Boek II De gemeenrechtelijke misdrijven en hun straffen › Titel 8 Misdrijven tegen de Staat en zijn functioneren › Hoofdstuk 2 Misdrijven tegen de landsverdediging en de essentiële belangen van België
Afdeling 2 Uitlokken of veroorzaken van oorlog
565–568
Art. 565
Oorlogsuitlokking
Oorlogsuitlokking is elke machinatie of in verstandhouding treden met een vreemde Staat of een persoon die in het belang van die Staat handelt, gesteld met het oogmerk om een vreemde Staat tot het voeren van oorlog tegen België te bewegen of haar daartoe de middelen te verschaffen.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 7.
Art. 566
Geslaagde oorlogsuitlokking
Er is geslaagde oorlogsuitlokking indien de oorlogsuitlokking vijandelijkheden tot gevolg heeft.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 8.
Art. 567
Blootstelling aan oorlogsdreiging
Blootstelling aan oorlogsdreiging is het opzettelijk blootstellen van de Staat aan vijandelijkheden van een vreemde Staat door het stellen van vijandelijke handelingen die niet door de regering werden goedgekeurd.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 4.
Art. 568
Blootstelling aan oorlogsdreiging met vijandelijkheden tot gevolg
Indien de blootstelling aan oorlogsdreiging vijandelijkheden door een vreemde Staat tot gevolg heeft, wordt dit misdrijf bestraft met een straf van niveau 5.