Boek II De gemeenrechtelijke misdrijven en hun straffen › Titel 5 Valsheden
Hoofdstuk 2 Valsheid in geschriften of op andere duurzame dragers en het gebruik van valse stukken
451–454
Art. 451
Valsheid in geschriften of op andere duurzame dragers en het gebruik van valse stukken
§ 1.Valsheid in geschriften of op andere duurzame dragers is het met bedrieglijk opzet of met het oogmerk om te schaden produceren van valse stukken of vervalsen van de uiting van een gedachte in enig geschrift dat of op enige andere duurzame drager die, in samenhang met een rechtens relevant feit, tot bewijs kan dienen.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 3.
§ 2.Het gebruik van valse stukken is het met bedrieglijk opzet of met het oogmerk om te schaden gebruiken van de valsheid in geschriften of op andere duurzame dragers.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 3.
Art. 452
De verzwarende factoren bij de valsheid in geschriften of op andere duurzame dragers en het gebruik van valse stukken
Bij de keuze van de straf of de maatregel en de zwaarte ervan neemt de rechter in overweging dat:
1°de valsheid of het gebruik van valse stukken wordt gepleegd door een persoon met een openbare functie in het kader van de uitoefening van deze functie;
2°de valsheid of het gebruik van valse stukken betrekking heeft op een authentiek geschrift of een authentieke dager of op een geschrift of drager afgegeven door een overheidsinstantie.
Art. 453
Overdracht van een reis- of identiteitsdocument
Overdracht van een reis- of identiteitsdocument is het met bedrieglijk opzet of met het oogmerk om te schaden gebruiken, verschaffen aan een derde of verkrijgen van een derde, van een paspoort, een reisdocument, een identiteitskaart of een als zodanig geldend document, alsook van de formulieren die voor de afgifte ervan dienen, of het niet eerbiedigen van de daarin opgelegde verboden en beperkende voorwaarden.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 1.
Art. 454
Niet-eerbiediging van een beslissing tot intrekking van een paspoort, een identiteitskaart of een als zodanig geldend document
Niet-eerbiediging van een beslissing tot intrekking van een paspoort, een identiteitskaart of een als zodanig geldend document is het opzettelijk geen gevolg geven aan een door de bevoegde overheid genomen beslissing tot intrekking van een paspoort, een identiteitskaart of een als zodanig geldend document binnen de opgelegde termijn.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 1.