artikel 51, eveneens elk akkoord tussen de houders van effecten met stemrecht van de houdsteronderneming of van de persoon die haar controleert, aangaande de onderling afgestemde uitoefening van hun stemrechten, om een duurzaam gemeenschappelijk beleid ten aanzien van de houdsteronderneming of van de persoon die haar controleert, te voeren;

6°" houdsteronderneming ": de vennootschap, de andere rechtspersoon dan een vennootschap of een gelijkaardige constructie die meer dan 30 % van de effecten met stemrecht van een doelvennootschap houdt, voor zover zijn deelneming in de doelvennootschap in zijn laatst neergelegde statutaire jaarrekening meer vertegenwoordigt dan hetzij de helft van zijn netto-actief hetzij de helft van zijn gemiddelde nettoresultaten over de laatste drie boekjaren. Voor de berekening van de netto-actiefwaarde, wordt in ieder geval de waarde van de deelneming in de doelvennootschap gewaardeerd tegen marktprijs op basis van de toegepaste gewogen gemiddelde verhandelingsprijzen over de laatste dertig kalenderdagen vóór de verwerving bedoeld in artikel 51.